7.2. Grootmacht Rusland?

7.2. Grootmacht Rusland? 
1 / 29
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 29 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

7.2. Grootmacht Rusland? 

Slide 1 - Tekstslide

Rusland

Slide 2 - Woordweb

Poetin

Slide 3 - Woordweb

Slide 4 - Tekstslide

Rusland vs. de EU

Slide 5 - Tekstslide

Wat moet je kennen en kunnen?


• wat de overgang van een planeconomie naar een vrijemarkteconomie betekende voor Rusland
• wat de huidige kenmerken zijn van de Russische economie
• waarom Rusland een politieke en militaire (wereld) macht is
• wat de huidige demografische situatie in Rusland is
• wat de gevolgen van de demografische situatie zijn voor Rusland

Slide 6 - Tekstslide

Lees paragraaf 7.2. Grootmacht Rusland. Beantwoord de vragen in je schrift:
- Noem twee verschillen tussen het Rusland voor 1991 en het Rusland na 1991.
- Waar heeft Rusland haar welvaart voor het grootste deel aan te danken?
- Waarom is Rusland een politieke en militaire wereldmacht?
- De levensverwachting van Russische mannen is veel lager dan die van de vrouwen. Bedenk twee redenen waarom mannen in Rusland gemiddeld niet ouder dan 65 jaar worden.
- Het sterftecijfer in Rusland is ongeveer gelijk aan het geboortecijfer, toch groeit de bevolking. Hoe kan dat?
- Noem twee gevolgen van de huidige demografische situatie voor Rusland.

Klaar? Maak opdracht 1, 3, 4, 5, 6, 7 en 10 van paragraaf 7.2. 

Slide 7 - Tekstslide

Kenmerken van het communisme 
Macht
Eén partij heeft alle macht
Productiemiddelen
In handen van de staat
Overheid
Bepaalt prijzen, lonen
Prijzen/loon
Vastgesteld door de overheid
Ieder werkt naar vermogen en ontvangt naar behoefte
Concurrentie
Is er niet
Waarden
Samenwerken, commune = leefgemeenschap
Orientatie
Arbeiders over de hele wereld verenigd

Slide 8 - Tekstslide

B194 Productiemiddelen
Om iets te maken, heb je drie productiemiddelen nodig:
  1. Natuur = onderdelen van de natuur die nodig zijn voor de productie
  2. Arbeid = betaalde werk dat mensen verrichten om goederen te maken of diensten te verlenen
  3. Kapitaal = alle gebouwen, machines, hulpmiddelen en voertuigen die nodig zijn voor de productie

Slide 9 - Tekstslide

Planeconomie
  • De staat bepaalt wat er geproduceerd wordt.
  • De staat bepaalt hoeveel er geproduceerd wordt.
  • De staat bepaalt wie er produceren mag.


Slide 10 - Tekstslide

Vrijhandel verandert de wereld
Na het uiteenvallen van de SU wordt de vrijemarkteconomie het belangrijkste economische systeem.
Vrijemarkteconomie: Economisch systeem waarbij de productie in handen is van particuliere ondernemers en de prijs van goederen/diensten tot stand komt door vraag en aanbod.
V
Kenmerken vrijemarkteconomie:
- vrij ondernemerschap
- prijs komt tot stand door vraag en aanbod

V

Slide 11 - Tekstslide

Oligarchen

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

427 miljoen euro

Slide 14 - Tekstslide

108 miljoen euro

Slide 15 - Tekstslide

Politieke macht
  • 4% van  het bnp gaat naar het leger in Rusland (NL 1%)
  • Vetorecht bij de VN-veiligheidsraad:
    Rusland kan met zijn stem ieder voorstel blokkeren

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Geschat aantal Nucleaire wapens per land 

Slide 19 - Tekstslide

Tsar Bomba

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Video

De geschatte voorraad nucleaire wapens tussen 1945 - 2022

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Vat op basis van de voorgaande slider in minstens 100 woorden samen hoe je vind dat Rusland er voor staat

Slide 28 - Open vraag

Exit Ticket
Hoe goed heb je de les begrepen?
😒🙁😐🙂😃

Slide 29 - Poll