Bijles 7 Leyla

Bijles Leyla
1 / 70
volgende
Slide 1: Tekstslide
BedrijfseconomieVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 5

In deze les zitten 70 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Bijles Leyla

Slide 1 - Tekstslide

Waar hebben wij het vorige week over gehad?

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

MO = MK
Wat zijn minimum & maximumprijzen?

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Een nadeel van een maximumprijs is dat
A
De vraag naar het product kleiner is dan het aanbod
B
De consumenten een te hoge prijs betalen
C
Er te weinig aanbod is om aan de vraag te doen
D
De overheid moet gaan opkopen

Slide 23 - Quizvraag

Kies het goeie antwoord

Door een maximumprijs worden de 1... tegemoetgekomen. Door een maximumprijs 2... het producenten surplus.
A
1: consumenten; 2: groeit
B
1: producenten; 2: krimpt
C
1: consumenten; 2: krimpt
D
1: producenten; 2: groeit

Slide 24 - Quizvraag

Ligt de maximumprijs boven of onder de evenwichtsprijs
A
BOVEN
B
ONDER

Slide 25 - Quizvraag

Bij een maximumprijs ontstaat er een ....
A
aanbodoverschot
B
aanbodtekort
C
vraagoverschot
D
vraagtekort

Slide 26 - Quizvraag

een maximumprijs is er om de producent te beschermen
A
juist
B
onjuist

Slide 27 - Quizvraag

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Tekstslide

Bij een minimumprijs
van € 40, ontstaat er een
.......

A
aanbodoverschot van 50
B
aanbodoverschot van 100
C
aanbodoverschot van 200
D
evenwicht tussen vraag en aanbod

Slide 30 - Quizvraag

Een minimumprijs is ... dan de evenwichtsprijs
A
Hoger
B
Lager

Slide 31 - Quizvraag

Hier is sprake van ... bij het instellen van een minimumprijs
A
vraagoverschot
B
aanbodoverschot

Slide 32 - Quizvraag

Is dit een voorbeeld van een maximum- of minimumprijs
A
Maximumprijs
B
Minimumprijs

Slide 33 - Quizvraag

Een minimumprijs is ter bescherming van de
A
producent
B
consument

Slide 34 - Quizvraag

Slide 35 - Tekstslide

Slide 36 - Tekstslide

Slide 37 - Tekstslide

Slide 38 - Tekstslide

Slide 39 - Tekstslide

Slide 40 - Tekstslide

Slide 41 - Tekstslide

Slide 42 - Tekstslide

Slide 43 - Tekstslide

Slide 44 - Tekstslide

Slide 45 - Tekstslide

Slide 46 - Tekstslide

VANDAAG
MO = MK 
en
Differentiëren

Slide 47 - Tekstslide

Slide 48 - Tekstslide

Slide 49 - Tekstslide

Slide 50 - Tekstslide

Slide 51 - Tekstslide

Slide 52 - Tekstslide

Differentieren naar MK

Slide 53 - Tekstslide

Slide 54 - Tekstslide

Slide 55 - Tekstslide

Een ondernemer heeft te maken met een gegeven prijs. Als MO>MK zal bij uitbreiding van de productie met een eenheid
A
De winst dalen.
B
De omzet stijgen en de winst dalen.
C
De omzet stijgen en de winst stijgen
D
De omzet stijgen en de prijs stijgen

Slide 56 - Quizvraag

Ik zal het punt.... niet meer vergeten.
A
MO = MK
B
MO = MK
C
MO = MK
D
MO = MK

Slide 57 - Quizvraag

Want bij MO = MK is mijn
A
winst maximaal
B
winst maximaal
C
winst maximaal
D
winst maximaal

Slide 58 - Quizvraag

Bij MO = MK geldt ....
A
dat de winst 0 is
B
dat er sprake is van een break-even-punt
C
dat de winst maximaal is
D
het verlies minimaal is

Slide 59 - Quizvraag

Want bij MO = MK is mijn
A
winst maximaal
B
winst maximaal
C
winst maximaal
D
winst maximaal

Slide 60 - Quizvraag

Ik zal het punt.... niet meer vergeten.
A
MO = MK
B
MO = MK
C
MO = MK
D
MO = MK

Slide 61 - Quizvraag

Als MO>MK, dan
A
zal TW toenemen
B
zal TW afnemen
C
zal TW gelijk blijven

Slide 62 - Quizvraag

Bij MO = MK geldt ....
A
dat de winst 0 is
B
dat er sprake is van een break-even-punt
C
dat de winst maximaal is
D
het verlies minimaal is

Slide 63 - Quizvraag

Een ondernemer heeft te maken met een gegeven prijs. Als MO>MK zal bij uitbreiding van de productie met een eenheid
A
De winst dalen.
B
De omzet stijgen en de winst dalen.
C
De omzet stijgen en de winst stijgen
D
De omzet stijgen en de prijs stijgen

Slide 64 - Quizvraag

Bij MO = MK geldt ....
A
dat de winst 0 is
B
dat er sprake is van een break-even-punt
C
dat de winst maximaal is
D
het verlies minimaal is

Slide 65 - Quizvraag

Ik zal het punt.... niet meer vergeten.
A
MO = MK
B
MO = MK
C
MO = MK
D
MO = MK

Slide 66 - Quizvraag

Een ondernemer heeft te maken met een gegeven prijs. Als MO>MK zal bij uitbreiding van de productie met een eenheid
A
De winst dalen.
B
De omzet stijgen en de winst dalen.
C
De omzet stijgen en de winst stijgen
D
De omzet stijgen en de prijs stijgen

Slide 67 - Quizvraag

Als MO>MK, dan
A
zal TW toenemen
B
zal TW afnemen
C
zal TW gelijk blijven

Slide 68 - Quizvraag

Want bij MO = MK is mijn
A
winst maximaal
B
winst maximaal
C
winst maximaal
D
winst maximaal

Slide 69 - Quizvraag

Vragen?

Slide 70 - Tekstslide