Unit 4 (8)

1. Samen lezen blz. 134 voca 4.4
2. Blz. 35 opdracht 44 + 45
3. Uitleg grammar present simple
4. Lezen+luisteren blz. 36/37
5. Maken blz. 37 opdracht 47, 48, 
     50, 51
6. (af)maken in LB: 
       4.2 G **practise more**
     4.3 F **practise more**
     4.4 G **practise more** pagina 1-4
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

In deze les zitten 17 slides, met tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

1. Samen lezen blz. 134 voca 4.4
2. Blz. 35 opdracht 44 + 45
3. Uitleg grammar present simple
4. Lezen+luisteren blz. 36/37
5. Maken blz. 37 opdracht 47, 48, 
     50, 51
6. (af)maken in LB: 
       4.2 G **practise more**
     4.3 F **practise more**
     4.4 G **practise more** pagina 1-4

Slide 1 - Tekstslide

Present Simple 
  • Wat is de Present Simple?

  • Wanneer gebruik je de Present Simple?

  • Hoe maak je de Present Simple? 

Slide 2 - Tekstslide

present simple
Wat is de present simple

Slide 3 - Tekstslide

present simple
De present simple is het  werkwoord in de tegenwoordige tijd.


I write a letter

Let op: Bij he, she, it komt er een s achter het werkwoord. (SHIT-regel)
He writes a letter.
Tess writes a letter

Als een werkwoord eindigt op een o plak je er es achter
My sister goes to school.

Slide 4 - Tekstslide

present simple
We gebruiken de present simple als iets altijd, nooit of regelmatig gebeurt.

I always drink a cup of tea in the morning.



Aan welk woord in bovenstaande zin kun je zien dat je dit altijd doet?

Slide 5 - Tekstslide

present simple
Een aantal woorden waaraan je kunt zien dat je de present simple moet gebruiken:
always
usually
never
every day / month / year / morning / evening etc
often
etc.

Slide 6 - Tekstslide

present simple vragend
They write a letter.

Hoe maken we deze zin vragend

Slide 7 - Tekstslide

present simple vragend
Do they write a letter?

Tess writes a letter.

Hoe maken we deze zin vragend?

Slide 8 - Tekstslide

present simple vragend
Does Tess write a letter. 

Let op: als de vraag met does begint verdwijnt de s achter het werkwoord in de present simple.

Hoofdregel
Je maakt zinnen vragend door do of does (bij he, she, it) vooraan in de zin te zetten.

Slide 9 - Tekstslide

present simple ontkennend
They write a letter.

Hoe maken we deze zin ontkennend

Slide 10 - Tekstslide

present simple ontkennend
They  don't write a letter.

Tess writes a letter.

Hoe maken we bovenstaande zin ontkennend?

Slide 11 - Tekstslide

present simple ontkennend
Tess doesn't write a letter.

Let op: bij een ontkenning met doesn't verdwijnt de s achter het werkwoord in de present simple.

Hoofdregel
Je maakt zinnen ontkennend door don't of doesn't (bij he, she, it) voor het hele werkwoord te zetten.

Slide 12 - Tekstslide

present simple vragend
1. Karin goes to school.
2. My parents watch tv every evening.
3. You never do your homework.
4. My friends live in London.
5. This airline flies to Dublin every day.
6. I brush my teeth every evening.

Slide 13 - Tekstslide

*present simple ontkennend
1. Karin goes to school.
2. My parents watch tv every evening.
3. You never do your homework.
4. My friends live in London.
5. This airline flies to Dublin every day.
6. I brush my teeth every evening.

Ga nu naar de opdrachten in je boek.

Slide 14 - Tekstslide

Leren blz. 134/135 vocabulary 4.1 t/m 4.4  + blz. 136 phrases blok 1 t/m 4  + blz. 131/132  grammar t t/m 6

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Video

Present Simple

Slide 17 - Tekstslide