h4c poëzieopdracht en introductie uiteenzetting

Welkom H4c!
1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Welkom H4c!

Slide 1 - Tekstslide

Programma
1. 10 minuten lezen -- boek 3 moet eind week 12 uitgelezen zijn
2. Deadline poëzieopdracht vandaag 23.59 uur!
3. Je krijgt 20 minuten de tijd om te werken aan de poëzieopdracht, elkaar feedback te geven en vragen te stellen.
4. Introductie & Leerdoel 'Uiteenzetting'
5. Wat is een uiteenzetting? Hoe ziet een uiteenzetting eruit?
6. Afsluiting en vooruitblik

Slide 2 - Tekstslide

10 minuten lezen

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Straatpoëzie...in de natuur
Het belang van de boom, laten we het daar eens over hebben, moet een anonieme natuurliefhebber hebben gedacht. In het bos bij Doorn spotte Tinie Bakker het kerfwerkje, ietwat verstopt tussen de levende equivalenten van het plankje. 
Nog zo’n Monument voor een Gevallen Boom kwam tot ons via Annie Klasen, gevonden in Groenekan, waar een groene beuk herdacht wordt met een tekst gebaseerd op Aan een boom in het Vondelpark, een gedicht van M. Vasalis.                                                                       Bron: De Volkskrant, 5/3/2025

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

M. Vasalis (1909-1998) Vergezichten en gezichten (1954)

Aan een boom in het Vondelpark

Er is een boom geveld met lange groene lokken.
Hij zuchtte ruisend als een kind
terwijl hij viel, nog vol van zomerwind.
Ik heb de kar gezien, die hem heeft weggetrokken.

O, als een jonge man, als Hector aan de zegewagen,
met slepend haar en met de geur van jeugd
stromende uit zijn schone wonden,
het jonge hoofd nog ongeschonden,
De trotse romp nog onverslagen.




Uit: Vergezichten en gezichten (1954)
Uitgever: Van Oorschot

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Link

Leerdoel
Je leert de kenmerken, structuur en het schrijfdoel van een uiteenzetting en hoe je zelf een uitzetting kunt schrijven over het boek dat je nu aan het lezen bent.

Slide 9 - Tekstslide

Waar denk je aan bij een uiteenzetting? Wat weet je al van de uiteenzetting?

Slide 10 - Woordweb

Wat is een uiteenzetting?
A
een tekst waarin voor- en nadelen en diverse meningen worden gegeven over een onderwerp
B
een tekst waarin informatie en uitleg wordt gegeven over een onderwerp
C
een tekst waarin verslag wordt gedaan van een vraaggesprek
D
een tekst met een standpunt over een onderwerp onderbouwd door argumenten

Slide 11 - Quizvraag

Wat is het doel van een uiteenzetting?
A
amuseren
B
overtuigen
C
opiniëren
D
informeren

Slide 12 - Quizvraag

Is een uiteenzetting objectief of subjectief?
A
objectief
B
subjectief

Slide 13 - Quizvraag

In een uiteenzetting komt de mening van de schrijver niet aan bod.
A
waar
B
niet waar

Slide 14 - Quizvraag

Een uiteenzetting geeft antwoord op de 5W- en 1H-vragen.
Waar staat dit ook al weer voor?
A
wie, wat, waar, welke, waarom en hoe
B
wie, wat, wanneer, waardoor, welke en hoe
C
wie, wat, want, wanneer, waarom en hoe
D
wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe

Slide 15 - Quizvraag

Tussenkopjes passen niet in een uiteenzetting.
A
waar
B
niet waar

Slide 16 - Quizvraag

Wat is de hoofdgedachte van een uiteenzetting?
A
standpunt
B
mededelende zin
C
hoofdvraag
D
oplossing

Slide 17 - Quizvraag

Welke tekststructuur is niet geschikt voor een uiteenzetting?
A
vraag-antwoord
B
argumentatie
C
heden/verleden/ toekomst
D
aspecten

Slide 18 - Quizvraag

Wat is de opbouw van een uiteenzetting?
A
onderwerp - deelonderwerpen - slot
B
verschijnsel - bespreking - conclusie
C
inleiding - kern - slot
D
inleiding - toelichting - slot

Slide 19 - Quizvraag




Voorbeeld van 
een schrijfplan 
bij een 
uiteenzetting

Slide 20 - Tekstslide

Stel: je gaat een uiteenzetting schrijven over je boek. Welke deelonderwerpen kun je aan bod laten komen in je tekst?

Slide 21 - Woordweb

Even op een rijtje: wat zijn dus de kenmerken van een uiteenzetting?

Slide 22 - Open vraag

Lees de tekst 'Groei WAO geheel op rekening van vrouwen'.
Hoe kun je zien dat deze tekst een uiteenzetting is?
Betrek de tekst in je antwoord!

Slide 23 - Open vraag

Lees de tekst 'Groei WAO geheel op rekening van vrouwen'.
Waarom past het slot van deze tekst minder goed bij een uiteenzetting?

Slide 24 - Open vraag

Lees de tekst Doping is niet dope.
Hoe kun je zien dat deze tekst een uiteenzetting is?
Betrek de tekst in je antwoord!

Slide 25 - Open vraag

Lees de tekst Doping is niet dope.
Wat aan deze tekst past niet zo goed bij een uiteenzetting?

Slide 26 - Open vraag

Ik weet nu wat de kenmerken van een uiteenzetting zijn en dus wat een uiteenzetting is.
A
ja
B
nee
C
zo ongeveer

Slide 27 - Quizvraag

Uiteenzetting over je boek!
Welke deelonderwerpen kun je aan bod laten komen?
Welke bronnen kun je raadplegen?

Ga op zoek naar bruikbare bronnen over je boek.

Slide 28 - Tekstslide

Afsluiting en vooruitblik
Volgende les: dinsdag 11 maart
  • Meenemen: leesboek, schrift, pen én LAPTOP
  • Programma: uiteenzetting inleiding

Slide 29 - Tekstslide

h4c poëzieopdracht en introductie uiteenzetting

Slide 30 - Tekstslide