In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Onderdelen in deze les
Sociale psychologie: Week 4
Slide 1 - Tekstslide
Introductie en hypothese
Slide 2 - Tekstslide
Om te beginnen: Waar denken jullie aan bij agressie?
Slide 3 - Open vraag
Welke redenen werden gegeven voor het idee dat Amerikaanse Zuiderlingen agressiever zouden zijn dan de Noorderlingen?
Slide 4 - Open vraag
Bij een eercultuur lost men grotere problemen op met:
Bij relatief negatieve maar betekenisloze benaderingen toont men bij een eercultuur:
gewelddadige vergelding om de beschadigde status te herstellen
sneller vijandigheid en agressief gedrag
altijd respectvolle en eerbiedige benadering van de medemens, om zo de eigen status te verhogen
meer compassie en empathie
Slide 5 - Sleepvraag
Wat is volgens Cohen et al. de oorzaak van de eercultuur in het Zuiden van de verenigde staten?
A
De grondwet was voor de Noordelijke staten gunstiger dan voor de Zuidelijke staten, waardoor het Zuiden meer opstandigheid kent
B
In het Zuiden leefden veel herders die hun eigendommen moesten beschermen van dieven en ander gevaar
C
De autoriteiten waren vroeger corrupt of niet adequaat, waardoor men het heft vaker in eigen handen moest nemen
D
Er is een genetische factor die ervoor zorgt dat het sympatische zenuwstelsel sneller wordt geactiveerd.
Slide 6 - Quizvraag
Welke gevolgen, die Cohen et al. noemt als ondersteuning voor de hypothese, van de eercultuur zijn te merken in de Zuidelijke staten van de VS?
Slide 7 - Open vraag
Experimenten en resultaten
Slide 8 - Tekstslide
Noorderlingen:
Zuiderlingen:
meer geamuseerd na ‘botsing’, minder boos na ‘botsing’
minder geamuseerd na ‘botsing’, bozer na ‘botsing’
Slide 9 - Sleepvraag
Wat gebeurde er met de cortisol niveaus na de ‘botsing’?
A
Er was geen significant verschil in cortisol niveau tussen Noorderlingen en Zuiderlingen.
B
Noorderlingen hadden een hoger niveau van cortisol dan Zuiderlingen.
C
Zuiderlingen hadden een hoger niveau van cortisol dan Noorderlingen, maar dit verschil was niet significant.
D
Zuiderlingen hadden een hoger niveau van cortisol dan Noorderlingen en dit verschil was significant.
Slide 10 - Quizvraag
Maakte het wat uit of de participant in de experimenten ‘privé’ werd beledigd of ‘in het openbaar’?
Slide 11 - Open vraag
Kijk even naar deze kippen:
Kip AKip B
Slide 12 - Tekstslide
Bij de ‘Chicken Game’ in experiment 3 werd er gekeken op welke afstand participanten (nadat ze beledigd waren) uit zouden wijken voor een grote man die op hun af kwam lopen (‘chicken out’). Welke kip zouden de Zuiderlingen voorstellen in dit experiment?
A
Kip A
B
Kip B
Slide 13 - Quizvraag
Maar waarom?
Kip 1, want de Zuiderlingen doken op het laatste moment weg voor de man, terwijl de Noorderlingen al veel eerder uitweken. Er was dus geen sprake van geweld.
Slide 14 - Tekstslide
Wat gebeurde er met het gevoel van status van de Zuiderlingen nadat er ‘in het openbaar’ tegen hun aan was gelopen?
Slide 15 - Open vraag
De zuiderlingen waren daarna eerder geneigd om dominant gedrag te vertonen tegenover de persoon die de ''vernedering'' zag. Welk resultaat werd NIET gevonden in het experiment?
A
Zuiderlingen maakten meer oogcontact met de persoon die de vernedering zag
B
Zuiderlingen reageerden agressiever op de persoon die de vernedering zag
C
Zuiderlingen probeerden meer contact te maken met de persoon die de vernedering zag
D
Zuiderlingen probeerden contact met de persoon die de vernedering zag meer te ontwijken
Slide 16 - Quizvraag
Discussie
Slide 17 - Tekstslide
Welke verklaringen geeft de auteur voor het gegeven dat Zuiderlingen heftiger reageren dan Noorderlingen?
A
Doordat Noorderlingen bijna nooit heftige reacties tonen, vallen heftige reacties van Zuiderlingen sneller op en ontstaat er een bias.
B
Zuiderlingen wonen samen met grotere families in één huis, waardoor groepsdruk een grotere rol speelt.
C
Een confrontatie wordt door Zuiderlingen als een grotere belediging gezien, omdat de mensen in het Zuiden vaak beleefder zijn.
D
Zuiderlingen hebben andere overtuigingen/regels over wat ze moeten doen als ze beledigd worden
Slide 18 - Quizvraag
Waarom konden de resultaten van dit onderzoek niet aantonen of een publiekelijke belediging meer agressie opbrengt dan een belediging zonder anderen in de buurt?
A
Omdat het niet uitmaakt of een belediging publiekelijk of in privé gedaan wordt, waardoor er geen effect gevonden kon worden.
B
De manipulatie was zwak, de belediging zou met familie en vrienden als omstaanders plaats moeten vinden in plaats van mensen die de deelnemer nooit meer zou zien
C
Omdat de onderzoekers niet voldoende deelnemers hebben gerekruteerd die vatbaar waren voor het vertonen van agressie, waardoor het effect van publieke versus privé beledigingen niet kon worden vastgesteld
Slide 19 - Quizvraag
Waarom kunnen de resultaten niet worden gegeneraliseerd naar (het hogere aantal) moordzaken in het Zuiden?
Slide 20 - Open vraag
Welk woord omschrijft de Zuiderlingen volgens jullie het beste?
Slide 21 - Woordweb
Stellingen
Slide 22 - Tekstslide
Als iemand mij agressief benadert, heb ik het recht om met agressie terug te reageren
Eens
Oneens
Slide 23 - Poll
Als iemand mij agressief benadert, heb ik het recht om met een HOGERE MATE VAN AGRESSIE terug te reageren
Eens
Oneens
Slide 24 - Poll
Elke vorm van geweld is zinloos
Eens
Oneens
Slide 25 - Poll
Agressie is een legitieme handelswijze om doelen te bereiken
Eens
Oneens
Slide 26 - Poll
Agressief gedrag hanteren is een kwestie van grenzen stellen