Reactievergelijkingen

Reactievergelijkingen
Je oefent:
  • Het algemene stappenplan voor het opstellen van een RV
  • De RV opstellen voor verbrandings-, ontledings- en redoxreacties
  • De zuur-base reacties herkennen en de RV opstellen als alle stoffen gegeven zijn
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 5

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Reactievergelijkingen
Je oefent:
  • Het algemene stappenplan voor het opstellen van een RV
  • De RV opstellen voor verbrandings-, ontledings- en redoxreacties
  • De zuur-base reacties herkennen en de RV opstellen als alle stoffen gegeven zijn

Slide 1 - Tekstslide

Algemene stappenplan
  1. Schrijf het reactieschema op.
  2. Vervang de woorden door formules.
  3. Maak de RV kloppend door coëfficiënten VOOR de formules te plaatsen. Tip: begin met atoomsoorten die in weinig verschillende formules staan.
  4. Streep links en rechts dezelfde formules weg. Zorg ervoor dat de coëfficiënten zo klein mogelijk zijn (delen door 2).
  5. Check Check dubbel Check!!



Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Wat is een ontledingsreactie?

Bij een ontledingsreactie begin je met 1 stof.

Door middel van energie (warmte, licht of elektrische energie) worden de moleculen van de stof "gesloopt".

Er ontstaan dan meerdere stoffen.


Reactievergelijking:  AB --> A + B.

Slide 4 - Tekstslide

Voorbeelden van ontledingsreactie
Natriumchloride ---> natrium + chloor 
2 NaCl ---> 2 Na+Cl2

Water ---> waterstof + zuurstof
2 H2O ---> 2H2 + 02
Er zijn drie types ontledingsreacties.

Slide 5 - Tekstslide


Schrijf de ontledingsreactie op van waterstofchloride (HCl).

Slide 6 - Open vraag

Slide 7 - Tekstslide

Vormingsreactie
Bij deze reactie wordt een nieuwe stof of meerdere stoffen gevormd. 
Dit door twee of meer stoffen met elkaar te laten reageren. 
Vaak in combinatie met een verhaaltje waarin staat welke stoffen reageren.
A + B --> C +D 
E + F + G --> H

Slide 8 - Tekstslide


Door fosfor (P4) te laten reageren met zuurstof ontstaat difosforpentaoxide (P2O5).

Slide 9 - Open vraag

Slide 10 - Tekstslide

Verbrandingen
Verbrandingsreacties

Slide 11 - Tekstslide

Verbrandingsreacties 
Bij dit soort reactie heb je altijd nodig: 
(1): brandstof, (2): zuurstof en (3): ontbrandingstemperatuur. 

Brandstof + O2 --> oxides
Voorbeeld: 
CH4 + 2 O2 --> CO2 + 2 H2O  
Oxides:
C --> CO2 of CO
H --> H2O
S --> SO2
N --> NO2

Slide 12 - Tekstslide

Geeft de volledige verbrandingsreactie van Acetyleen (C2H4). Maak hierbij de reactie kloppend.

Slide 13 - Open vraag

Zuurbase reacties
Bij een reactie tussen een zuur en een base 
geeft het zuur H+ af aan de base
Je herkent een zuurbase-reactie dus aan 
het verplaatsen van H+ ionen
Voorbeeld:
CH3COOH + OH- --> CH3COO- + HOH (=H2O)

Slide 14 - Tekstslide

Opstellen zuur-base reactie
Een zuur-base is een reactie tussen een zuur en een base.
Er wordt een H+ overgedragen

                                          Tabel 49 is je beste vriend :)

Slide 15 - Tekstslide

Opstellen zuur-base reactie
Stap 1: Wat zijn de zuren en wat zijn de basen en welke deeltjes kunnen als beide reageren? (tabel 49)
Let op notaties!
Stap 2: Welk zuur staat het hoogste in de zuur kolom in tabel 49?
Stap 3: Welke base staat het laagste in de base kolom in tabel 49?
Stap 4: Stel de zuur-base reactie op.

Slide 16 - Tekstslide

Stap 1 Notaties zuur en base
1. notatie zuur HZ : sterk -> H+(aq) + Z-(aq)
                                        zwak -> HZ(aq)
2. notatie base B-: goed oplosbaar zout -> X+(aq) + B-(aq)
                                       slecht oplosbaar zout ->  XB(s)

Slide 17 - Tekstslide

Opstellen zuur-base reactie
Stap 1: Wat zijn de zuren en wat zijn de basen en welke deeltjes kunnen als beide reageren? (tabel 49)
Let op notaties!
Stap 2: Welk zuur staat het hoogste in de zuur kolom in tabel 49?
Stap 3: Welke base staat het laagste in de base kolom in tabel 49?
Stap 4: Stel de zuur-base reactie op door de deeltjes bij stap 2 en stap 3 links van de pijl te zetten. Het deeltje bij stap 2 geef een H+ af aan het deeltje van stap 3. Let op de lading!!

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

De reactie tussen azijnzuur en ammoniak
Stap 1: Wat zijn de zuren en wat zijn de basen en welke deeltjes kunnen als beide reageren? (tabel 49)

Zuur: CH3COOH
Base: NH3

Slide 20 - Tekstslide

De reactie tussen azijnzuur en ammoniak
Stap 2: Welk zuur staat het hoogste in de zuur kolom in tabel 49?
Stap 3: Welke base staat het laagste in de base kolom in tabel 49?

Hoogste zuur: CH3COOH
Laagste base: NH3

Het hoogste zuur moet boven de laagste base staan

Slide 21 - Tekstslide

De reactie tussen azijnzuur en ammoniak
Stap 4: Stel de zuur-base reactie op.

CH3COOH+NH3CH3COO+NH4+

Slide 22 - Tekstslide

Oefenen
ZuurBase:
https://kemia.nl/images/KEMIA/PDFs/Oefenen-HAVO/ZBReactievergelijkingen1.pdf
Algemeen RV:
opstellen:https://kemia.nl/images/KEMIA/PDFs/Oefenen-HAVO/KloppendMaken2.pdf

Slide 23 - Tekstslide