Sprachstadt Stunde 3 Camping/Restaurant

Sprachstadt Klasse 2 Stunde 3 Camping/ Im Restaurant
1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Sprachstadt Klasse 2 Stunde 3 Camping/ Im Restaurant

Slide 1 - Tekstslide

Heute auf dem Programm

1. Hausaufgaben aufschreiben 
2. Formativer Test: Wörterliste Camping NL-DE
3. Im Restaurant- Schreibaufgabe & Theateraufgabe
4. Verwandle das Klassenzimmer in ein echtes Restaurant
5. Zungenbrecher-Battle:Aussprache
Lernziele

1. Ich habe gelernt, wie man das "sch", "ch", "g", "ä", "u" und "ü" ausspricht.
2. Ich habe gelernt, wie ich als Kellner einen Gast fragen kann:
- nach der Reservierung,
- mit wie vielen Personen sie sind 
- und wo sie sitzen wollen.

Slide 2 - Tekstslide

(Haus)aufgaben
  1. Leer (elke dag minimaal 15 minuten) de zinnen van Im Restaurant van Nederlands naar Duits  achterin je projectboekje (en ook op Studygo) & herhaal Campingplatz → formatieve toets in de les
  2. Maak  in je projectboekje Im Restaurant/ Supermarkt de oefeningen/Aufgaben: 1, 2, 6.
  3. Let op!  8 mei 9:00 uur(=do. na de vakantie): Deadline Eindopdracht /tussenmeting blz 19 projectboekje Camping: inleveren video spontaan gesprek op de camping  

Slide 3 - Tekstslide

Formativer Test Wörterliste Camping
1. Ik ben hier met mijn broers en zussen. 
2. Met wie ben jij hier?  
3. Ik barbecue graag. 
4. Wat doe jij graag?
5. Ik heb na het ontbijt tijd. 
6. Wanneer heb jij tijd?
7. Ik heb alleen (nur) 's avonds tijd.
8. Laten we om kwart voor tien voor mijn tent afspreken.

Slide 4 - Tekstslide

Formativer Test Wörterliste Camping
1. Ik ben hier met mijn broers en zussen.  --> Ich bin hier mit meinen.Geschwistern
2. Met wie ben jij hier? -->  Mit wem bist du hier?
3. Ik barbecue graag. --> Ich grille gerne.
4. Wat doe jij graag? --> Was machst du gerne?
5. Ik heb na het ontbijt tijd. --> Ich habe nach dem Frühstück Zeit.
6. Wanneer heb jij tijd? --> Wann hast du Zeit?
7. Ik heb alleen (nur) 's avonds tijd. --> Ich habe nur am Abend Zeit.
8. Laten we om kwart voor tien voor mijn tent afspreken. Lass uns uns um Viertel voor zehn vor meinem Zelt treffen.

Slide 5 - Tekstslide

Zungerbrecher-Battle 
„Fischers Fritz fischt frische Fische,
frische Fische fischt Fischers Fritz –
für hungrige Gäste im feinen Fischrestaurant.“
 
Vertaling:
"Fritz van de familie Fischer vist verse vissen,
verse vissen vist Fritz van de familie Fischer –
voor hongerige gasten in het chique visrestaurant."

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Link

Aufgabe 5 Zungenbrecher-Battle - Aussprache
🎯 Doel: Je oefent je uitspraak op een speelse manier met een Zungenbrecher (tongbreker).
🧠 Oefen zelf (individueel):
Lees de zin rustig voor jezelf. Oefen daarna hardop.
 
🔍 Let goed op de uitspraak van deze klanken:
• sch →  Fisch, Fischrestaurant
(shj)
• ch → ich (iesj)
• g → Gäste (g klinkt als de g in goal)
• ä → Gäste ( ä klinkt als “eh”)
• u → hungrige (korte ‘oe’ klank)
• ü → für ( als de u in Utrecht)
💡 Je mag overdrijven bij het oefenen van de klanken!

Slide 8 - Tekstslide

Aufgabe 5 Zungenbrecher-Battle - Aussprache
Oefen de Zungenbrecher in tweetallen:
1. Jullie zeggen hem om de beurt.
2. Daarna zeg je hem tegelijk, zo duidelijk mogelijk.
3. Probeer hem steeds sneller te zeggen, maar wel zonder fouten.

📝 Reflectie
Welke klank vond jij lastig? Wat ging juist goed?

Slide 9 - Tekstslide

Aufgabe 5 Zungenbrecher-Battle - Aussprache
- Kies wie begint in je MC en ga dan met de klok mee.
- Spreek de zin zo goed mogelijk uit. De persoon rechts van je vult de scorekaart in.
- Vergelijk de scorekaarten: Wie wint op uitspraak, flair en tempo?
 



Slide 10 - Tekstslide

Im Restaurant-Schreibaufgabe 2 Seite 4: Ankommen & Platz nehmen 
🎯 Doel: Je schrijft een kort gesprek in het Duits over een restaurantbezoek. Tip! Gebruik zinnen uit de woordenlijst.
 
✍️ Schreibaufgabe:
Stel je voor: de gast komt aan bij jouw restaurant
Schrijf een gesprek tussen een klant en een ober bij binnenkomst.
Gebruik minstens 6 zinnen. Verwerk zinnen over begroeten, aantal personen en waar je wilt zitten. Let erop dat de ober begint met het gesprek.

Slide 11 - Tekstslide

🎭 Theateraufgabe 1: Spiele dein Ankommen und Platz nehmen-Gespräch auf Deutsch!  Seite 4
 In tweetallen. Bereid je scène voor en oefen met je duo om het straks uit je hoofd voor de klas te doen. 
  • Spreek af wie eerst de ober is en wie de klant.  De ober begint het gesprek.
  • Gebruik als basis het gesprek dat je in de oefening op blz 4 hebt geschreven, maar zorg dat niet weet wat de ander gaat zeggen.
  • Luister goed naar elkaar en reageer realistisch op elkaars antwoorden/vragen. 
  • Oefen met een goede uitspraak en intonatie. (niet voorlezen)
  • Maak het levendig!: Denk aan lichaamstaal en gezichtsuitdrukkingen.
Klaar? --> Wissel van rol
🎖️ Extra uitdaging en bonusopdracht: Alles improviseren!

Slide 12 - Tekstslide

🎭 Theateraufgabe 1: Zeit für den Auftritt
Iedereen speelt het gesprek 1 x uit voor zijn of haar MC of je docent kiest twee verschillende mensen uit om voor de klas te spelen. Hoe?
• Gebruik gebaren, en  mimiek  en luister goed om het realistischer te maken.
• Zorg voor een duidelijke uitspraak en oogcontact met het publiek.
• Wees niet bang om te improviseren als je iets vergeet! Gebruik gerust: Wie sagt man .... auf Deutsch?

Stap 4: Feedback geven en ontvangen 👍
Na elk optreden geven de luisteraars feedback: 1 top en 1 tip
✅ Was de uitspraak  goed en duidelijk?
✅ Reageerden de sprekers (logisch) op elkaar?
👀 Tip voor de klas:
Gebruik positieve feedback én tips voor verbetering. Bijvoorbeeld:
• Top! "Jullie spraken heel duidelijk, dat was fijn!"
• "Misschien kun je de volgende keer  beter naar elkaar luisteren en echt reageren op elkaars antwoorden"
• "De volgende keer kan je beter letten op de uitspraak van de "s". Die moet je uitspreken als" zzzz", Bijvoorbeeld in het woord "Ritzen"


Slide 13 - Tekstslide

Aufgabe 4 Seite 5/6: Verwandle das Klassenzimmer in einem echten deutschen Restaurant

Slide 14 - Tekstslide

Hausaufgaben machen: Aufgabe 1a&b auf Seite 3/4, Aufgabe 6 auf Seite 8/9

Slide 15 - Tekstslide

Doelen check:
1. Hoe spreek je de "sch", "ch", "g", "ä", "u" en "ü" uit?
2. Wie sagt man "Wilt u liever binnen of buiten zitten? auf Deutsch?

Slide 16 - Open vraag