Burgerij steeds machtiger en rijker, kerk verliest gezag.
In Nederland:
Tachtigjarige oorlog (1568-1648);
In 1587 Republiek der Verenigde Nederlanden;
Bloeiperiode in de Noordelijke Nederlanden;
Economische neergang Zuidelijke Nederlanden.
Slide 2 - Tekstslide
Kunst en cultuur: Renaissance*
* wedergeboorte
Nieuwe cultuurbeweging, ontstaan in 14e eeuw in Italië;
Men zet zich af tegen de middeleeuwse cultuur en laat de klassieke cultuur herleven.
Slide 3 - Tekstslide
Kenmerkend voor Renaissance
Antropocentrisme: leven op aarde net zo belangrijk als het hiernamaals (t.o.v. Theocentrisme)
Individualisme: mens maakt niet langer deel van een groter geheel (stand, kerk, dorp), ieder mens is uniek.
Empirisme: zelf onderzoek doen op basis van zintuigelijke ervaringen, niet zomaar overnemen wat autoriteiten zeggen.
Slide 4 - Tekstslide
1. Antropocentrisme
<> theocentrisme
Menselijke prestaties waren niet langer ingegeven door God, maar kwamen uit de persoon zelf voort.
Slide 5 - Tekstslide
2. Individualisme
Ieder was een individuele persoonlijkheid die tot grootse dingen in staat was, niet dankzij de gemeenschap waarin hij leefde, maar door zijn eigen verstand en wilskracht
3
Slide 6 - Tekstslide
Homo universalis
De ideale mens:
- is een uniek individu
- kan alles worden wat hij wil
- het geloof in eigen kunnen is grenzeloos.
Een universeel mens die op alle gebieden van de menselijke cultuur uitblonk.
Slide 7 - Tekstslide
Slide 8 - Tekstslide
3. Empirisme
het zelf onderzoeken/willen uitvinden hoe de natuur en de wereld in elkaar zitten.
--> Bloei van de wetenschap
Slide 9 - Tekstslide
Slide 10 - Tekstslide
(Cartografie)
(Bronnenonderzoek)
Slide 11 - Tekstslide
Geloof
Door individualisme en het empirisme bestudeerde men de Bijbel opnieuw.
Gevolg: Hervormingen met als doel het ware geloof in ere herstellen.
Hervorming/Reformatie/ Protestantisme
Let op: nog steeds veel analfabeten!
Slide 12 - Tekstslide
Gevolgen van de reformatie
Splitsing in de christelijke kerk (1517): ontstaan van de protestantse kerken (ook wel: hervormde- of gereformeerde kerk) naast de katholieke Kerk
Protestantse kerk spreekt veel (arme) mensen in West-Europa aan.
Vervolging van protestanten (ketters)
Slide 13 - Tekstslide
Slide 14 - Tekstslide
Kenmerken renaissancekunst
Realisme: natuurgetrouw, zo echt mogelijk (perspectief/uitbeelden karakter, gevoelens, relatie)
Estheticisme (= schoonheidsleer): kunst moet mooi zijn (symmetrie in kunst)
Classicisme: weergeven taferelen klassieke oudheid en mythologie
Slide 15 - Tekstslide
Kenmerken literatuur
3 kenmerken:
- Classicisme
- Estheticisme
- Realisme
Slide 16 - Tekstslide
Classicisme
- gevorderd schrijver
- een eigen stuk volgens klassiek stramien
Imitatio
(vertalen van klassieke teksten)
- beginnend schrijver
- vertaling van klassieke teksten
Translatio
- de ware meester
- toevoeging van christelijke elementen
Aemulatio
Slide 17 - Tekstslide
Estheticisme
- Kunst moest ook mooi zijn. Dat was in de
middeleeuwen nog niet zo.
- Ter lering ende vermaek
- Strenge regelgeving voor literatuur
- Taal moest verfijnd en elegant zijn
- De vorm van een literair werk was belangrijk
Slide 18 - Tekstslide
Realisme
Zo getrouw mogelijke weergave van de werkelijkheid
Personages gedragen zich als echte mensen met menselijke karaktertrekken