4.2 Wat kost productie?

1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 12 slides, met tekstslides.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Welkom, wat fijn dat jullie er zijn!

Bij binnenkomst
Stap 1: Jas in de kluis of op de gang.
Stap 2: Eten/drinken weg & kauwgom/lolly uit.
Stap 3: Open je boek op blz. 116 en open je schrift voor een opdracht.
Stap 4: Pak je rekenmachine en etui erbij.




Slide 2 - Tekstslide

Dit gaan we doen deze les
  1. Nieuwe uitleg 4.2
  2. Zelfstandig werken
  3. Nakijken
  4. Toets bespreken

Slide 3 - Tekstslide

In deze les leer je

  1. Wat milieuschade is
  2. Wat het verschil is tussen bedrijfskosten en maatschappelijke kosten
  3. Wat negatieve externe effecten zijn en hoe bedrijven duurzaam kunnen produceren.
  4. Wat het verschil is tussen een lineaire economie en kringloopeconomie.

Slide 4 - Tekstslide

Onze invloed op het 
milieu

Consumptie en productie brengen schade toe aan onze 
leefomgeving. Deze schade noemen wij milieuschade.

Deze milieuschade ontstaat door:
  • vervuiling van lucht, water en bodem
  • energieverbruik
  • verbruik van grondstoffen
  • afval.

Stap 1: Maak opgave 1 & 2 blz. 116-117
Stap 2: Maak opgave 1t/m 10 op blz.138
Stap 3: Maak 4.1 & 4.2 op blz. 136
Stap 4: Maak opgave 1 t/m 7 op blz. 140

timer
4:00

Slide 5 - Tekstslide

De vervuiler betaalt


Stap 1: Maak opgave 1 t/m 6 blz. 117-118
Stap 2: Maak opgave 1t/m 10 op blz.138
Stap 3: Maak 4.1 & 4.2 op blz. 136
Stap 4: Maak opgave 1 t/m 7 op blz. 140
timer
3:00
Maatschappelijke kosten
= alle nadelen die voor rekening komen van de samenleving,

bijvoorbeeld alles wat milieuschade veroorzaakt.

Beter is dat de vervuiler betaalt.
Maar dat gebeurt niet altijd.

Bedrijfskosten zijn kosten van:
  • een bedrijfspand
  • de machines
  • het personeel
  • reclame
  • transport
  • enzovoort.

Een bedrijf betaalt deze kosten zelf.



Slide 6 - Tekstslide

Oog voor de 
toekomst









Als consument help je door alleen duurzame producten te kopen.

Wereldwijd moet er nog veel gebeuren.
Dat staat in de duurzame ontwikkelingsdoelen van de VN.

Stap 1: Maak opgave 7 t/m 9 blz. 119-120
Stap 2: Maak 4.1 op blz.136
Stap 3: Maak opgave 1&2 op blz. 138
timer
3:00
Duurzaam produceren heeft geen nadelige gevolgen.
Er zijn dan geen negatieve externe effecten, dus geen nadelige gevolgen voor anderen. Ook niet in de toekomst.
Bedrijven produceren duurzaam als ze:
  • geen afval veroorzaken
  • geen water, lucht of bodem vervuilen
  • geen fossiele energie verbruiken
  • geen nieuwe grondstoffen verbruiken.
Stap 1: Maak opgave 10 t/m 12 op blz. 121
Stap 2: Maak opgave 1t/m 10 op blz.138
Stap 3: Maak 4.1 & 4.2 op blz. 136
Stap 4: Maak opgave 1 t/m 7 op blz. 140

Slide 7 - Tekstslide

Duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG's)

Slide 8 - Tekstslide

Goed afval is nooit 
weg
Recycling = van afval een nieuwe grondstof maken.

Voordelen van recycling:
  • Er hoeven minder grondstoffen uit de natuur gehaald te worden.
  • Er hoeft minder afval verbrand te worden.



Stap 1: Maak opgave 10 t/m 12 op blz. 121
Stap 2: Maak opgave 1t/m 10 op blz.138
Stap 3: Maak 4.1 & 4.2 op blz. 136
Stap 4: Maak opgave 1 t/m 7 op blz. 140

Slide 9 - Tekstslide

Goed afval is nooit 
weg
Recycling past bij een kringloopeconomie of circulaire economie.
Daarin is afval de grondstof voor nieuwe materialen.
In een kringloopeconomie worden producten:
  • langer gebruikt
  • hergebruikt.

Het tegenovergestelde van een kringloopeconomie is een lineaire economie.
Hier worden grondstoffen uit de natuur gehaald, producten worden na gebruik weggegooid.


Stap 1: Maak opgave 10 t/m 12 blz. 121
Stap 2: Maak 4.1 op blz.136
Stap 3: Maak opgave 1&2 op blz. 138

Slide 10 - Tekstslide

Zelfstandig werken
Stap 1: Maak opgave 7 t/m 12 blz. 119-121
Stap 2: Maak 4.1 & 4.2 op blz. 136
Stap 3: Maak opgave 1 t/m 10 blz. 138-139
Stap 4: Maak opgave 1 t/m 7 blz. 140
timer
4:00

Slide 11 - Tekstslide

Herhalen deze les

  • Wat is milieuschade?
  • Wat is het verschil tussen bedrijfskosten en maatschappelijke kosten?
  • Wat zijn negatieve externe effecten en hoe kunnen bedrijven   duurzaam produceren.
  • Wat is het verschil tussen een lineaire economie en     kringloopeconomie?

Slide 12 - Tekstslide