4.5 Romeinen en Germanen

Noem een overeenkomst tussen het christendom en jodendom?
1 / 14
volgende
Slide 1: Open vraag
GeschiedenisMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Noem een overeenkomst tussen het christendom en jodendom?

Slide 1 - Open vraag

Hoe waren de Romeinen in staat om een groot gebied te besturen? (Kies de juiste antwoorden)
A
Door het stichten van steden.
B
Door het aanleggen van wegen.
C
Door Romanisering
D
Door de bevolking te onderdrukken.

Slide 2 - Quizvraag

Wat was de Limes?
A
Reeks forten langs de grens om het rijk te beschermen
B
Een rang in het Romeinse leger
C
De natuurlijke grenzen van het rijk
D
Een soort van tweede kamer van de Romeinen

Slide 3 - Quizvraag

De limes in Nederland was een natuurlijke grens
A
Waar
B
Niet waar

Slide 4 - Quizvraag

Romanisering?

Slide 5 - Tekstslide

Welke keizer zorgde ervoor dat er godsdienstvrijheid kwam en de vervolging echt voorbij waren voor de christenen?
A
Keizer Nero
B
Keizer Constantijn
C
Keizer Theodosius
D
Keizer Augustus

Slide 6 - Quizvraag

Romeinen en Germanen 4.5

Slide 7 - Tekstslide

Lesdoelen

Slide 8 - Tekstslide

Crisis van de derde eeuw
  • Tot 180 n. Chr. was er rust en welvaart
  • Daarna onrust; grote groepen Germanen kwamen de grenzen over
  • Sterke keizers in de 2e eeuw konden dit nog aan
  • Vanaf 3e eeuw vaker ruzie over keizerstitel --> meer dan 50 keizers in 50 jaar
  • Keizers betaalden de soldaten steeds meer
  • Germanen kregen geld als ze niet aanvallen of betaald om andere groepen aan te vallen
  • Gevolg: economische problemen

Slide 9 - Tekstslide

Hervormingen van keizer Diocletianus 284-305
  •  Boeren worden gedwongen op het land te blijven
  • Stadsbewoners moeten hetzelfde beroep als hun vader beoefenen
  • Diocletianus bracht zo een bepaalde orde aan in de maatschappij -> ambtenaren om alles te controleren
  • Hij splitst het rijk in een West- en een
    Oost-Romeinse Rijk
    -> twee keizers + twee hulpkeizers
  • Gevolg: beter te besturen en verdedigen

Slide 10 - Tekstslide

Verval
  • Hervormingen werken helaas niet
  • Vanaf 4de eeuw langzame krimp: grensgebieden worden verlaten
  • Economische problemen en oorlogen zorgen voor bevolkingskrimp
  • Daarnaast beginnen de volksverhuizingen dankzij de Hunnen --> volken dringen het Romeinse rijk binnen
  • Zwakke Romeinse legers kunnen de volkeren niet tegenhouden

Slide 11 - Tekstslide

Val van Rome in 476
  • Romulus Augustulus laatste keizer West-Romeinse Rijk
  •  Wordt afgezet door Germaanse huursoldaten
  • Einde West-Romeinse Rijk
  • Langzaamaan vermengt de Germaanse bevolking met de oorspronkelijke bevolking
  • Begin middeleeuwen
  • Let op: Oost-Romeinse Rijk blijft bestaan tot 1453

Slide 12 - Tekstslide

Een Engelse historicus
schreef uitgebreid over de Romeinse geschiedenis in zijn boek "De geschiedenis van de achteruitgang en val van het Romeinse Rijk".
Past de splitsing van het Romeinse Rijk bij deze titel en bij dit boek?
A
Ja
B
Nee

Slide 13 - Quizvraag

Slide 14 - Link