Aan de hand van quizvragen gaan we checken wat jullie al wel/niet weten over voeding en bewegen.
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Onderdelen in deze les
Quiz over voeding en bewegen
Aan de hand van quizvragen gaan we checken wat jullie al wel/niet weten over voeding en bewegen.
Slide 1 - Tekstslide
Stellingen: waar of niet waar?
Slide 2 - Tekstslide
Wortels zijn goed voor je ogen
A
Waar
B
Niet Waar
Slide 3 - Quizvraag
Het klopt!
In wortels zit veel caroteen. Hiervan maakt je lichaam vitamine A. Vitamine A is goed voor je ogen, huid, groei en weerstand.
Slide 4 - Tekstslide
Appelsap is gezond
A
Waar
B
Niet waar
Slide 5 - Quizvraag
Helaas niet..
In appelsap zit veel suiker. Zo krijg je zonder dat je het doorhebt veel calorieën binnen. Thee zonder
suiker en water zijn een gezondere keuze.
Slide 6 - Tekstslide
Margarine op je brood is een goed idee
A
Waar
B
Niet waar
Slide 7 - Quizvraag
Klopt helemaal!
Vetten heb je nodig. In zachte margarine zitten goede vetten.
Smeer dat lekker op je boterham.
Slide 8 - Tekstslide
Je dunne darm is zes meter lang
A
Waar
B
Niet waar
Slide 9 - Quizvraag
Klopt ook!
Als een lange gekronkelde slang ligt-ie in je buik. Terwijl je eten door je dunne darm gaat, worden door je darmwand alle voedingsstoffen zoals suikers en vitamines opgenomen. Je bloed vervoert de voedingstoffen naar de rest van je lichaam.
Slide 10 - Tekstslide
Een aantal meerkeuzevragen over voeding:
Slide 11 - Tekstslide
Hoeveel groente en fruit zou een 14-jarige gemiddeld per dag moeten eten?
A
Dat verschilt per dag
B
1 opscheplepel groente en 1 stuks fruit
C
2 stuks fruit en 250 gram groente
Slide 12 - Quizvraag
Hoeveel suikerklontjes bevat een blikje energiedrank (250 ml)?
A
2 suikerklontjes
B
3 suikerklontjes
C
5,5 suikerklontjes
Slide 13 - Quizvraag
Het is belangrijk om voedingsmiddelen met veel vezels te eten omdat...?
A
Het zorgt voor een goede werking van de darmen
B
Je bloedvaten gezond blijven
C
Je dan beter kan bewegen
Slide 14 - Quizvraag
In welke producten zitten veel vezels?
A
In appelsap en een biscuitje
B
In volkorenbrood, groente en fruit
C
In vlees en vis
Slide 15 - Quizvraag
De volgende meerkeuzevragen gaan over bewegen:
Slide 16 - Tekstslide
Hoeveel minuten matig intensief bewegen (wandelen, fietsen) wordt voor jongeren aanbevolen per dag?
A
10 minuten
B
20 minuten
C
30 minuten
D
60 minuten
Slide 17 - Quizvraag
Wat is een voorbeeld van krachttraining?
A
Hardlopen
B
Zwemmen
C
Gewichtheffen
D
Wandelen
Slide 18 - Quizvraag
Welke sport is het meest geschikt om je uithoudingsvermogen te verbeteren?
A
Gewichtheffen
B
Yoga
C
Fietsen
D
Schaken
Slide 19 - Quizvraag
De beweegnorm voor jongeren
Om te voldoen aan de beweegnorm moet je als jongere 1 uur per dag matig intensief bewegen en 3x per week spier- en botversterkende activiteiten doen.
Slide 20 - Tekstslide
Hoeveel procent van de Nederlandse jongeren tussen 12 en 17 jaar voldoet aan de beweegnorm?
A
23%
B
39%
C
51%
D
66%
Slide 21 - Quizvraag
Hoe lang moet je fietsen om de calorieën van een appel te verbranden?
A
5 minuten
B
15 minuten
C
30 minuten
D
60 minuten
Slide 22 - Quizvraag
Hoe lang moet je fietsen om de calorieën van een pizza te verbranden?
A
40 minuten
B
55 minuten
C
1 uur en 10 minuten
D
1 uur en 30 minuten
Slide 23 - Quizvraag
Hoe lang moet je fietsen om de calorieën van een kleine kapsalon te verbranden?
A
1 uur
B
2 uur
C
3 uur
D
4 uur
Slide 24 - Quizvraag
Einde quiz
Aan de start van het Topfit project heb je nu gelijk al wat dingen geleerd over voeding en bewegen. We hopen dat je nog veel meer mag leren en er plezier aan beleeft! Heel veel succes!