les 3 in gesprek (kaartjes van betekenis)

In gesprek (kaartjes van betekenis)
1 / 13
next
Slide 1: Slide
Rouw en participatieMBOStudiejaar 2

This lesson contains 13 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

In gesprek (kaartjes van betekenis)

Slide 1 - Slide

Inhoud deze les
terugblik vorige les
met elkaar in gesprek (a.d.h.v. kaartjes van betekenis)

Slide 2 - Slide

benoem een rouw reactie

Slide 3 - Mind map

rouw reactie groepen
emotionele (verdriet, angst, agressie, opluchting, tevredenheid)
mentale (verward, gespannen, hopeloos, zelfmoordgevoelens)
lichamelijke (hoofdpijn, slaapproblemen, eet probleem)
spirituele (eenzaamheid, verlies van levenslust, angst voor eigen  dood)
gedrag (zoekgedrag, nerveus gedrag, opgewonden gedrag)

Slide 4 - Slide

wat zijn zaken die een rouw reactie mede bepalen?

Slide 5 - Mind map

 rouwreactie mede afhankelijk van:

  • de relatie met de overledene.
  • de leeftijd van de overledene.
  • geslacht van de rouwende.
  • de vooraf bestaande lichamelijke en geestelijke toestand van de rouwende (zelf ziek zijn, mentale sterkte, etc.)

Slide 6 - Slide

Zet de fases van Kubler Ross in de juiste volgorde
1
2
3
4
5
Woede
Aanvaarding
Onderhandelen
Ontkenning
Depressie

Slide 7 - Drag question

Slide 8 - Video

Kaartjes van Betekenis
  • zijn vragen die raken, 
  • die tot nadenken stemmen, 
  • die van betekenis zijn. 

Omdat ze gaan over wat belangrijk is in je leven. Gesprekken aan de hand van de Kaartjes van Betekenis dragen bij aan bewustwording rondom het levenseinde

Slide 9 - Slide

Doel
  • diepgang geven in de gesprekken, 
  • laten je nadenken over je eigen verhaal met betrekking tot dit thema 
  • leren je luisteren naar het verhaal van de ander.

Slide 10 - Slide

1 of 2 groepen
  • Je pakt om de beurt een kaartje . Je kan ervoor kiezen de vraag zelf te beantwoorden of de vraag door te geven aan iemand anders of terug te leggen. Blijf dicht bij jezelf, heb respect voor je eigen keuze en die van de ander.
  • je bent als groep verantwoordelijk voor het doorvragen en het gesprek op gang te brengen. 
  • LSD: luisteren samenvatten-doorvragen. Woorden die het doorvragen stimuleren: Wat, wie, waar, wanneer, welke, hoe?


Blijf als groep goed gericht op het groepsproces en mogelijke emoties bij de ander zorg voor veiligheid en vertrouwen.

Slide 11 - Slide

Klassikale terugkoppeling:

- Hoe is dit ervaren?
- Welk gevoel roept dit op? Ongemak/verdriet/weerstand etc.?
- Hoe zou je het vinden om met een cliënt over het levenseinde te praten
- Waar ben je je bewust van geworden bij jezelf?

Slide 12 - Slide

Einde

Slide 13 - Slide