3.2 de Franse Revolutie.2425

Hoe reageert koning Lodewijk XVI op deze smeekbede 
van één van zijn onderdanen?

1. ‘Niet mijn probleem’, en nietsdoen
"Het spijt me te horen dat mijn onderdanen lijden, maar een koning kan niet zomaar ingrijpen in de wetten van de economie. Het is de taak van de adel en de geestelijkheid om de armen te helpen. Ik zal bidden voor Frankrijk, maar ik kan niets veranderen."
2. Een kleine, symbolische maatregel
"Ik begrijp de nood van mijn volk en zal de koninklijke bakker opdracht geven om gratis brood uit te delen in Parijs. Maar de graanhandel moet vrij blijven en ik kan geen verdere maatregelen nemen."
3. ‘We zullen bespreken wat we kunnen doen….’
"Ik zal een vergadering bijeenroepen van mijn raadslieden en de Staten-Generaal om oplossingen te bespreken. Misschien kunnen we een tijdelijke verlaging van de graanbelastingen invoeren."



4. Een serieuze verandering!
"Ik zal maatregelen nemen om de graanprijzen te verlagen en extra voorraden vanuit andere delen van het koninkrijk naar Parijs laten brengen. Ook zal ik edelen en geestelijken verplichten om bij te dragen aan de voedselvoorziening voor de armen."

5. Volledige hulp én politieke verandering voor de toekomst
"Dit onrecht kan niet langer doorgaan. Ik zal de belastingdruk op het volk verlagen, de adel en geestelijkheid laten bijdragen en nieuwe wetten invoeren om eerlijker voedselverdeling te garanderen. Daarnaast zal ik luisteren naar de stem van mijn volk en werken aan een rechtvaardiger Frankrijk."

1 / 25
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

This lesson contains 25 slides, with interactive quiz, text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 40 min

Items in this lesson

Hoe reageert koning Lodewijk XVI op deze smeekbede 
van één van zijn onderdanen?

1. ‘Niet mijn probleem’, en nietsdoen
"Het spijt me te horen dat mijn onderdanen lijden, maar een koning kan niet zomaar ingrijpen in de wetten van de economie. Het is de taak van de adel en de geestelijkheid om de armen te helpen. Ik zal bidden voor Frankrijk, maar ik kan niets veranderen."
2. Een kleine, symbolische maatregel
"Ik begrijp de nood van mijn volk en zal de koninklijke bakker opdracht geven om gratis brood uit te delen in Parijs. Maar de graanhandel moet vrij blijven en ik kan geen verdere maatregelen nemen."
3. ‘We zullen bespreken wat we kunnen doen….’
"Ik zal een vergadering bijeenroepen van mijn raadslieden en de Staten-Generaal om oplossingen te bespreken. Misschien kunnen we een tijdelijke verlaging van de graanbelastingen invoeren."



4. Een serieuze verandering!
"Ik zal maatregelen nemen om de graanprijzen te verlagen en extra voorraden vanuit andere delen van het koninkrijk naar Parijs laten brengen. Ook zal ik edelen en geestelijken verplichten om bij te dragen aan de voedselvoorziening voor de armen."

5. Volledige hulp én politieke verandering voor de toekomst
"Dit onrecht kan niet langer doorgaan. Ik zal de belastingdruk op het volk verlagen, de adel en geestelijkheid laten bijdragen en nieuwe wetten invoeren om eerlijker voedselverdeling te garanderen. Daarnaast zal ik luisteren naar de stem van mijn volk en werken aan een rechtvaardiger Frankrijk."

Slide 1 - Slide

Hoe reageert koning Lodewijk XVI op deze smeekbede van één van zijn onderdanen?
1
2
3
4
5

Slide 2 - Poll

Leerdoelen
  • Je kunt beschrijven hoe de Franse Revolutie begon en wat daarvan de oorzaken waren.
  • Je kunt uitleggen welke politieke en sociale veranderingen het gevolg waren van de Franse Revolutie.
  • Je kunt uitleggen hoe de Franse Revolutie uitliep op een schrikbewind.

Slide 3 - Slide

3.2 De Franse Revolutie

Slide 4 - Slide

Wat is een revolutie?
  • Een snelle verandering die grote gevolgen heeft 

Slide 5 - Slide

Koning van Frankrijk
Lodewijk XIV (1638-1715)
Lodewijk XVI (1754-1793)
Koning 

Slide 6 - Slide

Geld problemen
  • Lodewijk XVI koning van Frankrijk
  • Grote schulden door oorlog
  • Frankrijk failliet !
  • In 1788 wilde Lodewijk daarom nieuwe belastingen invoeren.

Slide 7 - Slide

Staten- Generaal
  •  Daarvoor had hij de  goedkeuring van de Staten-Generaal nodig. 

  •  Al 175 jaar niet meer bij elkaar geweest.

  • Er ontstond al snel ruzie over de manier van stemmen...

Slide 8 - Slide

Een nieuwe volksvertegenwoordiging
  • 1e en 2e stand -> stemmen per stand (elke stand 1 stem​)
  • 3e stand -> stemmen per hoofd (elke persoon 1 stem)
  • De standen werden het niet eens en de 3e stand vertrekt.​
  • Zij verzamelen zich in de Kaatsbaan en zweren daar te blijven tot er een nieuwe grondwet is.
  • Nationale Vergadering wordt opgericht.


Slide 9 - Slide

Slide 10 - Video

Val van de Bastille
Begin Franse Revolutie
  • 14 juli 1789 Bestorming van de Bastille (aanleiding revolutie).
  • Opstand verspreidt zich naar het platteland (moordpartijen en plunderingen)
  • Frankrijk werd een Republiek
  • 14 juli --> nationale feestdag

Slide 11 - Slide

Leerdoel 1 De Franse revolutie heeft dus                 verschillende oorzaken: 
• De grote ongelijkheid en onrechtvaardigheid van het ancien
   regime;
• Het ontstaan van verlichte ideeën over de samenleving en het
   bestuur;
• Het geldtekort en schulden van de Franse staat.

Slide 12 - Slide

Leerdoel 2      Liberté, egalité, fraternité

  • Sociale gevolgen:
  1. Nationale Vergadering schaft de privileges van de eerste en tweede stand af.
  2. Verklaring van de rechten van de Mens en de Burger  (1789); grondrechten zoals vrijheid van meningsuiting en vrijheid van godsdienst

  • Geïnspireerd door Verlichtingsideeën


Slide 13 - Slide

1791 Grondwet klaar.
  • Politieke gevolgen:
  1. Een grondwet met daarin de scheiding van de drie machten (Montesquieu)
  2. Einde absolutisme: Nationale Vergadering maakt de wetten en Koning Lodewijk XVI moet deze wetten uitvoeren;
  3. Rijke burgers krijgen stemrecht voor de volksvergadering

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

3.2 De Franse Revolutie
Deel 2

Slide 16 - Slide

Leerdoel 3 De revolutie ontspoort
  • Veel edelen vluchten vanwege de veranderingen naar het buitenland.
  • 1791 Lodewijk XVI probeert te vluchten naar Pruisen, maar dit mislukt.
  • 1792 Oorlog met Pruisen en Oostenrijk.

Slide 17 - Slide

Frankrijk omsingeld

Slide 18 - Slide

De revolutie ontspoort
  • Augustus 1792 Lodewijk XVI wordt gearresteerd en beschuldigd van landverraad.
  • Monarchie afgeschaft. Frankrijk wordt een republiek.

Slide 19 - Slide

Gematigden
 De gematigden hadden de meerderheid in de Nationale vergadering. Ze wilden langzaam veranderen.

Veel Fransen waren ontevreden over het nieuwe bestuur, zelfs na grondwet van 1791:
  • Oorlogen verliepen slecht;
  • Armen hadden geen beter bestaan;
  • Gebrek aan politieke invloed.

Slide 20 - Slide

  • De Jacobijnen onder leiding van Robespierre komen in 1793 aan de macht

  • Dit waren radicalen. Ze wilden snel grote veranderingen en meer macht voor het gewone volk. Ze wilden de oude orde desnoods  met geweld omverwerpen.
Robespierrie (1758-1794)

Slide 21 - Slide

De revolutie wordt radicaler
 
Sep 1793- aug 1794 Terreur

Tienduizenden mensen onthoofd met de guillotine


Slide 22 - Slide

Slide 23 - Slide

Slide 24 - Video

Slide 25 - Video