6V Beco Res. 3.1

2.11.2
A
500 x (3,40 - 3) + 100 x (3,40 - 2,90)
B
600 x (3,40 - 2,80)
1 / 17
next
Slide 1: Quiz
BedrijfseconomieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

2.11.2
A
500 x (3,40 - 3) + 100 x (3,40 - 2,90)
B
600 x (3,40 - 2,80)

Slide 1 - Quiz

2.11.4
A
De berekende brutowinst is lager dan reeel
B
De berekende brutowinst is hoger dan reeel

Slide 2 - Quiz

2.11.6
A
Nadelig, 3,20 > 3,10
B
Voordelig, 3,10 < 3,20

Slide 3 - Quiz

Resultaattermen
Omzet = afzet x verkoopprijs

Brutowinst  = Omzet - Inkoopwaarde vd omzet
                 (brutoverkoopresultaat)                                                                                    

Nettowinst = Brutowinst - Bedrijfskosten

Slide 4 - Slide

Resultaattermen
Opbrengsten en kosten ivm financiering van een onderneming worden apart gehouden ( beter inzicht )

Financieringsresultaat = Interestopbrengsten - Interestkosten

Dit kan dus positief of negatief zijn

Slide 5 - Slide

Resultaat
Omzet
- Inkoopwaarde vd omzet
= Brutowinst
- Bedrijfskosten
+/- Financieringsresultaat
= Nettowinst

Slide 6 - Slide

Brutowinstmarge
Bij verkoop van verschillende producten wordt vaak gewerkt met brutowinstmarge in een percentage.

Bijvoorbeeld: 
brutowinst is 60% van de inkoopprijs
of
brutowinst is 20% van de omzet

Slide 7 - Slide

WHL hanteert een brutowinstmarge van 60% van de inkoopprijs. De omzet bedraagt € 1,2 miljoen.
Wat was de brutowinst?
A
€ 480.000,-
B
€ 750.000,-
C
€ 720.000,-
D
€ 450.000,-

Slide 8 - Quiz

N17 hanteert een brutowinstmarge van 20% van de verkoopprijs. De omzet bedraagt € 4,5 miljoen.
Wat was de inkoopwaarde?
A
€ 900.000,-
B
€ 3.750.000,-
C
€ 3.600.000,-
D
€ 750.000,-

Slide 9 - Quiz

THFC hanteert een brutowinstmarge van 20% van de verkoopprijs. De inkoopwaarde bedroeg € 8 miljoen. Wat was de omzet?
A
9,6 miljoen
B
10 miljoen
C
1,6 miljoen
D
2 miljoen

Slide 10 - Quiz

Brutowinstmarge
brutowinst is 60% van de inkoopprijs

inkoopprijs 100%
+ brutowinstmarge 60%
verkoopprijs 160%

Slide 11 - Slide

Brutowinstmarge
brutowinst is 20% van de verkoopprijs

inkoopprijs 80%
+ brutowinstmarge 20%
verkoopprijs 100%

Slide 12 - Slide

Opgave 3.4

Slide 13 - Slide

3.4.2
Welke bewering is juist?
A
320 = 60%
B
320 = 100%

Slide 14 - Quiz

3.4.3
Welke bewering is juist?
A
784 = 100%
B
784 = 140%

Slide 15 - Quiz

3.4.6
Welke bewering is juist?
A
660 = 60%
B
660 = 100%

Slide 16 - Quiz

Hw. opgave 3.2

Slide 17 - Slide