This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 30 min
Items in this lesson
Rekenen - verbanden en procenten
Slide 1 - Slide
Planning les:
Deel 1:
Pak je boek en pen
- zelfstandig werken in rekenboek 20 minuten
Deel 2:
Opstarten Chromebook
- rekenquiz / voorbereiden oefen Ivo's
timer
20:00
Slide 2 - Slide
In welke maand wordt er meer dan 800.000 kg strooizout verbruikt?
A
december
B
januari
C
februari
D
maart
Slide 3 - Quiz
Hoeveel procent van de jongens speelt per week 0 - 5 uur games?
A
62 %
B
72 %
C
46 %
D
26 %
Slide 4 - Quiz
Voor hoeveel procent is je batterij gevuld?
A
10%
B
30%
C
40%
D
80%
Slide 5 - Quiz
Hoeveel procent is gekleurd?
A
80 %
B
55%
C
20%
Slide 6 - Quiz
Hoeveel procent is dan 2/5?
A
20%
B
25%
C
30%
D
40%
Slide 7 - Quiz
Sorry! Omdat wij onze excuses willen maken, de McKroket nu met fikse korting. In plaats van 2 euro 50, nu tijdelijk voor 2,- euro! Hoeveel procent korting krijg je?
A
50%
B
10%
C
20%
D
25%
Slide 8 - Quiz
Hoeveel in procenten?
A
75%
B
25%
C
40%
D
4%
Slide 9 - Quiz
Hoeveel procent van de dieren in de dierenopvang waren katten?
A
8%
B
44%
C
32%
D
16%
Slide 10 - Quiz
Hieronder staat het verloop van de winst van een supermarkt. In welke jaren stijgt de winst van de supermarkt?
A
2003 t/m 2004
B
2005 t/m 2007
C
2008 t/m 2010
D
2003 t/m 2010
Slide 11 - Quiz
Margreet reist met de trein van Rotterdam Centraal naar Groningen. Zij heeft om vijf uur een afspraak in Groningen en wil reizen zonder overstap. Hoe laat moet zij uit Rotterdam vertrekken om op tijd te komen voor haar afspraak?
A
13:05
B
13:35
C
14:05
D
14:35
Slide 12 - Quiz
Veel mensen brengen een bezoek aan het Openluchtmuseum. Hoeveel bezoekers waren er in week 33 meer dan in week 32? ..... bezoekers
Slide 13 - Open question
Je ziet 4 figuren met sterren. Hoeveel sterren zou figuur 3 moeten hebben.
A
5
B
6
C
7
D
8
Slide 14 - Quiz
Koen gaat naar de middelbare school. Hieronder zie je zijn rooster. Hoeveel lesuren per week heeft hij wiskunde in de ochtend?
A
2 lesuren
B
3 lesuren
C
4 lesuren
D
5 lesuren
Slide 15 - Quiz
Anne en Roos willen samen op vakantie. Zij boeken een appartement voor een week in het hoogseizoen. Hoeveel moeten zij betalen voor het appartement?
A
€105,-
B
€110,-
C
€160,-
D
€165,-
Slide 16 - Quiz
Een groep leerlingen is gevraagd hoe ze die dag naar school zijn gekomen. In de tabel zie je de resultaten. Welke cirkeldiagram hoort bij de tabel?
A
Grafiek 1
B
Grafiek 2
C
Grafiek 3
D
Grafiek 4
Slide 17 - Quiz
Je brengt kranten rond. Welke uitspraak is juist?
A
Als je 50 kranten rondbrengt, krijg je €3,-
B
Als je 50 kranten rondbrengt, krijg je €8,-
C
Als je 100 kranten rondbrengt, krijg je €6,-
D
Als je 100 kranten rondbrengt, krijg je €16,-
Slide 18 - Quiz
Je ziet hier een overzicht van de uitgaven van de familie Noterenmaar in het eerste kwartaal van 2011. In welke maand heeft de familie het minst uitgegeven?
A
Januari
B
Februari
C
Maart
D
April
Slide 19 - Quiz
Noa (18 jaar) gaat met Bram (3 jaar) en Roos (4 jaar) naar het zwembad. Hoeveel entree moeten ze in totaal betalen?
A
Slide 20 - Quiz
In 2009 zijn meer hybride auto's verkocht dan in 2008. hoeveel meer?
A
5000
B
10000
C
15000
D
20000
Slide 21 - Quiz
De prijs van cola in Europa: Stelling 1: In Denemarken betaal je 4x zoveel als in Polen. Stelling 2: In Italië betaal je de helft van wat je in Denemarken betaalt.
A
Stelling 1 is juist
B
Stelling 2 is juist
C
Stelling 1 en 2 zijn juist
D
Stelling 1 en 2 zijn onjuist
Slide 22 - Quiz
In het staafdiagram zie je de verkoop van cd's in de maand december van muziekzaak "More Music"! Hoeveel cd's zijn er in totaal verkocht in de maand december?