Dienstverlening hoofdstuk 8

Lesdoelen: 
Je weet meer over het serveren van eten, afruimen, afwassen en opruimen
1 / 24
next
Slide 1: Slide
DienstverleningMBOStudiejaar 1

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Lesdoelen: 
Je weet meer over het serveren van eten, afruimen, afwassen en opruimen

Slide 1 - Slide

Waar let je op bij het bereiden van eten (hygiëne)?

Slide 2 - Open question

Slide 3 - Slide

Wat zou je op tafel zetten voor een broodmaaltijd?

Slide 4 - Mind map

Broodmaaltijd

Slide 5 - Slide

Wanneer jezelf opschept moet je bord leegeten! 

Slide 6 - Slide

Wanneer ruim je de borden af? 
Wanneer iedereen klaar is? 

Slide 7 - Slide

Broodjes bereiden
Bij het bereiden van broodjes kies je het soort brood en het beleg dat je wilt gebruiken. Je kunt kiezen uit:

Slide 8 - Slide

Stappenplan
Bak de broodjes af
Leg het beleg klaar
Kook de eieren
Beleg de broodjes
Serveer de broodjes

Slide 9 - Drag question

De houdbaarheidsdatum:
THT of TGT

Slide 10 - Slide

8.5 snacks en tussendoortjes
Je hebt veel verschillende soorten snacks en tussendoortjes:

Slide 11 - Slide

Zelfstandig werken
Maken tot blz. 217

Slide 12 - Slide

Welke manier van eten serveren vind jij fijn?
Buffet
Aan tafel

Slide 13 - Poll

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Slide

Welke bestek ligt er links van het bord?
A
mes
B
vork
C
theelepel
D
soeplepel

Slide 19 - Quiz

Waar wordt het glas geplaatst ten opzichte van het bord?
A
Rechts van het bord
B
Links van het bord
C
Onder het bord
D
Boven het bord

Slide 20 - Quiz

Welke vaardigheid is belangrijk tijdens het werken in de keuken?
A
samenwerken
B
alleen werken
C
negeren van instructie
D
veel praten tijdens het werk

Slide 21 - Quiz

Wat moet je doen met gekoelde producten in de keuken?
A
In de vriezer plaatsen
B
Buiten de koelkast bewaren
C
In de zon laten staan
D
Altijd de houdbaarheidsdatum checken

Slide 22 - Quiz

Opdracht 1
Bedenk in tweetal een lunchgerecht: een soep, een broodje, een salade. Het moet een een gerecht zijn met minimaal 5 ingredienten.

Slide 23 - Slide

Dit was de les!
Wat vond je van deze les?
😒🙁😐🙂😃

Slide 24 - Poll