Herhaling thema 5 2BK

Herhaling: Voortplanting en seksualiteit
1 / 42
next
Slide 1: Slide
Biologie / VerzorgingMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

This lesson contains 42 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Herhaling: Voortplanting en seksualiteit

Slide 1 - Slide

Rond de leeftijd van 12 komen jongens en meisjes in de....
A
Pubertijd
B
Kindertijd
C
Volwassen
D
Peutertijd

Slide 2 - Quiz

In de pubertijd krijg je sneller ruzie met je ouders
A
Waar
B
Niet waar

Slide 3 - Quiz

Wat is een transgender?
A
Een man die zich graag verkleedt als vrouw.
B
Iemand is geboren als man of vrouw, maar voelt zich van het andere geslacht.
C
Iemand die valt op mannen en vrouwen.

Slide 4 - Quiz

Bas heeft eerst een tijdje een relatie gehad met Eva. Nu heeft hij een relatie met Sjoerd. Bas voelt liefde voor Eva en voor Sjoerd. Welke voorkeur past hierbij.
A
biseksueel
B
heteroseksueel
C
homoseksueel

Slide 5 - Quiz

Hanna valt op meisjes. Hoe noem je haar seksuele voorkeur?
A
heteroseksueel
B
homoseksueel
C
biseksueel

Slide 6 - Quiz

Bij mannen worden de zaadcellen gemaakt in de...
A
Bijballen
B
Teelballen
C
Balzak
D
Zaadleider

Slide 7 - Quiz

Dit is waar over het maagdenvlies
A
Als je dit niet hebt heb je al eens seks gehad
B
Dit is een vlies over de vagina
C
Dit is een randje weefsel aan het begin van de vagina
D
Dit heeft elke vrouw

Slide 8 - Quiz

Als de man opgewonden raakt kan de penis stijf worden: hoe heet dat?
A
erectie
B
klaarkomen
C
orgasme

Slide 9 - Quiz

Welke bewering over gender is juist?
A
Gender bestaat uit eigenschappen en gedragingen.
B
Gender geeft aan wat je seksuele oriëntatie is.
C
Gender is hetzelfde als het geslacht dat je hebt.

Slide 10 - Quiz

Door te mastruberen kan een meisje zwanger worden.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 11 - Quiz

Wat wordt hiernaast
afgebeeld?
A
de Penis
B
een alien
C
de clitoris
D
een balondier

Slide 12 - Quiz

Wat is de functie van de clitoris?
A
Dit deel produceert slijm waardoor de toegang tot de vagina glad wordt
B
Dit deel vangt prikkels op die leiden tot een orgasme
C
In dit deel vindt bevruchting plaats
D
In dit deel vindt de ontwikkeling van eicellen plaats.

Slide 13 - Quiz

Een onbevrucht eicel kan 12 tot 24 uur leven.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 14 - Quiz

Wat is bevruchting?
A
Eicel en zaadcel raken elkaar
B
Kern van eicel en zaadcel versmelten
C
Eicel komt vrij uit de eierstok
D
Eicel nestelt dan in baarmoederslijmvlies

Slide 15 - Quiz

Vanaf de puberteit rijpt er om de vier weken een eicel in het lichaam van een meisje of vrouw. In welk onderdeel van het geslachtsorgaan worden de eicellen rijp?
A
eierstokken
B
eileiders
C
baarmoeder
D
vagina

Slide 16 - Quiz

Hoeveel eicellen produceert een vrouw?
A
1 per dag
B
1 per 4 weken
C
honderden per dag
D
> 100 miljoen per dag

Slide 17 - Quiz

Hoeveel zaadcellen produceert een man?
A
1 per dag
B
1 per 4 weken
C
honderden per dag
D
>100 miljoen per dag

Slide 18 - Quiz

Hoeveel dagen duurt ongeveer een menstruatiecyclus ?
A
10
B
14
C
28
D
35

Slide 19 - Quiz


Als de eerste dag van de menstruatiecyclus 4 januari is.
 Welke dag begint dan haar nieuwe menstruatiecyclus? 
A
1 februari
B
7 februari
C
14 februari
D
10-15 januari

Slide 20 - Quiz

Wat is een ander woord voor eisprong
A
Orgasme
B
Organisme
C
Ovulatie
D
Ovularen

Slide 21 - Quiz

Sexting is het sturen van seksueel getinte berichtjes of foto’s.

Wat is een risico van sexting?
A
Je kunt met deze berichtjes/ foto’s gechanteerd worden
B
De foto’s berichtjes kunnen op internet worden gezet (openbaar)
C
De foto’s of berichtjes kunnen (bijna) niet van internet verwijderd worden
D
Alle antwoorden kloppen

Slide 22 - Quiz

Welk deel zorgt voor de uitwisseling van zuurstof en voedingsstoffen?
A
Baarmoeder
B
Embryo
C
Eierstokken
D
Placenta

Slide 23 - Quiz

In welke volgorde gaan zaadcellen door het voortplantingsstelsel van de man?
A
bijballen – zaadleiders – teelballen – prostaat - urinebuis
B
teelballen – prostaat – bijballen – zaadleiders - urinebuis
C
bijballen – teelballen – prostaat – urinebuis - zaadleiders
D
teelballen – bijballen – zaadleiders – prostaat – urinebuis

Slide 24 - Quiz

Een balzak is een huidplooi waarin teelballen en bijballen liggen. De temperatuur is ....................dan in de buikholte. Dit is gunstig voor de ontwikkeling van spermacellen.
A
Hoger
B
Lager
C
Zelfde

Slide 25 - Quiz

Wat doen de teelballen?
A
Zaadcellen produceren
B
Zaadcellen opslaan
C
Zaadcellen vervoeren

Slide 26 - Quiz

In de teelballen wordt sperma gemaakt
A
Juist
B
Onjuist

Slide 27 - Quiz

'De rijpe eicel "springt" van de eierstok naar de eileider'
A
Ovulatie
B
Menstruatie
C
Innesteling
D
Bevruchting

Slide 28 - Quiz

Wanneer een man seksueel opgewonden is vullen de ...........zich met bloed en krijgt hij een erectie.
A
Balzakken
B
Zwellichamen
C
Teelballen

Slide 29 - Quiz

Bij een zaadlozing komt het sperma uit de urinebuis.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 30 - Quiz

Wat is sperma?
A
mannelijk zaad
B
vrouwelijk zaad
C
zaad, met vocht uit de zaadblaasjes en prostaat
D
Zaad, met vocht uit de bijbal

Slide 31 - Quiz

Bevruchting vindt plaats in de eileiders
A
waar
B
niet waar

Slide 32 - Quiz

Wat gebeurt er bij de menstruatie?
A
Alleen de onbevruchte eicel wordt verwijderd.
B
Het baarmoederslijmvlies wordt in gereedheid gemaakt voor een mogelijke innesteling.
C
De onbevruchte eicel en een deel van het baarmoederslijmvlies worden verwijderd.
D
Alleen een deel van het baarmoederslijmvlies wordt afgestoten.

Slide 33 - Quiz


Menstruatie is hetzelfde als...
A
Masturbatie
B
Ovulatie
C
Ongesteld zijn
D
Eisprong

Slide 34 - Quiz

Wat is menstruatie?
A
Dat een meisje een vrouw wordt
B
Dat een meisje borsten krijgt
C
Dat een meisje zwanger wordt
D
Dat een meisje bloed verliest elke maand

Slide 35 - Quiz

Wat is de functie van de eileider?
A
Vervoer eicel naar eierstok
B
Opslag eicel
C
Vervoer eicel naar baarmoeder
D
Ontwikkeling eicel

Slide 36 - Quiz

Wat gebeurt er op dag 14 in de menstruatie cyclus?
A
Ongesteld zijn
B
Ovulatie
C
Innesteling
D
Menstruatie

Slide 37 - Quiz

Een baby groeit bij vrouwen in de...
A
Vagina
B
Placenta
C
Eierstok
D
Baarmoeder

Slide 38 - Quiz

Hoe heet een baby voordat het 12 weken oud is?
A
Foetus
B
Embryo

Slide 39 - Quiz

Vanaf welke week in je zwangerschap wordt een embryo een foetus?
A
8
B
12
C
3
D
40

Slide 40 - Quiz

na hoeveel weken zwangerschap kun je met een echo het geslacht van de foetus bepalen?
A
ongeveer13 weken
B
ongeveer 20 weken

Slide 41 - Quiz

De foetus 'zwemt' in het vruchtwater, met daaromheen de vruchtvliezen.
Wat is de functie van het vruchtwater en de vruchtvliezen?
A
Bescherming tegen giftige stoffen, harde geluiden en stoten.
B
Bescherming tegen uitdroging, licht en geluid
C
Bescherming tegen stoten, uitdroging en temperatuurverschillen
D
Bescherming tegen temperatuurverschillen, giftige stoffen en licht

Slide 42 - Quiz