IBO 11

IBO  Assistent verkoop/retail
IBO 11
Voert werk uit bij het verzorgen/onderhouden van de werkplek
1 / 43
next
Slide 1: Slide
VerkooppraktijkPraktijkonderwijsLeerjaar 4

This lesson contains 43 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

IBO  Assistent verkoop/retail
IBO 11
Voert werk uit bij het verzorgen/onderhouden van de werkplek

Slide 1 - Slide

Schoonmaken in de winkel
Na vandaag weet ik:

* Waarom en hoe moet je schoonmaken
* Welke materialen en middelen ik moet gebruiken
* Hoe ik  veilig werk met schoonmaakmiddelen en materialen

Slide 2 - Slide

Waarom is een schone winkel belangrijk?
A
Dan kunnen klanten niet uitglijden
B
Zodat klanten meer schoonmaakproducten kopen
C
Omdat klanten hygiëne belangrijk vinden en sneller iets kopen
D
Klanten houden van een vieze winkel

Slide 3 - Quiz

Hygiëne
Vind jij hygiëne belangrijk?

Hygiënisch werken = schoon en veilig 

Slide 4 - Slide

Schoonmaakmaterialen
Schoonmaakmaterialen zijn spullen die je nodig hebt bij het schoonmaken.

Slide 5 - Slide

Schoonmaakmiddelen
Schoonmaakmiddelen zijn middelen die je gebruikt bij het schoonmaken. Je hebt schoonmaakmaterialen nodig om het schoonmaakmiddel te kunnen gebruiken. 

Slide 6 - Slide

Dit is een schoonmaakmiddel
A
Waar
B
Niet waar

Slide 7 - Quiz

Droog en nat reinigen
                                       Reinigen = schoonmaken

Nat vuil = nat reinigen                                Droog vuil = droog reinigen

Slide 8 - Slide

Schoonmaakplan
Veel winkels hebben een schoonmaakplan
In dit plan staat precies:
- WANNEER
- WAT en  
- HOE (WAARMEE) je iets moet schoonmaken. 

Slide 9 - Slide

Veiligheid bij schoonmaken
Let op de veiligheid van jezelf, jouw collega's en klanten. 

Klanten mogen niet uitglijden over een natte vloer.
Schoonmaakmiddelen mogen niet rondslingeren in de winkel.

Slide 10 - Slide

Veiligheid bij schoonmaakmaterialen
Let op de veiligheid van jezelf, jouw collega's en klanten. 
Voorbeeld:
Bij een stofzuiger moet je altijd het hele snoer uitrollen
Verkeerd gebruik van schrobmachine kan gevaarlijk zijn. 

Slide 11 - Slide

Veiligheid bij schoonmaakmiddelen
Let op de veiligheid van jezelf, jouw collega's en klanten. 
Het is belangrijk dat je de veiligheidssymbolen kent. 

Slide 12 - Slide

Aan de slag!

Opdr. 1 t/m 10 zijn af? (m.u.v. 7, 8 en 9)
Dan nu aan de slag met opdr. 7 & 8! 

Slide 13 - Slide

Vloeren schoonmaken

* Hoe en waarom moet je vloeren schoonmaken
* Welke materialen en middelen gebruik je hierbij

Slide 14 - Slide

Vloeren schoonmaken
- verschillende soorten vloeren
- verschillende soorten vuil
- verschillende soorten schoonmaakmaterialen en middelen

Slide 15 - Slide

De werkplek (vloer) voorbereiden

1. plaats maken
2. spullen op veilige plek zetten


Slide 16 - Slide

Schoonmaakmaterialen en middelen voor vloeren
                                                  
Tegels en hout:                                                            Vloerbedekking:
Materialen:                                                                     Materialen:
Bezem                                                                              Stofzuiger
Stoffer en blik
Zwabber
Schrobmachine (bij tegels)
Middelen:                                                                        Middelen:
Allesreiniger                                                                    -

Slide 17 - Slide

Schoonmaken tegels of hout
1. schoonmaakspullen klaarzetten
2. werkplek voorbereiden (opruimen)
3. vloer vegen met bezem
4. vuil bij elkaar vegen
5. vuil opruimen met stoffer en blik]
6. controleren of los vuil weg is
7. vloer dweilen (niet te veel water)
8. waarschuwingsbord neerzetten
9. alle materialen opruimen

Slide 18 - Slide

Dweilen
1. dopje allesreiniger in het water
2. zwabber in het water
3. zwabber uitwringen
4. naar de uitgang toewerken
5. begin met dweilen,  links naar rechts en rechts naar links
6. bij de volgende baan stukje van de vorige baan meenemen
7. niet te nat dweilen
8. eindig bij de uitgang, niet meer over de vloer lopen

Slide 19 - Slide

Opruimen
Als je klaar bent met de vloeren moet je alles weer opruimen

Schoonmaakmaterialen en middelen moeten weer door jou en jouw en collega's teruggevonden kunnen worden.

Het kan gevaarlijk zijn als er schoonmaakmaterialen en middelen in de winkel liggen.  

Slide 20 - Slide

Aan de slag!
Maken opdrachten; 11, 13,17, 18, 25, 26, 29, 30, 35 t/m 43

Slide 21 - Slide

 Ramen wassen
* Waarom en hoe moet je ramen wassen
* Welke materialen en middelen gebruik je hierbij

Slide 22 - Slide

Ramen in een winkel
Een winkel heeft een etalage zodat klanten de producten goed kan laten zien.
Ook zit er vaak glas in de deur.
De deur wordt vaak aangeraakt door klanten en wordt dus snel vies. 

Slide 23 - Slide

Werkplek voorbereiden
Voordat je gaat schoonmaken moet je ervoor zorgen dat je er goed bij kunt. Producten die in de weg staan of nat kunnen worden zet je aan de kant
Onthoud goed waar de producten stonden, zodat je ze op de juiste plaats terug kunt zetten

Slide 24 - Slide

Schoonmaakmaterialen en middelen om ramen te wassen

* Emmer
* Spons
* Wisser/trekker
* Zeem
* Schoonmaakmiddel
* Stoffer
* Schoonmaakdoekje
(* Trap)

Slide 25 - Slide

Ramen wassen
1.  schoonmaakspullen klaarzetten
2. werkplek voorbereiden
3. neem de kozijnen af
4. was de ramen
5. controleren of het schoon is en op strepen
6. producten terugzetten
7. spons en zeem uitspoelen en laten drogen
8. alle materialen opruimen

Slide 26 - Slide

Hoe was je een raam?
1. met stoffer het houtwerk schoonmaken
2. druppeltje allesreiniger in het water
3. het kozijn afnemen met een natte doek of spons
4. doop de spons in het water en knijp hem uit
5. was het raam met een spons
6. begin met wissen aan de  linkerkant
7. maak banen naast elkaar van boven naar beneden
8. bij elke baan neem je een stukje van de vorige baan mee
9. als de wisser nat is, maak je hem droog met de zeem
10. maak met de zeem de randen en hoekjes droog
11. maak met het doekje de vloer schoon

Slide 27 - Slide

Opruimen
Als je klaar bent met ramen wassen moet je alles weer opruimen.
Schoonmaakmaterialen en middelen moeten weer door jou en jouw en collega's teruggevonden kunnen worden.

Het kan gevaarlijk zijn als er schoonmaakmaterialen en middelen in de winkel liggen.  

Slide 28 - Slide

Ergonomie
Ergonomie gaat over verstandig met je lichaam omgaan tijdens het werk.  

*  hoe je dingen tilt
*  hoe je staat
* hoe je beweegt

Slide 29 - Slide

Lichaamshouding tijdens ramen wassen
* De trap op een vlakke ondergrond zetten
* de emmer halfvol doen, dat is minder zwaar om te tillen
* de emmer op een verhoging zetten, minder bukken
* met 1 hand de trap vasthouden
* de trap verzetten, niet uitrekken
* op de goede hoogte gaan staan, tussen schouder en heup 
* draaien met je hele lijf, niet alleen met je rug

Slide 30 - Slide

Schoonmaken van presentatiemeubelen

* Hoe maak je presentatiemeubelen schoon
* Welke middelen gebruik je hierbij

Slide 31 - Slide

Presentatiemeubelen
In bijna alle winkels worden artikelen gepresenteerd in presentatiemeubelen.
kledingmeubelen - vitrines - schappen

Slide 32 - Slide

Schappen schoonmaken
Schappen in de winkel worden vies. Producten kunnen lekken of er komt stof op.
Het schoonmaken van schappen doe je in 3 stappen:

1.  voorbereiden
2. uitvoeren
3. opruimen

Slide 33 - Slide

1. Voorbereiden
- Wat voor soort vuil ligt er in het schap 
(stof = stofdoek)
(vlekken = natte doek)
(kapot pak macaroni = stoffer en blik)

- Welke hoogte heeft het schap
(heb je een trap nodig?)

Slide 34 - Slide

2. Uitvoeren
Klaarzetten:
- Emmer met water en allesreiniger
- Schoonmaakdoekje
- Droge doek
Schap leeg halen:
- Artikelen in een krat of winkelwagentje zetten
Schap schoonmaken:
- Schap schoonmaken 
- Schap afdrogen
- Producten terugzetten (FIFO)
- Spiegelen (alle producten naar voren halen)
  

Slide 35 - Slide

3. Opruimen 
Schoonmaakmaterialen en middelen opruimen:
- Doekje uitwringen en in de was
- Emmer water legen, op de kop terugzetten
- Navragen bij begeleider of het goed is gegaan

Slide 36 - Slide

Vitrine schoonmaken
Het schoonmaken van een vitrine doe je in 3 stappen:


1. voorbereiden
2. uitvoeren
3. opruimen

Slide 37 - Slide

1. Voorbereiden
- Wat is er vies?
(binnenkant en/of buitenkant)
-Kan je er goed bij
(heb je een sleutel nodig?)

Slide 38 - Slide

2. Uitvoeren
Klaarzetten:
- Ruitenreiniger
- Doekje
Zorg dat je er goed bij kunt:
- als het nodig is producten op een veilige plek zetten
Vitrine schoonmaken:
-  Ruitenreiniger op glas spuiten (niet te veel!)
-  Glas schoonmaken met doekje
- Producten terugzetten 
-Zet de artikelen weer terug
- Vitrine op slot

Slide 39 - Slide

3. Opruimen
- Schoonmaakmaterialen en middelen opruimen
- Navragen bij begeleider of het goed is gegaan

Slide 40 - Slide

Opruimen en afronden

* Opruimen, afval scheiden en milieu
* Melden bij je leidinggevende

Slide 41 - Slide

Opruimen
Nadat je hebt schoongemaakt ruim je alle materialen en middelen weer op. Deze spullen hebben vaste plek. Zo kunnen jij en je collega's alles de volgende keer weer makkelijk vinden. 

Slide 42 - Slide

Afval

Slide 43 - Slide