H2F: 2.1 Handel en nijverheid in de Republiek

Neem voor je: 
- Memo boek en schrift (hoek tafel)
- Leerboekje (blz. 7)
- Laptop (LessonUp)
1 / 21
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Neem voor je: 
- Memo boek en schrift (hoek tafel)
- Leerboekje (blz. 7)
- Laptop (LessonUp)

Slide 1 - Slide

Planning
- Uitdelen en bespreken leerboekje
- Uitleg paragraaf 2.1
- Opdracht

Slide 2 - Slide

Hoofdstuk 2: Gouden Eeuw
In het lokaal: Meeschrijven in het schema. 
Leerplein/ thuis: Leerdoelen uitwerken als samenvatting. 
Leerplein/ thuis: Opdrachten Memo

Slide 3 - Slide

Leerdoelen
- Je kunt een beschrijving geven van de economie van de Republiek. 

- Je kunt uitleggen hoe de economie van de Republiek onderdeel werd van de wereldeconomie en welke rol de VOC en de WIC daarbij hadden. 

- Je kunt een verband leggen tussen de driehoekshandel, de slavenhandel en de plantageslavernij. 

Slide 4 - Slide

Handelskapitalisme
- Handel belangrijkste inkomsten Republiek.

- Handelskapitalisme: Economie die draait om handel.
- Geld verdienen --> investeren --> meer geld verdienen. 

Slide 5 - Slide

Economie van de Republiek
- Rond 1450 opkomst Oostzeevaart.

-1540: Veel handel in hout en graan in Amsterdam. 

- Antwerpen was belangrijkste handelsstad tot de Spanjaarden de stad overnamen.

Slide 6 - Slide

Wat was de bron van inkomst voor de Republiek?
A
Plantages
B
Olie
C
Handel

Slide 7 - Quiz

Wat was het belangrijkste product uit de Oostzeehandel dat werd verhandeld in Amsterdam?
A
Peper en nootmuskaat
B
Hout en graan
C
Goud en zilver
D
Stroopwafels en klompen

Slide 8 - Quiz

Antwerpen
- Rond 1600 toename handel en nijverheid in Hollandse steden. 

- Gevolg van de Val van Antwerpen. 

- Antwerpse kooplieden vluchtten naar Holland. 

Slide 9 - Slide

Stapelmarkt
- Stapelmarkt: Opslaan van producten en verkopen als het veel waard was. 


In Amsterdam ontstaat de stapelmarkt.

Producten uit hele wereld in Amsterdam --> worden opgeslagen --> vanuit daar doorverkopen.




Slide 10 - Slide

Waarom nam de handel in Hollandse steden rond 1600 toe?

Slide 11 - Open question

Wanneer werden producten doorverkocht vanuit de Amsterdamse stapelmarkt?
A
Als er veel vraag was
B
Als er weinig vraag was
C
Zodra het aankwam
D
Op bestelling

Slide 12 - Quiz

Slide 13 - Video

Wereldeconomie
- Wereldeconomie, want handelscontacten over de hele wereld. 

- Republiek doet hieraan mee met de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC)

- VOC had handelsmonopolie: Alleen zij mochten namens de Republiek handelen in Azië.

Slide 14 - Slide

De WIC
-  West-Indische Compagnie 
(WIC)

- Handelsmonopolie in West-Afrika en Amerika. 

- Kaapvaart:  Beroven schepen van vijand. 

- Plantages

Slide 15 - Slide

Waar handelde de WIC vooral?
A
Afrika en Amerika
B
Azië
C
Europa
D
Antarctica

Slide 16 - Quiz

Waarvoor staat de afkorting VOC?
A
Vergane Oost-Indische Compagnie
B
Verenigde Oost-Indonesische Compagnie
C
Verenigde Oost-Indische Compagnie
D
Verenigde Onze Indische Compagnie

Slide 17 - Quiz

De VOC had een bijzondere positie. Leg dit uit.

Slide 18 - Open question

Slide 19 - Video

Slavernij
- Driehoekshandel: Handel tussen West-Afrika, Amerika en Europa. 

- Plantages in Amerika na de komst van Europeanen. 

- Plantageslavernij: Gedwongen arbeid door slaven op plantages. 


Slide 20 - Slide


Werk de leerdoelen van 2.1 uit in het leerboekje op blz. 16-17

Slide 21 - Slide