Taalverzorging les 8

WELKOM 3Vb

 Alle benodigdheden leg je op tafel

Start met lezen
timer
15:00
1 / 23
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

This lesson contains 23 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 80 min

Items in this lesson

WELKOM 3Vb

 Alle benodigdheden leg je op tafel

Start met lezen
timer
15:00

Slide 1 - Slide

Wat gaan we vandaag doen?
Terugblik metaforen
Nakijken
Homerische vergelijking & Metonymia
Zelfstandig werken
Huiswerk

Slide 2 - Slide

Metafoor
Vergelijking waarbij de werkelijkheid met een beeld wordt vergeleken
Vergelijking met verbindingswoord
Ze is een schat (b) van een meid (w)
Zuivere metafoor
Zijn opmerking kwam uit de lucht vallen (b)
Personificatie
De muis aait de muismat
Synesthesie
Schreeuwende kleuren
        horen        -     zien

Slide 3 - Slide

Nakijken opdracht 1 Metaforen (blz. 48)

Slide 4 - Slide

  • 1 a. vergelijking met een verbindingswoord (als)
  • b. personificatie
  • c. synesthesie
  • d. homerische vergelijking; vergelijking met een verbindingswoord (zoals)
  • e. personificatie
  • f. vergelijking met een verbindingswoord (koppelwerkwoord lijken)
  • g. vergelijking met een verbindingswoord (van)

Slide 5 - Slide

Homerische vergelijking
Bijzonder ver uitgewerkte vergelijking 
“Zoals in de bergen een havik, vlugger vliegt dan al wat er vliegt, op een schichtige duif komt gestreken — deze wiekt zijdelings weg, maar de havik, telkens weer stotend, schiet en schiet op haar af met snerpende kreten: zijn vraatzucht spoort hem tot grijpen — zo snelde toen ook Achilles naar voren, vol van begeerte.”

Slide 6 - Slide

Metoniem (Metonymia)
De schrijver benoemt iets niet letterlijk, maar gebruikt een woord dat ermee te maken heeft.

"De Kuip schreeuwde na de val van de speler."
'De Kuip' = De supporters in De Kuip.

Slide 7 - Slide

Metafoor en metoniem
Metafoor: wel vergelijking of overeenkomst. Er wordt een beeld geschetst.

Metoniem: geen vergelijking maar detail, eigenschap of kenmerk 


Slide 8 - Slide

Metoniem

Veel mensen willen meer blauw op straat (blauw = politie)


Toen hij het veld opkwam, juichte het stadion (stadion = publiek)


Mijn opa heeft een anker op zijn onderarm (anker = een tatoeage van een anker)


Slide 9 - Slide

Bespreken huiswerk
Opdracht 1 en 2
Controle 
Metafoor of metoniem? 
1. Doe mij nog maar een bakkie.
2. Ik heb vorige week de laatste Dan Brown gelezen.
3. Tijdens het concert zullen veel sterren op het podium staan.
4. Mijn ouders hebben de oude ruïne omgetoverd tot een paleis.
5. Dokter, heeft u de neuscorrectie op kamer 12 al gesproken?
6. Ik heb nog bergen werk op mijn bureau liggen.
7. Volkomen onverwacht won hij goud op de 100 meter.
8. Een chauffeur brengt de gasten in een slee naar het gala.
9. Als ik de betekenis van een woord niet ken, 
     zoek ik hem op in de Van Dale.
10. Zullen we bij de Italiaan gaan eten?
timer
5:00

Slide 10 - Slide

1. Metoniem (een bakkie)
2. Metoniem (de laatste Dan Brown)
3. Metafoor (sterren)
4. Metafoor (oude ruïne, omgetoverd, paleis)
5. Metoniem (de neuscorrectie)
6. Metafoor (bergen werk)
7. Metoniem (goud)
8. Metafoor (slee)
9. Metoniem (de Van Dale)
10. Metoniem (de Italiaan)

Slide 11 - Slide

Zelfstandige verwerking
Wat: Maken opgave 2 & 3 (blz. 48)
Wie: Alleen, of vraag stellen aan docent
Hoe: Vanuit het boek of de online methode
Tijd: +- 10 minuten
Klaar?: Lezen in het leesboek

Slide 12 - Slide

Metonymia 
Pars pro toto
Deel wordt genoemd, geheel wordt bedoeld. (mensen, dieren & dingen)
Ik heb een nieuwe set wielen gekocht!

Slide 13 - Slide

Metonymia
Pars pro toto
Deel wordt genoemd, geheel wordt bedoeld. (mensen, dieren & dingen)
Ik heb een nieuwe set wielen gekocht!
Totum pro parte
Geheel wordt genoemd, deel wordt bedoeld.
Nederland was weer waardeloos

Slide 14 - Slide

Metonymia
Abstractum pro parte
Abstract begrip wordt genoemd, iets concreets wordt bedoeld. 
De hele school heeft haar best gedaan
Concreto pro abstractum
Concreet begrip wordt genoemd, iets abstracts wordt bedoeld.
Ze grepen naar het zwaard om hun geschillen op te lossen

Slide 15 - Slide

Metonymia
Eponiem
Maker wordt genoemd, product wordt bedoeld.
Braille. Genoemd naar Louis Braille, uitvinder van het brailleschrift. 
voorwerp-inhoud
Eerste wordt genoemd
Glaasje -> sap
stof-voorwerp
Tweede wordt
wol -> deken
enkelvoud-mv
bedoeld.
De burger eist verandering.

Slide 16 - Slide

Huiswerk
Classroom: Boekkeuzes doorgeven

Maken: Opdracht 2 & 3 (blz. 48)

Studiemateriaal maken voor Beeldspraak

Slide 17 - Slide

Leg kort uit wat een anafoor is. Geef niet alleen een voorbeeld.

Slide 18 - Slide

Leg kort uit wat een anafoor is. Geef niet alleen een voorbeeld.

Herhaling van hetzelfde woord(groep) aan het begin van opeenvolgende zinnen. 
"Niemand zag, niemand wist, niemand deed."

Slide 19 - Slide

Noteer en benoem de stijlfiguur uit de zin.

Ik heb het nu al 100 keer tegen je gezegd.

Slide 20 - Slide

Noteer en benoem de stijlfiguur uit de zin.

Ik heb het nu al 100 keer tegen je gezegd.
Hyperbool.

Slide 21 - Slide

Noteer uit de zin de uitdrukking. Geef aan of het een spreekwoord, gezegde of zegswijze is.

Als het kalf verdronken is, dempt men de put.


Slide 22 - Slide

Noteer uit de zin de uitdrukking. Geef aan of het een spreekwoord, gezegde of zegswijze is.

Als het kalf verdronken is, dempt men de put.

Spreekwoord

Slide 23 - Slide