Uitleg signaalwoorden tijdsvolgorde + opdracht 13 t/m 15, 17 t/m 22, 25, 27 en 29.
Klaar? Dan verdiepingsopdrachten 16-23-24-26 (sterretjesopdrachten)
Volgende les: verder aan de opdrachten werken (zelfstandig) + test jezelf.
Huiswerk:
Leren de theorie van paragraaf 4.3 lezen. Je kent de tekstverbanden opsomming, tegenstelling, tijdsvolgorde. Je weet wat verwijswoorden zijn.