Zelfstandig werken
"iedereen kan goed werken en laat anderen goed werken"
- Maak opdracht 34
- Vertaal eerst de zinnen onder a) en b) naar het Duits.
- Gebruik hierbij de Sprachmittel "Im Restaurant" (blz. 162)
- Daarna met je buurman/vrouw: De een stelt de vraag in het Duits en de ander geeft het passende antwoord.
- Schrijf je antwoord op de vragen in het Duits op.
- Maak een hele zin.
- Gebruik hierbij de Sprachmittel van blz. 162 en de Lernliste op blz. 172