Nieuw Nederlands H6 Taalverzorging spelling koppelteken trema

N E D E R L A N D S
1 / 13
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

This lesson contains 13 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

N E D E R L A N D S

Slide 1 - Slide

Startopdracht
Noteer de samenstelling die je van de afbeeldingen kunt maken. Gebruik tussenletters als dat nodig is. 

Slide 2 - Slide

Het koppelteken -

Slide 3 - Slide

Het koppelteken
Koppelteken:
  • Bij samenstellingen
  • Om uitspraak duidelijk te maken
  • Als het echt nodig is 

zo-even, stage-uren, radio-omroep, na-apen.

Slide 4 - Slide

Koppelteken
De meeste samenstellingen schrijf je aan elkaar:
kassameisje, wijkagent, politiebureau, schoolkantine

Bij een klinkerbotsing (oo, aa, oe, ui) gebruik je een koppelteken:
auto-ongeluk, lente-ui, video-opname. Een klinkerbotsing is een botsing van twee klinkers die samen een klank in de Nederlandse taal vormen. 

Slide 5 - Slide

Het koppelteken
Uitzonderingen
Je gebruikt een koppelteken als er in het samengestelde woord cijfers voorkomen.

bijvoorbeeld:
80-jarige, 70-plusser.

Slide 6 - Slide

Koppelteken
Je gebruikt een koppelteken
als er in het samengestelde
woord een afkorting voorkomt.

Bijvoorbeeld:
usb-stick, mbo-opleiding, 
A5-formaat, Sint-Nicolaas

Slide 7 - Slide

Koppelteken
Je gebruikt een koppelteken bij
aardrijkskundige namen.

Bijvoorbeeld:  Zuid-Holland,
Zuid-Afrika, Noord-Italië, 
's-Gravenhage & West-Amerika.

Slide 8 - Slide


Koppelteken

In samenstellingen die verkeerd gelezen kunnen worden, plaatsen we een koppelteken:

zo-even, stage-uren, radio-omroep, na-apen.

Slide 9 - Slide

Het trema

Slide 10 - Slide

Het trema
Het trema gebruik je bij meervouden van woorden op -ee of -ie

  • Als het enkelvoud eindigt op -ee, maak je het meervoud met -ën:
     idee --> ideeën / fee --> feeën / trofee --> trofeeën

  • Als het enkelvoud eindigt op -ie, maak je het meervoud met -ën of met -n.
     Dit is afhankelijk van de klemtoon:
    - als de klemtoon op -ie valt, dan voeg je -ën toe: theorie --> theorieën
    - als de klemtoon op een andere lettergreep valt, dan krijgt de laatste -e een trema en voeg je     alleen -n  toe: olie --> oliën

Slide 11 - Slide

Het trema
Het trema gebruik je bij een klinkerbotsing. 
Hierbij kun je denken aan de klanken au, ou, oe, ei, ie, ui, eu,en ij.

Bijvoorbeeld: 
- reunie --> reünie
- concierge --> conciërge

Zonder trema kun je het woord anders uitspreken.

Slide 12 - Slide

Aan de slag!
Maak opdrachten 1 t/m 5 van hoofdstuk 6, taalverzorging spelling op bladzijde 160-161. 




Slide 13 - Slide