Oefentoets gevuld kleinbrood en grootbrood

Oefentoets gevuld kleinbrood en grootbrood
1 / 23
next
Slide 1: Slide
VoedingMBOStudiejaar 1

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Oefentoets gevuld kleinbrood en grootbrood

Slide 1 - Slide

Wat is het doel van insnijden?
A
Decoratie van het brood
B
Verhogen van de baktijd
C
Voorkomen van scheuren tijdens het bakken
D
Verbeteren van de smaak

Slide 2 - Quiz

Welke tool wordt vaak gebruikt om in te snijden?
A
Een scherp mes
B
Een vork
C
Een schaar
D
Een lepel

Slide 3 - Quiz

Hoe komt zuurstof in brooddeeg?
A
Door het toevoegen van suiker
B
Via luchtbellen
C
Door kneden
D
door het het deeg uit te rekken en samen te persen

Slide 4 - Quiz

Wanneer gebeurt het decoreren van het brooddeeg met zaden?
A
voor het rijzen
B
Voor het bakken
C
Tijdens het kneden
D
Na het snijden

Slide 5 - Quiz

Waarom snijd je brood in?
A
Om het brood sneller te laten schimmelen
B
Om het open barsten te voorkomen
C
Omdat het er mooier uitziet
D
Om het brood lekkerder te maken

Slide 6 - Quiz

Wanneer begint het mengproces
A
Wanneer het water wordt toevoegt
B
Wanneer het gist wordt toevoegt
C
Wanneer het zout wordt toevoegt
D
Wanneer het BVM wordt toevoegt

Slide 7 - Quiz

Hoe bepaal je de gaarheid van brood?
A
Controleer de kleur van de korst
B
Snijd het brood doormidden
C
Klop op de onderkant
D
Voel met je handen

Slide 8 - Quiz

het wassen van de broden gebeurt als ze zijn afgekoeld
A
Waar
B
Niet waar

Slide 9 - Quiz

Wat is opmaken
A
Het in vorm maken en de juiste spanning meegeven aan het deeg
B
De vorm van het deeg zo maken dat het in een vorm of punt is
C
het deeg ontgassen
D
Het deeg voorzien van make-up

Slide 10 - Quiz

Wat is een diviseuse?
A
een machine die deeg kan verdelen
B
een machine die deel kan afwegen
C
een machine die deeg kan opmaken
D
Een apparaat voor valuta-uitwisseling

Slide 11 - Quiz

Wat is convectiewarmte?
A
Warmte door geleidbaarheid
B
Warmteoverdracht door luchtbeweging
C
Warmte door contact
D
Warmte door straling

Slide 12 - Quiz

De deegtemperatuur wordt ook wel ‘ΔT’ (delta T) of wrijvingstemperatuur genoemd.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 13 - Quiz

Wat betekent inschiettempratuur
A
De daadwerkelijke tempratuur die nodig is om een brood te bakken
B
de tempratuur die wordt gebruikt voor het narijzen
C
de tempratuur waarop j de oven instelt

Slide 14 - Quiz

Wat is een voordeel van het groen verwerken van brooddeeg?
A
Verhoogt de kosten
B
Vertraagt het bakproces
C
Verhoogt de duurzaamheid
D
snellere verwerking

Slide 15 - Quiz

Wat is het doel van het in de kruim draaien van je brooddeeg?
A
Brooddeeg laten aanbranden
B
Kruimels uit het deeg verwijderen
C
samenhang creeëren
D
Deeg beter laten rijzen

Slide 16 - Quiz

Wat gebeurt er tijdens het ontgassen?
A
Koolstofdioxide wordt toegevoegd
B
Luchtbellen worden verwijderd
C
Deeg wordt verhit
D
Deeg wordt gefermenteerd

Slide 17 - Quiz

Wat gebeurt er als gist en zout elkaar raken?
A
De smaak verbetert
B
Gist kan onwerkzaam worden
C
Zout wordt opgelost
D
Gistactiviteit vermindert

Slide 18 - Quiz

Wat is het doel van narijs van een brooddeeg?
A
Om het vocht te verhogen
B
Om het deeg te verhitten
C
Om het deeg te kleuren
D
Om het deeg te laten rijzen

Slide 19 - Quiz

Een deeg dat te lang is gekneed krijgt geen nieuwe gluten
A
Juist
B
Onjuist

Slide 20 - Quiz

Wat gebeurt er tijdens de vormrijs?
A
Verlies van vocht uit het deeg
B
Gisting van het deeg
C
Afkoelen van het deeg
D
ontspannen van de gluten

Slide 21 - Quiz

Waarom stoom je brooddeeg tijdens het bakken?
A
Om het deeg te kleuren
B
Om het deeg te laten rijzen
C
Voor een knapperige korst
D
Voor de glans

Slide 22 - Quiz

Succes met de toets!

Slide 23 - Slide