Oefenen toets Spelling 1TH

Oefenen Spelling
1 / 37
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

This lesson contains 37 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Oefenen Spelling

Slide 1 - Slide

Meervouden

Slide 2 - Slide

In welke twee gevallen schrijf je in het meervoud een apostrof: -'s?

Slide 3 - Open question

Wat is er bijzonder aan de meervoudsvormen van de volgende woorden?

- museum
- kind

Slide 4 - Open question

Wat is het meervoud van:
danseres?

Slide 5 - Open question

Wat is het meervoud van:
dief?

Slide 6 - Open question

Wat is het meervoud van:
melodie?

Slide 7 - Open question

Wat is het meervoud van:
abrikoos?

Slide 8 - Open question

Wat is het meervoud van:
jury?

Slide 9 - Open question

Wat is het meervoud van:
moeilijkheid?

Slide 10 - Open question

Goed of fout gespeld?

monnikken
A
Goed
B
Fout

Slide 11 - Quiz

Goed of fout gespeld?

fora's (komt van het woord forum)
forum: fora - forums
Dus nooit: fora's
A
Goed
B
Fout

Slide 12 - Quiz

Goed of fout gespeld?

BMX'en
A
Goed
B
Fout

Slide 13 - Quiz

Goed of fout gespeld?

fotograven
A
Goed
B
Fout

Slide 14 - Quiz

Samenstellingen
Maak van de volgende woorden goede samenstellingen door ze aan elkaar te schrijven en een tussenklank te gebruiken waar nodig.

Slide 15 - Slide

Kleding + kast = ?

Slide 16 - Open question

training + wedstrijd = ?

Slide 17 - Open question

boek + tas = ?

Slide 18 - Open question

vijf + dollar + biljet = ?

Slide 19 - Open question

huisvuilophaaldienst
A
Juist
B
Onjuist

Slide 20 - Quiz

tomatesoep
A
Juist
B
Onjuist

Slide 21 - Quiz

superleuk

A
Juist
B
Onjuist

Slide 22 - Quiz

zonnebrandcrème

A
Juist
B
Onjuist

Slide 23 - Quiz

Bekijk de zin: ‘groene appel taart’.

Op welke twee manieren kun je deze fout verbeteren en wat is het verschil in betekenis?


Slide 24 - Open question

Maak een samenstellingen van drie woorden (je mag tussenletters/klanken gebruiken). Begin met het woord 'water'

Slide 25 - Open question

Hoofdletters en leestekens
Neem de zin over en voeg op de juiste plekken hoofdletters en leestekens toe.

Slide 26 - Slide

de man uit amsterdam vloog dit jaar met pasen naar de bahama's

Slide 27 - Open question

oma vroeg aan haar kleindochter hoe heb je de toets gemaakt

Slide 28 - Open question

Leg uit waarom 'staat' in zin a met een kleine letter wordt geschreven, maar in zin b met een hoofdletter.

a. De staat van de wegen in de stad is slecht.
b. De Staat der Nederlanden heeft nieuwe wetten ingevoerd.

Slide 29 - Open question

Goed of fout?

Hé hoe heet jij ook alweer?

A
Goed
B
Fout

Slide 30 - Quiz

Goed of fout?

Sjaan's broer is vandaag jarig.

A
Goed
B
Fout

Slide 31 - Quiz

Saskia van Vliet-den Boer uit Leeuwarden
A
Goed
B
Fout

Slide 32 - Quiz

'Wil je ook een koekje bij de thee?, vroeg oma aan Liz'.
A
Goed
B
Fout

Slide 33 - Quiz

Goed of fout?

Ga eens aan de kant joh!

Ga eens aan de kant, joh! 
A
Goed
B
Fout

Slide 34 - Quiz

Toetsstof

Slide 35 - Slide

Je mag nu kiezen:
  1. Ga aan de slag met de lesstof uit je lesboek  (les 5 t/m 8, 19 & 20)
  2. Ga oefenen met de Drilsteroefeningen in Kern
  3. Ga oefenen op Cambiumned
  4. Maak opdrachten uit je lesboek en controleer je antwoorden in Magister.Learn

Slide 36 - Slide

Hoe pak ik het leren van een toets aan? 
Een stappenplan:
  1. Lees de theorie van alle hoofdstukken uit je lesboek goed door;
  2. Pak de bijbehorende LessonUp erbij: snap ik alles?
  3. Maak extra opgaven u it je lesboek 
  4. Controleer hiervan de antwoorden met het antwoordblad in Magister.Learn
  5. Nog lastig? Bekijk uitlegfilmpjes in Kern-online en maak hier extra (Drilster-)oefeningen
  6. Nog meer vragen of uitleg? Vraag docent (KWT-uur) 

Slide 37 - Slide