En zo zien lidwoord + znw eruit als ze in een zin het meewerkende voorwerp zijn = 3e naamval!
dem Kus - de zoen einem Kuss - een zoen
der Mutter - de moeder einer Mutter - een moeder
dem Kind - het kind einem Kind - een kind
den Schülern - de leerlingen keinen Schülern - geen leerlingen
..der Mutter..