Engels Vervolg A1, thema 5, H1 woorden en uitdrukkingen (deel 2)

Thema 5
Communicatie

Hoofdstuk 1
kijken en luisteren

Doel van de les
Je leert woorden en zinnen om op verschillende manieren te communiceren.
1 / 14
next
Slide 1: Slide
EngelsVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 4

This lesson contains 14 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Thema 5
Communicatie

Hoofdstuk 1
kijken en luisteren

Doel van de les
Je leert woorden en zinnen om op verschillende manieren te communiceren.

Slide 1 - Slide

What can you do in the zoo?
(gebruik 'doe' woorden)

Slide 2 - Mind map

Aan welk Engels woord denk je?

Slide 3 - Slide

Aan welk Engels woord denk je?

Slide 4 - Slide

Uitdrukkingenblok 2

Fragment 1
Ladies and gentlemen.
May I have your attention, please?
I repeat.

Fragment 2
It's Jeremy.
I can't answer the phone right now.
Please call back later.
Leave a message after the beep.
We are waiting for you.
Could you please let us know?


Fragment 2B
I don't understand.
I'm afraid so.
One moment, please.
I am reading the message now.
You are right! Something went wrong.
I was looking at the wrong day.
I'm sorry.
See you tomorrow.

Fragment 3
Could I speak to Mrs Ainsley, please?
Could you say that again, please?
You're welcome. 

Slide 5 - Slide

Uitlegblok - zeggen dat je iets aan het doen bent
Als je nu iets aan het doen bent, zeg je dat in het Engels zo: 
Nederlands
Engels
Ik         ben     aan het eten.
I              am     eating.
Jij        bent    aan het eten.
You        are     eating.
Hij/zij  is          aan het eten.
He/she  is        eating.
Het     is          aan het eten
It             is       eating.
Wij      zijn      aan het eten.
We         are    eating.
Jullie  zijn      aan het eten. 
You        are    eating.
Zij       zijn      aan het eten. 
They      are    eating. 

Slide 6 - Slide

Uitlegblok - zeggen dat je iets aan het doen bent (deel 2)
Dus: am-are-is + woord dat eindigt op -ing.

* I          am   eating
* He     is      playing
* They are  talking
* You   are  working
* It        is     walking

Slide 7 - Slide

We (sing) a song together

Slide 8 - Open question

Jim and I talk on the phone (bijna) every night
A
almost
B
often

Slide 9 - Quiz

Our train (komt aan) at twelve thirty.
A
is coming
B
arrives

Slide 10 - Quiz

Maak een zin, gebruik een werkwoord. (doe woord)

Slide 11 - Open question

May I have your attention, please?

Dit is een?
A
voicemailbericht
B
omroepbericht
C
telefoongesprek

Slide 12 - Quiz

Could you say that again, please?

Dit is een?
A
voicemailbericht
B
omroepbericht
C
telefoongesprek

Slide 13 - Quiz

Aan de slag!
Zelfstandig maken: opdracht 16 tot en met 24.
Start op bladzijde 222.
Opdracht 15 maken we samen (luisteroefening).

Slide 14 - Slide