padden

1 / 33
next
Slide 1: Slide
Begrijpend lezenBasisschoolGroep 7,8

This lesson contains 33 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Kikkers zijn dieren die op het land en in het water leven.
Noem nog eens een dier dat zo kan leven.

Slide 2 - Mind map

De tekst gaat over padden die hulp nodig hebben. Waarom zouden zij hulp nodig hebben?

Slide 3 - Mind map

Wat zijn paddenrapers?

Slide 4 - Mind map

Naturlijk maak je ook deze keer aantekeningen.....er komen kijk- en luistervragen.

Slide 5 - Slide

Hoe heet de boswachter?
A
Jakob Sanders
B
Sander Jakobs
C
Alex Jakobs
D
Alexanders Jakobs

Slide 6 - Quiz

Hoe lang is het lage hekje?
A
2 kilometer
B
2,5 m
C
twee en een halve kilometer
D
25,0 km

Slide 7 - Quiz

Wie van jullie wil wel helpen met de paddentrek?
😒🙁😐🙂😃

Slide 8 - Poll

Welk dier is in het journaal niet genoemd?
A
raaf
B
kraai
C
luiaard
D
anaconda

Slide 9 - Quiz

We lezen samen de tekst.

Slide 10 - Slide

Doel van de les:
- we leren wat we moeten doen om de open plekken in te vullen.
- we leren afbeelding aan een tekst te koppelen.
- We leren een schema aan de tekst te koppelen.

Slide 11 - Slide

Lees regel 1.
Wat moet op de eerste open plek staan?
Bedenk van te voren een antwoord.

Slide 12 - Slide

Wat moet op de plaats van
1
staan?
A
uur
B
week
C
maand
D
voorjaar

Slide 13 - Quiz

Lees regel 11.
Wat moet op de tweede open plek staan?
Bedenk van te voren een antwoord.

Slide 14 - Slide

Wat moet op de open plek bij
2
staan?
A
want
B
daarom
C
aangezien
D
maar

Slide 15 - Quiz

Aangezien is een signaalwoord.
Voor welk ander signaalwoord kun je 'aangezien' vervangen?

Slide 16 - Mind map

Lees regel 21.
Wat moet op de open plek bij 3 staan?
Moet je terug of vooruit lezen?

Slide 17 - Slide

Wat moet op de open plek bij
3
staan?
A
daar
B
er
C
en
D
daarom

Slide 18 - Quiz

Je moet hiervoor....
A
terug lezen
B
vooruit lezen

Slide 19 - Quiz

Lees regel 28
Welk woord moet staan op de plek waar 4 staat?

Slide 20 - Slide

Wat staat op de open plek waar
4 staat?
Het is een signaalwoord.

Slide 21 - Open question

Lees regel 35.
Wat moet op de open plek bij 5 staan?
Moet je daarvoor terug of vooruit lezen?

Slide 22 - Slide

Op de plaats waar
5
staat, moet ........ staan.
A
mensen\
B
padden
C
paddenrapers
D
drukke wegen

Slide 23 - Quiz

Bekijk de afbeelding.
Bij welk tekstgedeelte hoort de afbeelding?

Slide 24 - Slide

Slide 25 - Slide

Bij welke tekstgedeelte hoort de afbeelding?
A
in volle gang
B
paddentandems
C
kieskeurig
D
hulp bij het

Slide 26 - Quiz

Bekijk de afbeelding.
Bij welk tekstgedeelte hoort de afbeelding?

Slide 27 - Slide

Slide 28 - Slide

Bij welk tekstgedeelte hoort de afbeelding?
A
inleiding
B
in volle gang
C
paddentandems
D
hulp bij het oversteken

Slide 29 - Quiz

Slide 30 - Slide

Julia wil graag een hond bij het asiel vandaan halen, maar ze heeft geen auto en kan niet ver reizen.
Waar moet zij op klikken?

Slide 31 - Slide

Waar moet Julia op klikken?
A
Wat wij doen.
B
Wat kan jij doen?
C
in jouw buurt
D
shop

Slide 32 - Quiz

Slide 33 - Link