sdfa

Wat is een Burn-out?
A
Een chronische ziekte
B
Een naam voor een medicijn
C
Iemand die verslaafd is
D
Een gevolg van teveel en te hard werken.
1 / 19
next
Slide 1: Quiz

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes.

Items in this lesson

Wat is een Burn-out?
A
Een chronische ziekte
B
Een naam voor een medicijn
C
Iemand die verslaafd is
D
Een gevolg van teveel en te hard werken.

Slide 1 - Quiz

Wat betekend wmo?
A
Wet met ondersteuning
B
Wet mantelzorg ondersteuning
C
Wet maatschappelijke ondersteuning
D
Wet medemens ondersteuning

Slide 2 - Quiz

Welke vorm van stress hoort bij het verliezen van een spel?
A
Chronische stress
B
Positieve stress
C
Aanvaardbare stress
D
Schadelijke stress

Slide 3 - Quiz

Wanneer spreek je van schadelijke stress?
A
Als een volwassene je beschermt
B
Bij het niet behalen van een toets
C
als de stresshormonen invloed hebben op je brein
D
Als je ziek bent

Slide 4 - Quiz

sociaal-economische status


A
Het aanzien dat iemand heeft in de samenleving en dat vooral afhankelijk is van status.
B
Het aanzien dat iemand heeft in de samenleving en dat vooral afhankelijk is van inkomen, opleiding en beroep.
C
Het aanzien dat iemand heeft in de samenleving en dat vooral afhankelijk is van opleiding.
D
Het aanzien dat iemand heeft in de samenleving.

Slide 5 - Quiz

Wat is diabetes Mellitus?
A
Diabetes is een stoornis in het centrale zenuwstelsel
B
Een stoornis in de stofwisseling van koolhydraten, eiwitten en vetten door een tekort aan insuline
C
Diabetes is een ziekte waarbij koolhydraten geen grote rol spelen

Slide 6 - Quiz

Participatiesamenleving wat is dat?
A
Een samenleving waar iedereen voor zichzelf zorgt.
B
Een samenleving waar iemand in participeert/ meedoet
C
Een samenleving waar iedereen bijdraagt aan zijn eigen leven en omgeving.
D
Een samenleving waarbij de regering voor je zorgt.

Slide 7 - Quiz

ADH
A
Algemeen Dagelijkse Herstel
B
Alle Dagelijkse Handelingen
C
Aanbevolen Dagelijkse Hoeveelheid
D
Aandoening hyperactiviteit

Slide 8 - Quiz

Bij een hypo is je;
A
bloedsuiker te laag
B
is bloedsuiker te hoog

Slide 9 - Quiz

Als je eet volgens de richtlijnen van de Schijf van Vijf, krijgen volwassenen het advies om elke dag ... gram groente te eten
A
200
B
250
C
300
D
500

Slide 10 - Quiz

Wat is de WMO?
A
In deze wet is vastgelegd dat de Gemeente verantwoordelijk is voor het armoedebeleid en het verlenen van hulp aan inwoners met financiële problemen.
B
Deze wet regelt hulp en ondersteuning voor burgers, zodat zij zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen wonen en deel kunnen blijven nemen aan de maatschappij.
C
In deze wet staat vastgelegd wat goede zorg precies inhoudt en wat er moet gebeuren als mensen een klacht hebben over de zorg.
D
De regeling helpt professionals bij vermoedens van huiselijk geweld of kindermishandeling.

Slide 11 - Quiz

Wanneer is er sprake van kwetsbare oudere?
A
Als de zelfredzaamheid of veerkracht afneemt.
B
Multimorbiditeit
C
Als je de surprise question positief beantwoordt.
D
A, B, C

Slide 12 - Quiz

Wat is geen preventie vanuit de overheid?
A
Verbeteren van de woonomgeving
B
Voorlichtingen geven aan jongeren
C
Camera's en diefstal poortjes installeren in winkels
D
Leegstaande panden verhuren tegen krakers.

Slide 13 - Quiz

Wat zijn de beweegrichtlijnen voor 4-18 jarigen?
A
minimaal 3 x 30 min per week matig intensief bewegen
B
ieder dag 1 uur matig intensief bewegen
C
combi van B en D
D
3 x per week spier- en botversterkende oefeningen

Slide 14 - Quiz

Hoe heet de organisatie de beweegrichtlijnen heeft opgesteld?
A
TNO
B
Ministerie voor Volksgezondheid
C
Gezondheidsraad
D
Huis voor Beweging

Slide 15 - Quiz

Wat is de beweegrichtlijn voor volwassenen?
A
Minstens 100 minuten per week
B
Minstens 120 minuten per week
C
Minstens 150 minuten per week

Slide 16 - Quiz

Wat voor soort aandoening is diabetes mellitus?
A
Een stofwisselingsziekte
B
Een infectie
C
Het gevolg van te weinig bewegen
D
Een leveraandoening

Slide 17 - Quiz

Wat is GÉÉN uitgangspunt voor de Richtlijnen van de Schijf van Vijf met betrekking tot een volwaardig voedingspatroon?
A
Het moet voorzien in voldoende energie en voedingsstoffen
B
Het mag niet te veel producten bevatten met een ongunstig effect op de gezondheid
C
Het moet voorzien in voldoende producten met een positief effect op de gezondheid
D
Het moet voorzien in voldoende producten uit de nabije omgeving

Slide 18 - Quiz

Wat is een Burn-out
A
spanning of druk die iemand langdurig ervaart
B
Een ernstige plotselinge verstoring van het dagelijks leven als gevolg van een ingrijpende gebeurtenis.
C
Het lichamelijk en emotioneel opgebrand zijn als gevolg van langdurige stress, waardoor mensen lange tijd niet meer in staat zijn te functioneren
D
psychische stoornis waarbij sprake is van ernstige en langdurige neerslachtigheid.

Slide 19 - Quiz