herhaling 2.1 en 2.2

Hoofdstuk 2:
Samen met het buitenland
1 / 31
next
Slide 1: Slide
Mens & MaatschappijMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 2

This lesson contains 31 slides, with interactive quizzes, text slides and 5 videos.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Hoofdstuk 2:
Samen met het buitenland

Slide 1 - Slide

Verwachtingen/Regels
Docent aan het woord, jullie stil


Je zit op je eigen plek/stoel

Opgegeven werk maak je af


Slide 2 - Slide

Lesplanning
  • Check heeft iedereen boek mee?
  • Uitleg 2.1
  • Maken opdrachten
  • Klaar: topo uitwerken
  • Klaar: topo oefenen

Wat moet af: opdrachten 2.1 + topo.

Pak je m&m boek 
Topotoetsen:
Di 11 maart: NL provincie, hoofdstad en wateren.
Vr 21 maart: NL Oost en Noord
Di 1 april: NL West en Zuid.

Slide 3 - Slide

Import en export

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Video

Slide 6 - Video

mi: Land in verhouding veel import en export heeft een .......... economie?
Land in verhouding weinig import en export heeft een ........ economie ?

Slide 7 - Slide

Hoeveel nullen

Slide 8 - Slide

Miljoenen uitschrijven
1 Miljard                    1   000  000 000
1  miljoen                  1   000  000
4,5 miljoen              
4,568miljoen          
0,6 miljoen                    

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Video

Rekenen met miljoenen en miljarden
94,5 miljard - 250 miljoen = ....
94 500 000 000 - 250 000 000 
94500                    - 250                    = 94.250  (+ terugplaatsen 6 nullen) = 94.250 miljoen

498 750 miljoen : 17,5 miljoen
498 750 000 000 : 17 500 000 
498 550                  : 17,5                 = 28 500

Let op: Bij een deling vallen de eenheden (zoals miljoenen) vaak weg doordat je direct werkt met de verhoudingen, en hoef je dus geen nullen terug te plaatsen.

Slide 11 - Slide

Opdracht 3.a bespreken/nakijken
Alle export 616 miljard NL.
Waarvan 94,5 miljard export landbouwgoederen

dus; de miljarden kan je weglaten tijdens de berekening

94,5 : 616 x 100 = 15,3%

Slide 12 - Slide

Aan het werk
Wat:
- 2.1 opdracht: 9, 10, 11 & 12.
- herhaling 2.1 opdracht: 1, 2, 3 & 4
- verdieping 2.1 opdracht: 2
- Nakijken (als het is goedgekeurd)
- Topo werkblad afmaken!
Hoe: eerste 6 min in stilte, daarna rustig samenwerken
Tijd: laatste deel van de les 
Klaar: laten checken, goedgekeurd: topo oefenen 10min (dan iets voor jezelf)

timer
6:00

Slide 13 - Slide

We kijken  nog even naar de Europese unie.
Import, export, vrijhandel, protectiemaatregelen

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Video

De wereld wordt kleiner
Gebieden op de wereld raken steeds meer met elkaar verbonden.
Dit noem je globalisering.

Door globalisering neemt de internationale handel toe.

Dat komt door:
  • Internet – je kunt makkelijk goederen en diensten bestellen in het buitenland.
  • Modern vervoer – producten kunnen snel en goedkoop vervoerd worden.




Slide 16 - Slide

Samenwerking
Europese Unie:
Een groep Europese landen die op politiek en economisch gebied samenwerken.

Handelsbelemmeringen:
Maatregelen waarmee een regering bedrijven in het eigen land wil beschermen tegen concurrentie uit andere landen.

Invoerrechten:
Belasting die je aan de grens betaalt als je producten invoert.




Slide 17 - Slide

Ruzie over de handel
Handelsbelemmeringen kunnen een handelsoorlog veroorzaken.


Dan hebben landen hebben ruzie met elkaar over de handel en voeren ze steeds meer handelsbelemmeringen in.


Gevolgen voor de consument:
  • Buitenlandse producten worden duurder.
  • De consument moet steeds hogere prijzen betalen.





Slide 18 - Slide

Door meer export moeten we meer produceren en daardoor verdienen/verliezen bedrijven meer geld. Dan komen er meer/minder banen.
A
verliezen ; meer
B
verdienen ; minder
C
verdienen ; meer
D
verliezen ; minder

Slide 19 - Quiz

Slide 20 - Video

Weet je nog wat vrijhandel betekend?
Geef een korte omschrijving

Slide 21 - Open question

Handel zonder hindernissen
Binnen de EU is er vrijhandel:
Dan mag je producten vrij in- en uitvoeren zonder dat je invoerrechten hoeft te betalen.

                 Dit zorgt voor meer import en export.
                 Bedrijven in de EU kunnen makkelijker met elkaar samenwerken.
                 Deze samenwerking zorgt voor meer welvaart.








Slide 22 - Slide

Protectiemaatregelen
Protectie = bescherming

Slide 23 - Slide

Protectie door de EU zorgt ervoor dat import uit niet-EU-landen makkelijker gaat.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 24 - Quiz

Wat zijn invoerrechten?
A
Een belasting die je aan de grens betaalt voor het invoeren van producten.
B
Een subsidie die je ontvangt voor het invoeren van producten.
C
Het recht dat Nederland heeft om producten uit andere landen in te voeren.
D
Het recht van andere landen om producten uit Nederland in te voeren.

Slide 25 - Quiz

Import
Import is het kopen van goederen en diensten uit het buitenland. Hier zijn verschillende redenen voor:
  • producten in het buitenland kunnen soms goedkoper geproduceerd worden
  • producten in het buitenland kunnen een betere kwaliteit hebben
  • grondstoffen nodig voor productie komen niet voor in ons land
  • consumenten willen meer keuze hebben 

Slide 26 - Slide

Nederland importeert koffiebonen.
Waarom doet Nederland dat?

Slide 27 - Open question


Welk transportmiddel kies je?

bloemen
A
vliegtuig
B
vrachtschip

Slide 28 - Quiz

Welk transportmiddel kies je?

fietsen
A
vliegtuig
B
vrachtschip

Slide 29 - Quiz

Welk transportmiddel kies je?

groente
A
vliegtuig
B
vrachtschip

Slide 30 - Quiz

Zelfstandig werken
Maken
Oefenvragen 

timer
10:00

Slide 31 - Slide