Omgaan met geldzaken



Omgaan met geldzaken en schulden.





Burgerschap - DZ1
10-03-2025
1 / 20
next
Slide 1: Slide
BurgerschapMBOStudiejaar 1

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson



Omgaan met geldzaken en schulden.





Burgerschap - DZ1
10-03-2025

Slide 1 - Slide

2 Regels

Slide 2 - Slide

Check-in!
- Planning voor dit blok
- Leerdoelen
- Voorkennis activeren
- Uitleg
- Itslearning opdrachten
- Quizspel 
- Afsluiten

Slide 3 - Slide

Planning 

Slide 4 - Slide

Leerdoelen:
-Aan het eind van deze les kan je uitleggen aan je medestudent wat de risico’s van lenen zijn.
-Aan het eind van deze les kan je naar de mening van een ander luisteren over de vormen van lenen.
-Aan het eind van deze les weet je het verschil tussen een informele en formele schuld.
-Aan het eind van deze les kan je de drie toeslagen benoemen waar je recht op hebt vanaf je 18e.

Slide 5 - Slide

Voorkennis activeren!

Schrijf op je post-it zoveel mogelijk op, wat erin je opkomt bij de vraag: Waar moet je allemaal aan denken als het om geld gaat?

Slide 6 - Slide

Toeslagen waar je recht op hebt vanaf je 18e:

  • Zorgtoeslag
  • Huurtoeslag
  • Studietoeslag/studiefinanciering (DUO)

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Video

Vormen van lenen:
1. Van een vriend of familielid
2. Lenen bij de bank
3. DUO
4. Kopen op afbetaling (Klarna)

Slide 9 - Slide

Risico's van lenen:
  • Boetes bij te late betaling.
  • Stress, wat invloed heeft op je gezondheid.
  • Minder financiële vrijheid.
  • Verleiding om nog meer te lenen.

Slide 10 - Slide

Schulden
1. Formele schuld = Schuld die officieel is en vastgelegd staat bij een bank of bedrijf.
2. Informele schuld = Schuld die je hebt bij vrienden of familie, het is niet officieel.

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Video

Slide 13 - Video

Slide 14 - Slide

Wat is een toeslag?
A
Een extra belasting die je moet betalen.
B
Geld/hulp van de overheid.
C
Een boete als je te laat betaalt.
D
Een lening van de bank.

Slide 15 - Quiz

Hoe heet de toeslag die je kunt krijgen voor je zorgverzekering?
A
Zorgtoeslag
B
Studietoeslag
C
Huurtoeslag
D
Kindertoeslag

Slide 16 - Quiz

Wat betekent ‘op afbetaling kopen’?

A
Je betaalt het volledige bedrag in één keer.
B
Je krijgt korting als je later betaalt.
C
Je betaalt het in delen, of dertig dagen later.
D
Je betaalt het nooit meer.

Slide 17 - Quiz

Wat is een informele schuld?
A
Een lening bij de bank.
B
Een schuld bij een incassobureau.
C
Een schuld bij de belastingdienst.
D
Geld dat je leent van een vriend of familielid.

Slide 18 - Quiz

Sophie is 18 jaar en heeft nog steeds recht op kinderbijslag.
A
Waar.
B
Niet waar.

Slide 19 - Quiz

Check-uit!
  • Lesdoelen? > Check!
  • Vragen? > Check!
  • Volgende week verder met hoofdstuk: werk en inkomen.
  • Bedankt voor je inzet! :)

Slide 20 - Slide