Samenhang - 2F (Taalblokken Verkort)

Tweede week april
  • 10-minutengesprekken
  • voortgang bespreken
  • wil wel positieve verhalen vertellen
Maar ...
  • geen actieve deelname aan lessen
  • geen opdrachten gemaakt (kleine uitzondering)
  • heel lage cijfers
1 / 52
next
Slide 1: Slide
NederlandsMBOStudiejaar 1

This lesson contains 52 slides, with text slides and 5 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Tweede week april
  • 10-minutengesprekken
  • voortgang bespreken
  • wil wel positieve verhalen vertellen
Maar ...
  • geen actieve deelname aan lessen
  • geen opdrachten gemaakt (kleine uitzondering)
  • heel lage cijfers

Slide 1 - Slide

dus ...
  • tijdig aanwezig in de les
  • actievere deelname aan lessen
  • even geen telefoon gebruiken (alleen bij opdrachten)
  • aan de slag met opdrachten

eerde pauze moet je wel verdienen

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Samenhang - 2F 
(Taalblokken Verkort)


Slide 4 - Slide

Samenhang
O.a. door indeling met inleiding, kern, slot

Maar ook tussen
  • alinea's (signaalzinnen, signaalwoorden)
  • zinnen (kernzinnen - signaalwoorden, verwijswoorden)

Slide 5 - Slide

Samenhang in geschreven tekst
Signaalzinnen
  • In dit artikel bespreek ik eerst …
  • Zoals we hiervoor hebben gezien …

Signaalwoorden
  • bijvoorbeeld, dus, maar, ook, om te

Slide 6 - Slide

Samenhang
Kernzinnen
Vaak eerste zin alinea

Daarna verdere uitleg of toelichting

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Slide

Machine
Kernzin + verdere uitleg

Slide 9 - Slide

Samenhang
Signaalwoorden
bijvoorbeeld, dus, maar, ook, om te

Verwijswoorden
deze, die, dat, hij, zij, daar

Slide 10 - Slide

Signaalwoorden

Slide 11 - Slide

Signaalwoorden
Hoort bij tekstverband.
Verschillen per tekstverband.

Bij conclusie andere woorden dan bij vergelijking.

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Link

Slide 14 - Video

Signaalwoorden

Slide 15 - Slide

Tekstverband doel-middel

Slide 16 - Slide

Tekstverband - opsomming

Slide 17 - Slide

Aan de slag
Zie Magister

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Slide

Samenhang in gesproken teksten

  • Tekst met samenhang is beter te volgen.
  • Geldt voor geschreven én gesproken teksten.
  • Tekst met samenhang: onderdelen in logische volgorde.

Slide 20 - Slide

Tekstgedeelte herkennen

Nieuw tekstgedeelte gaat over een ander deelonderwerp.

Herken je aan:
  • (langere) adempauze spreker;
  • tekst in beeld of een ander soort beeld;
  • verwijswoorden of signaalwoorden.

Slide 21 - Slide

Tekstgedeelte herkennen

  • (langere) adempauze spreker

Slide 22 - Slide

Slide 23 - Link

Tekstgedeelte herkennen

  • tekst in beeld of een ander soort beeld

Slide 24 - Slide

Tekstgedeelte herkennen

  • tekst in beeld of een ander soort beeld

Slide 25 - Slide

Slide 26 - Video

Tekstgedeelte herkennen

  • verwijswoorden of signaalwoorden

Slide 27 - Slide

Slide 28 - Video

Tekstgedeelte herkennen

verwijswoorden of signaalwoorden
  • niet alleen ... maar
  • zelfs
  • natuurlijk

tekst in beeld of ander soort beeld
  • (video 3:08 - Bökkers met vrouw in bed)
  • (4:16 - Angela de Jong)

Slide 29 - Slide

Verwijswoorden

Zorgen voor samenhang, want verwijzen naar ander woord/zin.

Bijvoorbeeld:
Presteren onder druk is niet erg, behalve als die te groot wordt. Die verwijst naar druk.
Op tijd naar bed gaan, dat is erg belangrijk om fit te blijven.
Dat verwijst naar op tijd naar bed gaan.

Slide 30 - Slide

Signaalwoorden

Zorgen voor samenhang, want geven verband aan tussen deelonderwerpen en zinnen.

Signaalwoord: vaak één woord, zoals omdat of toen.
Soms: groepje woorden als signaalwoord, zoals: enerzijds ... anderzijds, maar ook zowel ... als
Zie schema tekstverbanden <-> signaalwoorden

Slide 31 - Slide

Signaalwoord-tekstverband 
  • want geeft reden of verklaring aan
  • hierdoor of daardoor geeft oorzaak-gevolg aan
  • dus geeft conclusie aan
  • maar geeft tegenstelling aan

Slide 32 - Slide

Oorzaak-gevolg

Slide 33 - Slide

reden/verklaring (want)

Slide 34 - Slide

Slide 35 - Video

Aan de slag
Zie Magister

Slide 36 - Slide

Schrijven
Samenhangende teksten schrijven, hoe doe je dat?

Slide 37 - Slide

Slide 38 - Video

Samenhangende tekst schrijven
Goede tekst: duidelijke structuur + samenhang.
Hoe?
  • Werk met een schrijfplan.
  • Zorg voor een goede opbouw: inleiding, kern, slot.
  • Gebruik tussenkopjes - geven deelonderwerpen aan.
  • Samenhang alinea’s: signaalzinnen en signaalwoorden.
  • Samenhang binnen een alinea: signaal- en verwijswoorden.

Slide 39 - Slide

Schrijfplan - leeg
  • dwingt tot structuur
  • deelonderwerpen: aantal staat niet vast, kunnen meer/minder zijn

Slide 40 - Slide

Schrijfplan - ingevuld

  • trefwoorden, geen zinnen
  • zoals je in presentatie doet
  • deelonderwerp: tussenkopje / titel dia

Slide 41 - Slide

Schrijfplan - voorbeeld

Slide 42 - Slide

Samenhang in geschreven teksten
  • op tekstniveau: de tekst heeft een bepaalde (vaste) structuur;
  • op alineaniveau: de alinea’s staan op een logische manier met elkaar in verband;
  • op zinsniveau: de zinnen sluiten logisch op elkaar aan.

Slide 43 - Slide

Samenhang
Kernzinnen
Vaak eerste zin alinea

Daarna verdere uitleg of toelichting

Slide 44 - Slide

Samenhang
Signaalwoorden
bijvoorbeeld, dus, maar, ook, om te

Verwijswoorden
deze, die, dat, hij, zij, daar

Slide 45 - Slide

Samenhang in geschreven teksten
  • Samenhang zorgt voor leesbare tekst.
  • Structuur: opbouw in inleiding, kern en slot.

Maar er zijn nog meer manieren om samenhang in teksten aan te brengen.

Slide 46 - Slide

Samenhang - schrijven (inleiding)
Voorbeelden signaalzinnen en signaalwoorden in inleiding:
  • In dit artikel wil ik … beschrijven.
  • Eerst bespreek ik …, daarna volgt … en tot slot …
  • Mijn rolmodel is … en zij is zo belangrijk voor me omdat …

Slide 47 - Slide

Samenhang - schrijven (kern)
Je gaat verder met wat je in de inleiding hebt aangegeven.

Voorbeelden signaalzinnen en signaalwoorden in kern:
  • Zoals we eerder hebben gezien …
  • Om deze reden …
  • Hieruit volgt dat … 

Slide 48 - Slide

Samenhang - schrijven (slot)
Je sluit aan op wat je in de kern hebt beschreven.
  

Voorbeelden signaalzinnen en signaalwoorden in slot:
  • Tot slot vind ik …
  • Daarom is het belangrijk om …
  • Alles bij elkaar denk ik dat … 

Slide 49 - Slide

Samenhang in geschreven teksten
  • Alinea’s staan in een logische volgorde.
  • Verband door signaalwoorden en signaalzinnen.

Bijvoorbeeld: alinea geeft vooruitblik of juist terugblik. Signaalzinnen zijn dan bijvoorbeeld:
  • In dit betoog zal ik het onderwerp …
  • Zoals je in de volgende paragraaf kunt lezen …

Slide 50 - Slide

Samenhang in geschreven teksten
Kernzin alinea (vaak 1e of laatste zin): belangrijkste boodschap. Rest van alinea: extra uitleg of toelichting.

Verband tussen de zinnen wordt aangegeven door:
  • signaalwoorden (maar, wat, ook, omdat, zowel ... als, ...)
  • verwijswoorden (deze, die, dat, hij, zij, daar, ...)

Slide 51 - Slide

Aan de slag
  • Vul een schrijfplan in en werk het verder uit
  • Bedenk onderwerp, bijv.:
   - seizoenen in loonwerk
   - hoe ziet je werkdag eruit
   - met welke machines werk je
   - wat doe je in je vrije tijd

Slide 52 - Slide