DISK technologie extra

DISK technologie
Woordenschat les
1 / 47
next
Slide 1: Slide

This lesson contains 47 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Items in this lesson

DISK technologie
Woordenschat les

Slide 1 - Slide

Type hier een titel
๐Ÿ’ŽBijzonder
Dit cadeau is heel bijzonder voor mij.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Speciaal
  • Uniek 
  • Mooi

Slide 2 - Slide

Type hier een titel
๐ŸŽ“ Het onderwijs
Onderwijs is belangrijk om veel te leren.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • School
  • Leren
  • Docent

Slide 3 - Slide

Type hier een titel
๐Ÿ”ฎ De toekomst
In de toekomst wil ik dokter worden.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Later
  • Wensen
  • Dromen

Slide 4 - Slide

Type hier een titel
๐ŸŒ De wereld
De wereld is groot en heeft veel landen.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Aarde
  • Landen
  • Mensen

Slide 5 - Slide

Type hier een titel
โš’๏ธ Werken
Mijn vader werkt in een fabriek.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Baan
  • Geld
  • Doen

Slide 6 - Slide

Type hier een titel
Alles
Ik heb alles op mijn bord opgegeten.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Helemaal
  • Veel
  • Niet niets

Slide 7 - Slide

Type hier een titel
๐Ÿง‘Iemand 
Iemand klopt op de deur.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Persoon
  • Wie?
  • Onbekend

Slide 8 - Slide

Type hier een titel
 ๐Ÿ› ๏ธMaken 
Ik maak een mooie tekening.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Doen
  • Bouwen
  • Ik maak

Slide 9 - Slide

Type hier een titel
๐Ÿ‘จโ€๐Ÿš€De astronaut
  • De astronaut vertelde over zijn ervaringen tijdens de ruimtereis.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Ruimte
  • Ruimtereis
  • Wetenschap

Slide 10 - Slide

Type hier een titel
De ruimtereis ๐Ÿš€
De astronaut maakt een ruimtereis.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • De astronaut
  • Ruimte
  • Planeten



Slide 11 - Slide

Type hier een titel
bezoeken
Ik ga mijn vriendin morgen in het ziekenhuis bezoeken.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Komen
  • Reizen
  • Ontmoeten

Slide 12 - Slide

Type hier een titel
Realiseren
Ik realiseer mij hoe belangrijk school is.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Weten
  • Snappen
  • Begrijpen



Slide 13 - Slide

Type hier een titel
De termijn
het huiswerk moet binnen de termijn klaar.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Tijd
  • Planning 
  • op tijd



Slide 14 - Slide

Type hier een titel
Tonen
Hij toont zijn presentatie aan de klas.

๐Ÿ”บ Woorddriehoek:
  • Laten zien
  • Presenteren



Slide 15 - Slide

Type hier een titel
Waarschijnlijk


๐Ÿ”บ Woorddriehoek:




Slide 16 - Slide

Wat gaan we doen?
Filmpje kijken met vragen.
Vragen beantwoorden.
Opdrachten maken in werkboekje.

Slide 17 - Slide

Filmpje kijken
Beantwoord de vragen op jouw papiertje.
Na het filmpje stuur je jouw antwoord in LessonUp en gaan we het bespreken.

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Video

Vragen bespreken

Slide 20 - Slide

Wat is een zorgrobot?

Slide 21 - Open question

Waarvoor wordt een zorgrobot gebruikt?

Slide 22 - Open question

Hoe helpt de zorgrobot oude mensen?

Slide 23 - Open question

Waarom gebruiken mensen een zorgrobot?

Slide 24 - Open question

Opdrachten maken
Maak opdracht 1 t/m 3 uit het werkboekje.
Klaar? bouwstenen maken in DISK.

Slide 25 - Slide

Huiswerk laten zien
Wat moest je doen?
Opdracht 1 t/m 3 maken uit het werkboekje.

Slide 26 - Slide

Huiswerk samen nakijken

Slide 27 - Slide

Veel nieuwe woorden!
Wat betekenen de woorden van de woordenlijst?
Schrijf de woorden in je schrift.

Slide 28 - Slide

De emotie
Een gevoel, bijvoorbeeld blij, boos of verdrietig.


In een zin:
Ik voel veel emoties

Slide 29 - Slide

modern
Van deze tijd


In een zin:
Ik heb een moderne auto.
Deze kledingstijl is modern.

Slide 30 - Slide

Het onderwerp
waarover het gaat

In een zin:
Het onderwerp van mijn spreekbeurt is Italiรซ.
Het onderwerp van dit boek is liefde.

Slide 31 - Slide

De ruimtereis
Een reis naar een gebied buiten de aarde.

In een zin:
De raket gaat een ruimtereis maken.
Elon Musk maakt een ruimtereis.

Slide 32 - Slide

De inhoud
Alles wat in iets zit.


De inhoud van deze beker is paars

Slide 33 - Slide

Onderweg
Tijdens de reis

Ik ben onderweg naar huis.

Slide 34 - Slide

De voorstelling
Hoe iets er in jouw hoofd uitziet. 

werkwoord: voorstellen

Ik stel mij voor dat het huis heel mooi is.

Slide 35 - Slide

Even oefenen...

Slide 36 - Slide

Iets is niet van vroeger, maar van nu. Het is .....

Slide 37 - Open question

Waar het over gaat:
(+ de/het)

Slide 38 - Open question

Wat ergens in zit:
(+ de/het)

Slide 39 - Open question

De voorstelling
A
Hoe iets er in jouw hoofd uitziet.
B
Iets wat niet echt is
C
Het uiterlijk van iemand
D
Een gek idee

Slide 40 - Quiz

Nog een paar woorden

Slide 41 - Slide

Het apparaat
Een ding dat je kunt gebruiken om je te helpen bij iets.

het apparaat - de apparaten

Zin: Ik heb een nieuw apparaat gekocht voor in de keuken.

Slide 42 - Slide

De astronaut
Iemand die voor zijn werk naar de ruimte gaat.

De astronaut - de astronauten

Zin: Mijn broer wil later astronaut worden

Slide 43 - Slide

De fabriek
Een bedrijf dat producten maakt met machines. 
De autofabriek : een fabriek waar ze auto's maken

De fabriek - de fabrieken

Zin: In die fabriek maken ze laptops

Slide 44 - Slide

Mini
Heel klein

Zin: Babykleding is echt mini.
Zin: De oude man woont in een mini huisje

Slide 45 - Slide

De termijn
Een bepaalde tijd waarbinnen je iets gedaan moet hebben.


Zin: De termijn om te betalen is verlopen.

Slide 46 - Slide

Aan het werk!
Maak opdracht 4 t/m 8 uit je boekje.
Dit is ook huiswerk.
Mevrouw Fokelien controleert het morgen!

Slide 47 - Slide