GT2 Les 6: Sociale verzekering

Inloop
-Ga op je eigen plek zitten (plattegrond)
-Pak en zet je spullen op tafel
-Inloggen in LessonUp
Spullen nodig voor vandaag:
-Laptop 
-Pen
-Rekenmachine



1 / 26
next
Slide 1: Slide
EconomieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 2

This lesson contains 26 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Inloop
-Ga op je eigen plek zitten (plattegrond)
-Pak en zet je spullen op tafel
-Inloggen in LessonUp
Spullen nodig voor vandaag:
-Laptop 
-Pen
-Rekenmachine



Slide 1 - Slide

Les 6
Sociale Verzekering

Slide 2 - Slide

Lesplanning
Lesdoel: 
Terugblik: Sociale Zekerheid                                (5min)
Voorkennis:                                                                  (5min)
Instructie: Sociale Verzekeringen                     (10min)
Begeleid inoefenen: Bordvraag                          (5min)
Zelfstandig oefenen: Werkblad                          (15min)
Huiswerk: Werkblad
Evaluatie:                                                                        (5min)

Slide 3 - Slide

Lesdoelen
1. Ik kan drie sociale verzekeringen noemen

2. Ik kan uitleggen wanneer ik recht heb op de drie sociale verzekeringen

3. Ik kan uitleggen wat de sociale minimum is en ik kan berekenen hoeveel uitkering iemand kan krijgen

Slide 4 - Slide

Doe je laptop open

Slide 5 - Slide

Terugblik
Plaats de begrippen in de juiste plek van 
de afbeelding

Slide 6 - Slide

Loon
Sociale premies
Sociale uitkeringen

Slide 7 - Drag question

Voorkennis
Beantwoord de volgende meerkeuze vragen

Slide 8 - Slide

Wie betalen sociale premies?
A
Mensen die werken
B
Mensen die niet kunnen werken
C
Iedereen die het wilt
D
Iedereen

Slide 9 - Quiz

Wie krijgen sociale uitkeringen?
A
Mensen die werken
B
Mensen die niet kunnen werken
C
Iedereen die het wilt
D
Iedereen

Slide 10 - Quiz

Wat is de doel van sociale uitkeringen?
A
Mensen helpen die niet genoeg geld verdienen zodat ze kunnen leven
B
Rijke mensen straffen
C
Meer banen maken
D
De overheid geld geven

Slide 11 - Quiz

Doe je laptop dicht

Slide 12 - Slide

Instructie (1/3)
De drie belangrijkste uitkeringen
AOW = Algemene Ouderdoms Wet

WW-uitkering = Werkloosheids Wet

Bijstandsuitkering = Uitkering (geld) die je krijgt als je niet genoeg geld verdient om te kunnen leven

Slide 13 - Slide

Instructie (2/3)
Wanneer kan iemand een uitkering krijgen?

AOW krijg je wanneer iemand met pensioen gaat

WW-uitkering krijg je  als iemand werkloos is en zoekt naar een baan

Bijstandsuitkering krijg als iemand onder de sociale minimum verdient

Slide 14 - Slide

Instructie (3/3)
Wat is sociaal minimum?
\

Voorbeeld:
Sociaal minimum = Wat iemand minimaal moet verdienen om in Nederland te kunnen leven.
Stel, het sociaal minimum is 1200 euro per maand voor een alleenstaande persoon. Deze persoon verdient 950 euro met zijn salaris. Hij heeft recht op bijstandsuitkering. Hoeveel uitkering mag hij krijgen?

Slide 15 - Slide

Begeleid Oefenen
Beantwoord de volgende vragen. Kies welke uitkering 
deze persoon recht op heeft.

Slide 16 - Slide

Doe je laptop open

Slide 17 - Slide

Een vrouw gaat met pensioen.
A
AOW-uitkering
B
WW-uitkering
C
Bijstandsuitkering
D
Geen van de drie

Slide 18 - Quiz

Een man verdient lager dan de minimumloon.
A
AOW-uitkering
B
WW-uitkering
C
Bijstandsuitkering
D
Geen van de drie

Slide 19 - Quiz

Een man wordt van zijn baan ontslagen en zoekt nu een nieuwe baan.
A
AOW-uitkering
B
WW-uitkering
C
Bijstandsuitkering
D
Geen van de drie

Slide 20 - Quiz

Een jonge vrouw werkt hard en verdient veel geld.
A
AOW-uitkering
B
WW-uitkering
C
Bijstandsuitkering
D
Geen van de drie

Slide 21 - Quiz

Doe je laptop dicht

Slide 22 - Slide

Zelfstandig oefenen
Maak nu de werkblad af. Je hebt 15 min om dit af te hebben. Je mag 
samen met je buurman of buurvrouw werken.


Klaar? Dan mag je een boek lezen of aan school werken


timer
15:00

Slide 23 - Slide

Huiswerk
Maak je werkblad af

Slide 24 - Slide

Evaluatie
Wat vonden jullie van de les?


Wat vond ik van de les?


Wat kunnen we anders doen?

Slide 25 - Slide

Lesafsluiting
Waarom is het belangrijk dat er verschillende soorten uitkeringen 
bestaan in Nederland?





Volgende les oefen toets.

Slide 26 - Slide