oefendictee

Oefendictee 
veel succes!!!

het zijn er 15!
en nog een paar andere vragen
log ook even in met de lessonup
1 / 28
next
Slide 1: Slide
SpellingBasisschoolGroep 5

This lesson contains 28 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Oefendictee 
veel succes!!!

het zijn er 15!
en nog een paar andere vragen
log ook even in met de lessonup

Slide 1 - Slide

1
schrijf het woord op.

1.

Slide 2 - Open question

2
schrijf het woord op.

2.

Slide 3 - Open question

3
schrijf het woord op.

3.

Slide 4 - Open question

4
schrijf het woord op.

4.

Slide 5 - Open question

5
schrijf het woord op.

5.

Slide 6 - Open question

6
schrijf het woord op.

6.

Slide 7 - Open question

7
schrijf het woord op.

7.

Slide 8 - Open question

8
schrijf het woord op.

8.

Slide 9 - Open question

9
schrijf het woord op.

9.

Slide 10 - Open question

10
schrijf het woord op.

10.

Slide 11 - Open question

11
schrijf het woord op.

11.

Slide 12 - Open question

12
schrijf het woord op.

12.

Slide 13 - Open question

13
schrijf het woord op.

13.

Slide 14 - Open question

14
schrijf het woord op.

14.

Slide 15 - Open question

15
schrijf het woord op.

15.

Slide 16 - Open question

Dat was hem! 
blijven oefenen!!!

nu komen er ngo een paar andere

Slide 17 - Slide

Welk woord is goed?
A
schommelen
B
schaapen
C
slappen
D
katen

Slide 18 - Quiz

Welk woord is goed?
A
renen
B
loopen
C
handbalen
D
voetballen

Slide 19 - Quiz

welk woord is goed?

A
molen
B
mollen

Slide 20 - Quiz

Welk woord is goed?
A
de breete
B
de breette
C
de breedte
D
de brette

Slide 21 - Quiz

Welk woord is goed?
A
spaarekening
B
spaareekening
C
spaarreekening
D
spaarrekening

Slide 22 - Quiz

Welk woord is goed?
A
opzei
B
opzij
C
opzie
D
oppzij

Slide 23 - Quiz

Welk woord is goed?
A
fietes
B
fiets
C
fites
D
feits

Slide 24 - Quiz

Welk woord is goed?
A
berug
B
breg
C
derg
D
berg

Slide 25 - Quiz

welk woord is goed?
A
nieuwsgieriger
B
nieuwschieriger

Slide 26 - Quiz

Welk woord is goed?
A
nieuwsgieriger
B
nieuwschieriger

Slide 27 - Quiz

welk woord is goed?
A
versgrikkelijk
B
vurschrikkeluk
C
verschrikelijk
D
verschrikkelijk

Slide 28 - Quiz