Link + 4.3 B1 snel

Programma
Thema 4.3 - de klantenservice
- Grammatica: voegwoorden en signaalwoorden
- klacht - mindmap
- Lezen, bespreken tekst 
- Uitspraakoefeningen


1 / 19
next
Slide 1: Slide
Voegwoorden en signaalwoorden: tijdISK

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 20 min

Items in this lesson

Programma
Thema 4.3 - de klantenservice
- Grammatica: voegwoorden en signaalwoorden
- klacht - mindmap
- Lezen, bespreken tekst 
- Uitspraakoefeningen


Slide 1 - Slide

voegwoorden en signaalwoorden
Ik wil graag weten of je ook spaart.
Het woord of verbindt twee zinnen. Het heeft hier verder niet echt een betekenis.
Welke twee zinnen?



Slide 2 - Slide

Conjuncties (voegwoorden) en signaalwoorden
Ik wil graag weten of je ook spaart.
Het woord of verbindt twee zinnen. Het heeft hier verder niet echt een betekenis.
De twee zinnen zijn: Ik wil graag iets weten. Spaar je ook?


Slide 3 - Slide

Conjuncties (voegwoorden) en signaalwoorden
Je weet niet wanneer je het geld nodig hebt.
Ook het vraagwoord wanneer verbindt twee zinnen.
Welke?




Slide 4 - Slide

Conjuncties (voegwoorden) en signaalwoorden
Je weet niet wanneer je het geld nodig hebt.
Ook het vraagwoord wanneer verbindt twee zinnen.
Welke?
Wanneer heb je het geld nodig?
Dat weet je niet.



Slide 5 - Slide

Conjuncties (voegwoorden) en signaalwoorden
We gebruiken deze woorden om zinnen te combineren en/of om de relatie tussen zinnen te laten zien. 

Bijvoorbeeld: 
Sabine is te laat omdat ze haar trein heeft gemist. 
Dit is een goed restaurant en het is niet duur


Slide 6 - Slide

Nu volgen er 7 zinnen. 
Maak ze af met behulp van de juiste voegwoorden/vraagwoorden. 

Slide 7 - Slide

Verbind de twee zinnen.
Ik ga naar huis. Ik ben ziek.

Slide 8 - Open question

Verbind de twee zinnen.
Waar zijn de laarsen? Dat weet je niet.

Slide 9 - Open question

Verbind de 2 zinnen
Wanneer krijg je het geld teruggestort? Dat weet je niet.

Slide 10 - Open question

Ik heb een rotdag. Het geld is nog steeds niet teruggestort.

Slide 11 - Open question

Verbind de twee zinnen.
Bart wil fietsen. Zijn fiets is gestolen.

Slide 12 - Open question

De schoenen waren te krap. Ik heb nogal brede schoenen.

Slide 13 - Open question

Ik wil dat ze het geld terugsturen. Ze mogen ook andere laarsen sturen.

Slide 14 - Open question

Thema 4.3
Heb jij wel eens een klacht?
We maken een mindmap. 

Slide 15 - Slide

de klacht

Slide 16 - Mind map

de woorden
Thema 4.3 Wat een gedoe.

Slide 17 - Slide

de klantenservice
Goedemorgen, met de klantenservice
Goedemorgen, met ....
Waarmee kan ik u helpen?
Ik heb een probleem. Ik....
Wat is het ordernummer?
.......
En uw adres?
.....


Slide 18 - Slide

Afsluiting
Huiswerk: 
Thema 4 les 3: Doe de taak - opdracht 4 
Stuur deze naar je docent.
Thema 4 les 4, opdracht 1-6 
Optioneel: grammatica 3.14-3.17

Slide 19 - Slide