What is LessonUp
Search
Channels
Log in
Register
‹
Return to search
English Grammar word order and tenses
English Grammar
You know how to form a correct English sentence
You understand tenses a bit better (verbs).
Please join this LessonUp (lessonup.com).
1 / 19
next
Slide 1:
Slide
Engels
Middelbare school
MBO
Leerjaar 1
Studiejaar 1
This lesson contains
19 slides
, with
interactive quizzes
and
text slides
.
Lesson duration is:
60 min
Start lesson
Save
Share
Print lesson
Items in this lesson
English Grammar
You know how to form a correct English sentence
You understand tenses a bit better (verbs).
Please join this LessonUp (lessonup.com).
Slide 1 - Slide
The order of an English sentence.
Engelse zinnen staan altijd in dezelfde volgorde.
Who - does - what - with/for whom - where - when.
Slide 2 - Slide
Dus:
onderwerp (Who?)
werkwoordelijk gezegde (does/did?)
lijdend voorwerp (what?)
meewerkend voorwerp (with/for whom?)
bijwoordelijke bepaling plaats (where?)
bijwoordelijke bepaling tijd (when?)
Slide 3 - Slide
Ontleden
Mijn oma heeft vorige week zondag koekjes voor ons gebakken in haar keuken.
Kun je deze zin ontleden (volgende dia)?
Slide 4 - Slide
Mijn oma
koekjes
heeft gebakken
vorige week zondag
voor ons
in haar keuken
Who
does
what
for whom
where
when
Slide 5 - Drag question
Translate the components and put them in the correct order.
Slide 6 - Open question
Let op!
Woorden die aangeven hoe vaak iets gebeurt komen altijd voor het belangrijkste werkwoord.
Slide 7 - Slide
Mijn opa gaat op zondag altijd fietsen.
My grandfather always cycles on Sundays.
always - usually - sometimes - often -seldomly - never - once a week - normally - etc.
Slide 8 - Slide
www.englisch-hilfen.de
Slide 9 - Link
Slide 10 - Slide
Perfect
have/has/had + voltooid deelwoord
Slide 11 - Slide
Continuous
am/are/is/was/were + werkwoord-ing
Slide 12 - Slide
perfect continuous
have/has/had + been + werkwoord-ing
Slide 13 - Slide
De present perfect gebruik je als...
A
het gaat om het resultaat van een handeling in het verleden
B
iets in het verleden is begonnen en nog voortduurt
C
iets in het verleden is begonnen en nog voortduurt en je wilt de tijdsduur benadrukken
D
de handeling je irriteert.
Slide 14 - Quiz
De present perfect continuous gebruik je als ...
A
je ook de woorden 'recently' of 'lately' in de zin gebruikt
B
iets in het verleden is begonnen en nog voortduurt
C
iets in het verleden is begonnen en nog voortduurt en je wilt de tijdsduur benadrukken
D
de handeling je irriteert.
Slide 15 - Quiz
He has worked at the office all day.
(He is tired now.)
A
Present Perfect
B
Present Perfect Continuous
C
Past Perfect
D
Present Simple
Slide 16 - Quiz
I have been studying English for five years now.
A
Present Perfect
B
Present Perfect Continuous
C
Past Perfect
D
Present Simple
Slide 17 - Quiz
Exercises
In another tab
Slide 18 - Slide
This lesson was....
Very good!
Good
Okay
Not great
A waste of my time
Slide 19 - Poll
More lessons like this
English Grammar word order and tenses
November 2021
- Lesson with
17 slides
Engels
Middelbare school
MBO
Leerjaar 1
Studiejaar 1
Word order chapter 2
June 2022
- Lesson with
20 slides
Engels
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 1
week 6 present perfect continuous, past perfect continuous
August 2022
- Lesson with
29 slides
Engels
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
week 4.0
August 2022
- Lesson with
35 slides
Engels
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
28 okt A3E
October 2021
- Lesson with
30 slides
Engels
Middelbare school
vwo
Leerjaar 2
5.5
March 2021
- Lesson with
24 slides
Engels
MBO
Studiejaar 4
Word Order (H5)
April 2024
- Lesson with
36 slides
Engels
Middelbare school
havo
Leerjaar 4,5
Word Order
12 days ago
- Lesson with
36 slides
Engels
Middelbare school
havo
Leerjaar 4,5