Grammatica herhaling: aanwijzende voornaamwoorden

1 / 16
next
Slide 1: Slide
EngelsMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1

This lesson contains 16 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Planning of today
  • Groups
  • Prior knowledge
  • Goals of today
  • Grammar recap
  • Check
  • Work on your own

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Aanwijzende voornaamwoorden:

Slide 4 - Mind map

Goals of today
  • At the end of the lesson, I am able to point at one thing that is close to me.
  • At the end of the lesson, I am able to point at two or more things that are close to me.
  • At the end of the lesson, I am able to point at one thing that is far away from me. 
  • At the end of the lesson, I am able to point at two or more things that are far away from me.

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Aanwijzende voornaamwoorden

Those gebruik je wanneer
A
je praat over enkelvoud en dichtbij
B
je praat over enkelvoud en ver weg
C
je praat over meervoud en dichtbij
D
je praat over meervoud en ver weg

Slide 7 - Quiz

Aanwijzende voornaamwoorden

This gebruik je wanneer
A
je praat over enkelvoud en dichtbij
B
je praat over enkelvoud en ver weg
C
je praat over meervoud en dichtbij
D
je praat over meervoud en ver weg

Slide 8 - Quiz

Aanwijzende voornaamwoorden

These gebruik je wanneer
A
je praat over enkelvoud en dichtbij
B
je praat over enkelvoud en ver weg
C
je praat over meervoud en dichtbij
D
je praat over meervoud en ver weg

Slide 9 - Quiz

Aanwijzende voornaamwoorden

That gebruik je wanneer
A
je praat over enkelvoud en dichtbij
B
je praat over enkelvoud en ver weg
C
je praat over meervoud en dichtbij
D
je praat over meervoud en ver weg

Slide 10 - Quiz

Fill in the gap:

________ bag over there is cheapter
A
this
B
that
C
these
D
those

Slide 11 - Quiz

Fill in the gap:

________ pens are super colourful.
A
this
B
that
C
these
D
those

Slide 12 - Quiz

Fill in the gap:

I love ________ bag so much, it's my favourite!
A
this
B
that
C
these
D
those

Slide 13 - Quiz

Fill in the gap:

Let's go to ________ shops over there!
A
this
B
that
C
these
D
those

Slide 14 - Quiz

Work on your own:
StudyGo - unit 3
Teams - Aanwijzende voornaamwoorden - worksheet

Slide 15 - Slide

Homework:
Teams - Aanwijzende voornaamwoorden - worksheet

Slide 16 - Slide