LES 5 DEF Medicatie en medicatieveiligheid

Medicatie en medicatieveiligheid

1 / 39
next
Slide 1: Slide
anatomieMBOStudiejaar 1

This lesson contains 39 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.

Items in this lesson

Medicatie en medicatieveiligheid

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Huiswerk  10-3-2025


Maken: Leermodule wet zorg en dwang: 

  • onderdeel 3 --> zorg en dwang in jouw praktijk
  • E-learning valrisico maken + certificaat uploaden Its learning portfolio
       https://www.veiligheid.nl/kennisaanbod/e-learning/e-learning-   
       opsporen-van-valrisico-bij-ouderen


Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Toetsing deze periode 
https://www.veiligheid.nl/kennisaanbod/e-learning/e-learning-opsporen-van-valrisico-bij-ouderen

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Leerdoelen
Je kunt:

  • benoemen welke veilige principes er bestaan binnen het werken met medicatie.
  • Benoemen welke toedieningsvormen er zijn
  • benoemen welke 5 doelen een medicijn kan hebben

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Slide 5 - Video

This item has no instructions

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Doel van een medicijn
  • Symptoom bestrijders
  • Causale werking
  • Te korten aanvullen
  • Profylactisch of preventief
  • Placebo

Slide 7 - Slide

This item has no instructions


A
Symptoombestrijder
B
Genezende werking
C
Tekorten aanvullen
D
Placebo

Slide 8 - Quiz

This item has no instructions

Antibiotica
A
Symptoombestrijder
B
Genezende werking
C
Tekorten aanvullen
D
Preventieve werking

Slide 9 - Quiz

This item has no instructions

Insuline
A
Symptoombestrijder
B
Genezende werking
C
Tekorten aanvullen
D
Placebo

Slide 10 - Quiz

This item has no instructions


A
Symptoombestrijder
B
Genezende werking
C
Tekorten aanvullen
D
Preventieve werking

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

Welke organen zijn betrokken bij de afbraak van medicijnen?
A
De lever en de nieren
B
De hersenen en de lever
C
De nieren en de hersenen
D
De huid en de darmen

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

Welke toedieningswegen
zijn er voor een medicijn?

Slide 13 - Mind map

This item has no instructions

Toedieningswegen: enterale of parenterale toediening
Via het maag-darmstelsel, buiten het maag-darmstelsel om of direct op de plaats van werking.

Slide 14 - Slide

pleisters, medicijnen onder de tong of medicijnen die ingeademd worden
Toedieningsvormen
Enteraal: via maag-darmkanaal
Parenteraal: buiten maag-darmkanaal om
  •     Injecteren
  •     Via huid
  •     Slijmvlies
  •     Per inhalatie
  •     Vaginaal
  •     Sublinguaal
  •     Narcose
Lokale toediening

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Snelheid opname
Snelheid afhankelijk van toediening:
Opdracht
Geef van elk punt 2 voorbeelden van medicatie
Via maag/darmstelsel
Via bloedbaan
Langzame opname
Buiten  maag/darmstelsel
Snel/rechtstreeks in bloedbaan
Snelle werking
Lokaal
Direct op de plaats
Niet in bloedbaan

Slide 16 - Slide

via de mond (bijvoorbeeld tabletten, capsules, drankjes of druppels), via de anus (bijvoorbeeld zetpillen of klysma's)
Retard vertraagde afgifte

injecties of andere manieren (bijvoorbeeld pleisters, medicijnen onder de tong of medicijnen die ingeademd worden). 

Noem van elke soort opname een voorbeeld
Risico's medicijngebruik
  • Bijwerkingen
  • Cumulatie---->
  • Interactie
  • Verslaving
  • Gewenning/tolerantie

Slide 17 - Slide

Bijwerkingen:
Niet gewenste en schadelijke effecten van een geneesmiddel
waarvan de gebruikelijke dosering is gegeven

Cumulatie: Wanneer het middel te vaak
wordt gegeven is de vorige
dosis nog niet voldoende
uitgescheiden en stijgt de
plasmaconcentratie
vootdurend. Dan ontstaat
ophoping of cumulatie van
het geneesmiddel tot
toxische of zelfs lethale
dosis

interactie:
Een wisselwerking tussen medicijnen die tot verandering in de werking en bijwerkingen kunnen leiden

gewenning: Je lichaam went aan het medicijn en je hebt een steeds hogere dosis nodig om hetzelfde effect te ervaren.


Risico's van medicijnen
  • Bijwerkingen: Neveneffecten als diarree, jeuk en dergelijke
  • Cumulatie: Ophoping van medicijnen in het lichaam
  • Interactie: Werking van medicatie op elkaar
  • Verslaving: Lichamelijke en/of psychische afhankelijkheid
  • Gewenning: Steeds meer van een geneesmiddel nodig     hebben om het zelfde effect te bereiken

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Contra-indicatie
Een reden om het medicijn NIET te gebruiken omdat het medicijn een aandoening of ziekte verergert.
absoluut = absoluut niet geven

relatief = oppassen bij het geven

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Juiste tijd
Juiste persoon
Juiste medicijn
Juiste dosering
Juiste toedieningswijze

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Bedenk  6  risico's van medicatiegebruik
timer
5:00

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Taken verzorgende
1. Afspraken maken met  cliënt --> welke ondersteuning
2. Uitzetten medicijnen
3. Aanreiken en/of toedienen van de medicijnen
4. Aftekenen van de medicijnen
7. Signaleren van knelpunten
8. Evaluatie behandeling samen met arts en cliënt

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

Medicatie -->  in groepen
  • Medicatie tbv bloeddruk 
  • Antistollingsmiddelen
  • Medicatie tbv bloedarmoede 
  • Medicatie voor hart- en bloedsomloop
  • Medicatie voor luchtwegen 
  • Maagmedicatie
  • Plasmedicatie
  • Laxeermiddelen
  • Medicijnen tegen diarree
  • Vitaminen

  • Kalmerende medatie
  • slaapmedicatie
  • medicatie tbv hormoonhuishouding
  • medicatie tegen suikerziekte
  • anti-epileptica
  • cytostatica
  • parkinsonmedicatie
  • pijnstillers
  • antibiotica



Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Opdracht

https://www.zorgvoorbeter.nl/thema-s/medicatieveiligheid/scholing/test-je-kennis-over-medicatieveiligheid

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Leerdoelen behaald?
Je kunt:

  • benoemen welke veilige principes er bestaan binnen het werken met medicatie.
  • Benoemen welke toedieningsvormen er zijn
  • benoemen welke 5 doelen een medicijn kan hebben

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

Huiswerk  17-3-2025


Maken

  • Start ZIL medicatie ITS Learning


Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

Slide 33 - Video

This item has no instructions

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

 Farmacokinetiek: Wat doet het medicijn met het lichaam?
  • opname: snelheid en mate waarin medicijn wordt opgenomen (absorptie) en toedieningswegen.
  • verdeling: via maagdarmstelsel en bloedbaan verdeeld, verplaatsen naar weefsels buiten bloedbaan.
  • omzetten: in lever waarna uitscheiding kan plaatsvinden.
  • uitscheiding: voornamelijk via nieren en lever.



Slide 35 - Slide

This item has no instructions

Therapeutische werking

Slide 36 - Slide

This item has no instructions

Medicatietermen
  • Groepsnaam
  • Stofnaam/generieke naam
  • Merknaam/handelsnaam

Slide 37 - Slide

This item has no instructions

Slide 38 - Video

This item has no instructions

Slide 39 - Link

This item has no instructions