Examentraining blok 3 (2025)

Examenvoorbereiding blok 3 (2025)
1 / 72
next
Slide 1: Slide
ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 5

This lesson contains 72 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Examenvoorbereiding blok 3 (2025)

Slide 1 - Slide

Planning
  • Basis rekenwerk
  • Rekenen aan pH's en pOH's
  • Rekenen met percentages
  • Rekenen aan massapercentage /gehaltes
  • Rekenen aan duurzaamheid
  • Rekenen aan ADI etc.
  • Kleine rekendingetjes / tips!

Slide 2 - Slide

Berekening reactiewarmte en andere waarden

Doe je boekje open bij Power to ammonia (2022 – I)
timer
10:00

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

H5
Chemisch rekenen

Slide 7 - Slide

Molaire massa
  • De molecuulmassa druk je uit in u (1 u = 1,66*10-27 kg)
  • De molaire massa (M) druk je uit in gram per mol (g mol-1)
  • Molecuulmassa en molaire massa zijn gelijk, maar met een andere eenheid. (Dankzij Avogadro)
  • Molecuulmassa H2O = 18,016 u
  • Molaire massa H2O = 18,016 g/mol


Slide 8 - Slide

Van gram naar mol rekenen
Onthoud van gram naar mol gedeeld door de molaire massa(M) en van mol naar gram maal (keer) de molaire massa (M).

Slide 9 - Slide

Chloropreenfabriek vraag 11 (examen 2021 - eerste tijdvak). 

Slide 10 - Slide

Enkele rekenvragen uit examens met gram - mol - moraliteit 


zie opgaveblad
timer
15:00

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

H7
Zuren en basen

Slide 16 - Slide

Herkennen zuur-base reactie

Slide 17 - Slide

Zuur-Base reacties
OH- als base:          H+ + OH- --> H2O
O2- als base:           2H+ + O2- --> H2O
CO32- als base:      2H+ + CO32- --> CO2 + H2O
NH3 als base:         H+ + NH3 --> NH4+
HCO3- als base:     H+ + HCO3- --> CO2 + H2O

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Slide

pH en pOH (BINAS)
pH is de concentratie [H+] op een logaritmische schaal. 
pH = - log [H+]
[H+] = 10-pH

Slide 22 - Slide

pH en pOH
pOH is de concentratie [OH-] op een logaritmische schaal. 
pOH = - log [OH-]
[OH-] = 10-pOH

Slide 23 - Slide

Significantie
Het aantal decimalen bij pH-waarde = 
aantal significante cijfers in [H+].
 [H+] = 3,5 x 10-4 mol/L
pH = 3,46

Slide 24 - Slide

Vraag pH bij base

Een basische oplossing bevat 0,365 mol  OH--ionen per liter. 

Bereken de pH van deze oplossing in het juiste aantal decimalen.

Slide 25 - Slide

Antwoord vraag pH bij base

pOH = - log [OH-
pOH = - log (0,365) = 0,438
pH = 14,000 - pOH = 14,000 - 0,438 = 13,556


Slide 26 - Slide

pH vraag in Alpaca (2023)
timer
2:00

Slide 27 - Slide

Slide 28 - Slide

pH vraag in goede wijn
Maak de pH vraag
timer
2:00

Slide 29 - Slide

Slide 30 - Slide

pOH vraag (2017)
timer
2:00

Slide 31 - Slide

pOH vraag (2017)

Slide 32 - Slide

Rekenen met percentage
Zorg dat je goed leest van welke stof een percentage wordt genomen. Zelfde regels bij wiskunde. 

Slide 33 - Slide

Voorbeeld 2022 - III

Slide 34 - Slide

Antwoord 

Slide 35 - Slide

Massapercentage
In 200 gram jam zit 15 gram suiker, wat is het massapercentage van de suiker?

Massapercentage=(15 gram/200gram)x100%

Massapercentage = 7,5%

Slide 36 - Slide

K. Rekenen aan gehaltes met massa%, ppm, ppb of met volume%, ppm, ppb
%
ppm = parts per million
ppb = parts per billion

Slide 37 - Slide

Massa/volume% - ppm/ppb
- Alplaca (2023-I) massa%
- Schip (2024 - II) ppm
Examenopdracht kopergehalte van een munt (2019 I): 
- aflezen grafiek
- massapercentage
Maak 4 en 5
timer
15:00

Slide 38 - Slide

Slide 39 - Slide

Slide 40 - Slide

Slide 41 - Slide

Rekenen aan duurzaamheid

Hoe krijgen we cijfermatig een beeld van de "groene chemie" ?

1. Atoomeconomie
2. Rendement
3. E-factor 


Slide 42 - Slide

Atoomeconomie
Een optimale atoomeconomie houdt in dat het eindproduct zoveel mogelijk atomen van de in het proces gebruikte grondstoffen bevat. 

                                                                                                                           %
Atoomeconomie=MassabeginstoffenMassaproduct100

Slide 43 - Slide

Atoomeconomie berekenen

Slide 44 - Slide

Atoomeconomie bij Lignine (2018)
timer
2:00

Slide 45 - Slide

Slide 46 - Slide

E-factor
E-factor, Environmental factor, is het aantal kg afval per kg product. 
                                                                                                               


Let op: Bij de M van het reactieproduct moet je rekening houden met het rendement!
Werkelijke product, daar moet je het rendement bij gebruiken!

Slide 47 - Slide

E-factor berekenen

Slide 48 - Slide

Bereken de E-factor van reactie 1. 
Klaar? Dan ook reactie 2.

Slide 49 - Slide

E-factor  = (m beginstoffen - m werkelijke opbrengst ) / m werkelijke opbrengst
  •           m beginstoffen = 4x 81,38 + 16,042 = 341,562 u
  •           m werkelijke opbrengst :
    er kan 4x 65,38 = 261,5 u aan zink ontstaan theoretisch. Het rendement is              70% dus er de werkelijke opbrengst is: 0,7 x 261,5 = 183 u
  • E-factor = (341,562 - 183) / 183 = 0,866
Reactie 1

Slide 50 - Slide


E-factor = (m beginstoffen - m werkelijke opbrengst ) / m werkelijke opbrengst
  •           m beginstoffen = 81,38 + 28,01 = 109,39 u
  •           m werkelijke opbrengst : 
    er kan 65,38 u aan zink ontstaan theoretisch. Het rendement is 92,2% dus er de werkelijke opbrengst is: 0,922 x 65,38 = 60,3 u
  • E-factor = (109,39 - 60,3) / 60,3 = 0,815
Reactie 2

Slide 51 - Slide

Rendement

Rendement= opbrengst (wat je feitelijk heb gekregen). 

Hier moet je rekenen met mol.


Slide 52 - Slide

Twee vragen rendement (37 Toner / 13 Kunststofafval)
timer
8:00

Slide 53 - Slide

Toner

Slide 54 - Slide

Kunststofafval

Slide 55 - Slide

Rekenen aan waarden

Slide 56 - Slide

ADI waarde
ADI-waarde: aanvaardbare dagelijkse inname

  • Uitgedrukt in mg/kg lichaamsgewicht.

Slide 57 - Slide

LD-50   (Lethale Dosis 50% kans)

  • LD-50 is maat voor acute giftigheid (lethal dose). Dus direct.
  • Dit is de dosis waarbij de helft (50%) van de proefdieren overlijdt, 
  • uitgedrukt in mg per kg lichaamsgewicht.    
  •            mg/kg      of       mg kg-1         let op: per betekent delen

Slide 58 - Slide

TGG-waarde
  • Tijd Gewogen Gemiddelde

  • Maximale concentratie van een stof waar een volwassen persoon gedurende 8 uur (soms 15 min) per dag, gedurende een heel arbeidsleven, aan mag worden blootgesteld zonder gezondheidsproblemen.
  • Uitgedrukt in ppm of mg per m3



Slide 59 - Slide

MAC-waarde
De MAC waarde is de maximaal aanvaardbare concentratie (mg/m3) van een stof die je per dag mag binnen krijgen.

Slide 60 - Slide

MAC-waarde uit 2003
timer
3:00

Slide 61 - Slide

Slide 62 - Slide

ADI-waarde 2018

Slide 63 - Slide

Slide 64 - Slide

Andere berekeningen / tips

Slide 65 - Slide

temperatuur 
NOTEER 
graden Celsius en Kelvin in elkaar omrekenen
-273 

Slide 66 - Slide


Tigo en Mads willen duralum gaan maken. hiervoor gebruiken ze een smeltoven. Tigo en Mads hebben twee smeltovens tot hun beschikking
oven 1 -  maximale temperatuur 1200°C
oven 2 - maximale temperatuur 1250°C 
Leg uit doormiddel van een berekening welke smeltoven geschikt is voor het maken van Duralum
Ik kan omrekenen van Celcius naar Kelvin en andersom.

Slide 67 - Open question

Reactievergelijking polymeer
Een polymeer kan uit ontzettend veel monomeren bestaan. 

Omdat dit eigenlijk te groot is om een reactievergelijking op te stellen (en omdat niet alle ketens even lang zijn), gebruik je de letter n

Bijvoorbeeld: Etheen wordt C2H4(g) -> (C2H4)n(s) 

Slide 68 - Slide

(C6H10O5)n + n H2O --> n C6H12O6

je gebruikt de index 'n' zoals je ook een getal zou gebruiken

(de index hoort laag te staan, maar wordt niet goed weergegeven)

Reactievergelijking hydrolyse

Slide 69 - Slide

Reactievergelijking met n
timer
4:00

Slide 70 - Slide

Slide 71 - Slide

Keuze examenopdrachten 
Power-to-gas
Groen is niet vers
Reactievergelijking
Endotherm / exotherm
Reactiewarmte
E-factor
Blokschema
Argument duurzaamheid
Reactiewarmte
Redenatie activeringsenergie
Weekmaker
Botsende-deeltjesmodel
deurdrempel

Slide 72 - Slide