This lesson contains 28 slides, with interactive quizzes and text slides.
Items in this lesson
Weten we het nog?
Slide 1 - Slide
Dit hebben we geleerd:
Solidariteitsbeginsel
Sociale zekerheid
Sociale verzekeringen
Iedereen met een inkomen staat een deel ervan af voor mensen zonder of met een laag inkomen.
Sociale voorzieningen
Premies
Belasting
volksverzekering
werknemersverzekering
Voor alle inwoners van Nederland
Voor mensen die in loondienst werken / hebben gewerkt.
AOW AnW WLZ
WW
ZW
WIA
Bijstand
Huurtoeslag
Zorgtoeslag
Slide 2 - Slide
Sociale zekerheid gaat uit van solidariteitsbeginsel, wat is het solidariteitsbeginsel
A
De sterken helpen de zwakken
B
De zwakken worden niet geholpen
C
Mensen die niet willen werken krijgen geld
D
Als je 67 jaar bent krijg je te maken met het UWV
Slide 3 - Quiz
Sociale verzekeringen worden betaald uit ...
A
belastinggeld
B
sociale premies
Slide 4 - Quiz
Sociale voorzieningen worden betaald uit ...
A
belastinggeld
B
sociale premies
Slide 5 - Quiz
Welke uitspraak past bij een werknemersverzekering? Een werknemersverzekering....
A
Wordt betaald uit belastinggeld
B
Is gelijk aan het sociaal minimum
C
Is voor als je in loondienst hebt werkt.
D
Behoort tot de sociale voorzieningen.
Slide 6 - Quiz
Welke uitspraak past bij een werknemersverzekering? Een werknemersverzekering....
A
Wordt betaald uit belastinggeld
B
Is gelijk aan het sociaal minimum
C
Is voor als je in loondienst hebt werkt.
D
Behoort tot de sociale voorzieningen.
Slide 7 - Quiz
Aandachtspunten huiswerk
Slide 8 - Slide
€
€1.472
%
100%
70%
Slide 9 - Slide
Kiojak
€
€34.300
%
100%
27,65%
Slide 10 - Slide
verzekeringen
Premies
werknemers
ziektewet
Volks
AOW
ANW
Slide 11 - Slide
voorzieningen
belastingen
bijstands
huur
zorg
Slide 12 - Slide
Slide 13 - Slide
Slide 14 - Slide
Slide 15 - Slide
Slide 16 - Slide
Wat is een indirecte belasting?
A
Een belasting die je rechtstreeks aan de overheid betaalt
B
Een belasting die je via de belastingdienst aan de overheid betaalt
C
Een belasting die je via een winkelier aan de overheid betaalt
Slide 17 - Quiz
Wat is een indirecte belasting?
A
Accijns
B
Inkomstenbelasting
C
Loonbelasting
Slide 18 - Quiz
Wat zijn directe belastingen?
A
belastingen op winst.
B
belastingen op vermogen.
C
belastingen op inkomsten.
D
belastingen op uitgaven.
Slide 19 - Quiz
Wat is geen directe belasting?
A
Inkomstenbelasting
B
Vennootschapsbelasting
C
BTW
Slide 20 - Quiz
Belastingbeginselen
Slide 21 - Slide
Slide 22 - Slide
Slide 23 - Slide
Slide 24 - Slide
Wanneer je in Nederland een hoog inkomen hebt, betaal je in verhouding meer inkomstenbelasting dan iemand met een laag inkomen. Bij het berekenen van de inkomstenbelasting maakt de overheid gebruik van
A
het belastingbeginsel
B
het draagkrachtbeginsel
C
het profijtbeginsel
D
het solidariteitsbeginsel
Slide 25 - Quiz
Iedereen met een inkomen betaalt mee om mensen zonder inkomen een uitkering te geven. Welk begrip sluit hier het beste bij aan?