1MH: Word Order

1MH: Word Order
1 / 11
next
Slide 1: Slide
EngelsMiddelbare schoolmavo, havoLeerjaar 1

This lesson contains 11 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 40 min

Items in this lesson

1MH: Word Order

Slide 1 - Slide

Word Order
Uitleg over woordvolgorde van Plaats en Tijd

Je maakt een aantekening in je schrift!

Slide 2 - Slide

Word Order: Place
In het Engels staat de plaatsaanduiding (waar) achteraan de zin.

They are hiking in the mountains.
I am playing in the garden.

Slide 3 - Slide

Word Order: Time
In het Engels staat de tijdsaanduiding (wanneer) achteraan de zin.

The plants grow in spring.
The test is in two weeks.

Slide 4 - Slide

Word Order: Place & Time
Als Plaats & Tijd samen in één zin staan, komt Plaats vóór Tijd.

She goes to the lake every Friday.
I took her to the movies last week.

Ezelsbruggetje:
De 'P' van Plaats komt vóór de 'T' van Tijd in het alfabet.

Slide 5 - Slide

Test Your Knowledge!
Je krijgt zo 3 verschillende zinsdelen te zien. 
- Het onderwerp (degene die het werkwoord uitvoert)
- Het werkwoord (de actie die uitgevoerd wordt)
- Een plaats- of tijdsaanduiding (of allebei)

Zet de zinsdelen in de goede volgorde. Hiervoor krijg je 30 seconden!

Slide 6 - Slide

went / to the theater
/ she / yesterday.
timer
0:30

Slide 7 - Open question

at the office / last week?
/ did I work
timer
0:30

Slide 8 - Open question

played tennis / for hours.
/ Tim and Sophie
timer
0:30

Slide 9 - Open question

they / were / on Saturday?
/ at the party
timer
0:30

Slide 10 - Open question

To Recap:
Where do we use Place & Time in a sentence?

Slide 11 - Open question