Thema 12: transport en afweer

Thema 12 Transport en afweer

1 / 36
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolvmbo k, g, tLeerjaar 4

This lesson contains 36 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Thema 12 Transport en afweer

Slide 1 - Slide

Bloedcellen

Slide 2 - Slide

Rode bloedcellen
Functie:  vervoert zuurstof
Let op: geen KERN

Bloedarmoede: te weinig rode bloedcellen / hemoglobine
Belangrijk: bevat hemoglobine 

Slide 3 - Slide

Eiwit Hemoglobine
  • In rode bloedcellen zit  het eiwit hemoglobine.
  • Hemoglobine geeft rode bloedcellen hun kleur.
  • Door hemoglobine kunnen rode bloedcellen makkelijk zuurstof opnemen en afgeven. 
  • Tekort aan hemoglobine zorgt voor bloedarmoede.
  • Voor de vorming van hemoglobine 
       is ijzer nodig
hemoglobine----->

Slide 4 - Slide

Rode beenmerg
alle bloedcellen worden in het rode beenmerg gevormd.

Slide 5 - Slide

Rood beenmerg
Rood beenmerg
Rood beenmerg
Geel beenmerg

Slide 6 - Slide

Witte bloedcellen
Functie: Ziekteverwekkers onschadelijk maken
Geen vaste vorm

Er zijn drie typen witte bloedcellen:
  • Witte bloedcellen die bacteriën doden
  • Witte bloedcellen die antistoffen maken tegen ziekteverwekkers
  • Witte bloedcellen die dode cel resten opruimen

Pus: dode witte bloedcellen en bacteriën. 

Slide 7 - Slide

Bloedplaatjes
De bloedplaatjes zorgen voor de stolling van het bloed. Het zijn delen van cellen.

Slide 8 - Slide

Leukemie
Vorm van kanker waarbij onrijpe witte bloedcellen ontstaan.
  • het lichaam kan minder rode bloedcellen en bloedplaatjes aanmaken en is sneller ziek doordat de witte bloedcellen niet goed werken.

Slide 9 - Slide


Hart-longen-hart = kleine bloedsomloop

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

Per omloop (volledig rondje langs álle organen) gaat het bloed 2x door het hart.
  • Kleine bloedsomloop :Zuurstof ophalen in de longen
  • Grote bloedsomloop:  Zuurstof brengen naar de organen
Dubbele bloedsomloop

Slide 13 - Slide

Is dit een dubbele bloedsomloop?
Nee, is een enkele. Per omloop gaat het bloed maar 1x door het hart.
Vissen hebben een enkele bloedsomloop. Ze hebben 1 boezem en 1 kamer.

Slide 14 - Slide

12.3 het hart

Slide 15 - Slide

Uitleg het hart
Je ziet hier het buitenaangezicht van het hart.

Om het hart lopen kransslagaders om zuurstof aan het hart te geven.

Slide 16 - Slide

Onderdelen Hart (binnen)

Slide 17 - Slide

Linkerkamer
De linkerkamer pompt het bloed de aorta in. 
De aorta brengt het bloed naar alle organen

De linkerkamer moet het bloed daardoor erg krachtig de aorta in pompen, hierdoor is de linkerkamer erg gespierd.

Slide 18 - Slide

3 soorten bloedvaten
1. slagaders: dikke gespierde wand, hoge bloeddruk, stroomt richting hart- organen
2. haarvaten: wand is 1 cellaag dik, lage bloeddruk, hier vindt uitwisseling van stoffen plaats
3. aders: dunne wand met kleppen, lage bloeddruk, stroomt richting hart

Kleppen: zodat het bloed maar één kant op stroomt

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide

Hartkleppen
Kleppen tussen de boezem en de kamer: hartkleppen

kleppen tussen de kamer en de bloedvaten: halvemaanvormige kleppen
(aortaklep, longslagaderklep)

Slide 21 - Slide

Een hartslag heeft 3 fasen

Slide 22 - Slide

Oorzaken hart- en vaatziekten

  •  Erfelijkheid
  • Ongezonde leefstijl
  • Overgewicht
  • Roken
  • Te weinig beweging
  • Te zware inspanning
  • Stress

Slide 23 - Slide

Hart- en vaatziekten

Bekende hart- en vaatziekten zijn: 
  • hartinfarct (hartaanval)
  • slagaderverkalking
  • hoge-lage bloeddruk
  • hartritmestoornissen

Slide 24 - Slide

Hoge en lage bloeddruk
Lage bloeddruk
Duizeligheid, vermoeidheid en 
flauwvallen.
Komt niet vaak voor


Hoge bloeddruk
Hoofdpijn en bloedvaten en organen 
beschadigen
Komt vaker voor
120/80
bovendruk/onderdruk
samentrekken hart

Slide 25 - Slide

Slagaderverkalking

Vettige stoffen plakken aan de wand --> ontstaan een plaque.
Cholesterol is de vettige stof die het meest zorgt voor slagaderverkalking.

Prop kan de ader verstoppen.

 Door stress en door roken.

Slide 26 - Slide

Hartinfarct
Hartaanval:
Een deel van de 
hartspier
 krijgt geen zuurstof
 meer en sterft af.

Slide 27 - Slide

Hartritme stoornissen
Langdurige verstoringen van het normale hartritme (hartslagfrequentie)

Oorzaak: Verstoring van de impulsen van het hart
Gevolg: Bloedstroom wordt onregelmatig, kan zelfs stoppen

Normaal
Storing
70x per min.

Slide 28 - Slide

weefselvloeistof

Slide 29 - Slide

Lymfevatenstelsel
Het lymfevatenstelsel is ook een vatenstelsel in ons lijf.
Het zorgt voor de afvoer van vocht met afvalstoffen en de afweer tegen ziekteverwekkers
Het lymfevatenstelsel bestaat uit lymfevaten en lymfeknopen

Slide 30 - Slide

Weefselvloeistof
Weefselvloeistof bevindt zich tussen cellen van de weefsel.

  • De cellen nemen zuurstof en voedingsstoffen op uit de weefselvloeistof​
  • Cellen geven Koolstofdioxide en afvalstoffen aan de weefselvloeistof


Slide 31 - Slide

Lymfevaten:
  • Voeren de lymfe weg van de cellen in de organen
  • Kleppen in de vaten zorgen dat het lymfe maar een kant op gaat
  • lymfe: vloeistof in de lymfevaten

Slide 32 - Slide

Algemene afweer
= de verdediging van je lichaam tegen ziekteverwekkers

afweer bestaat uit verschillende delen.
  • Huid: talg en andere bacteriën voor bescherming
  • Slijmvliezen in luchtwegen en darmkanaal
  • Maagsap
  • Witte bloedcellen sluiten bacteriën in
 

Slide 33 - Slide

Bestrijden ziekteverwekkers

  • Bacteriën: antibiotica

  • Virussen zijn niet te bestrijden, moet je uitzieken

Slide 34 - Slide

Antistoffen
  1. Ziekteverwekker bevat lichaamsvreemde stoffen.
  2. Witte bloedcel reageert door antistoffen te maken
  3. Antistoffen hechten op ziekte verwekker 
  4. Ziekte verwekker is onschadelijk

Is specifiek!

Slide 35 - Slide

Immuun
  • Bij eerste infectie met ziekte leren witte bloedcellen de antistoffen te maken
  • Eerste infectie: ziek
  • Tweede infectie: witte bloedcellen maken snel veel antistoffen --> je wordt niet meer ziek = immuun

Slide 36 - Slide