4.1 Welvaart in de wereld

4.1 Welvaart in de wereld
1 / 17
next
Slide 1: Slide
AardrijkskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

4.1 Welvaart in de wereld

Slide 1 - Slide

Leerdoelen
Als je klaar bent met deze paragraaf:
  • weet je hoe je de welvaart in een land kunt meten;
  • kun je de wereld in drie groepen landen verdelen als je kijkt naar welvaart;
  • begrijp je het verband tussen de welvaart in een land en de verdeling van de beroepsbevolking.

Slide 2 - Slide

Wanneer kun je mensen in een land echt arm of rijk noemen en hoe meet je dat?
Denken/schrijven: zelf in stilte
Delen: in tweetallen bespreken
Uitwisselen: aan de klas vertellen
timer
2:00

Slide 3 - Slide

Wat betekent armoede voor jou?

Slide 4 - Mind map

Welvaart
Meten:
  • bruto binnenlands product per hoofd (bbp per hoofd)

  • verdeling van de beroepsbevolking 
Welvaart is de rijkdom van een land gemeten op basis van geld.

bbp/hoofd is al het geld wat er in een jaar verdiend wordt in een land, gedeeld door alle inwoners.

de beroepsbevolking: alle mensen in een land die kunnen en mogen werken

Slide 5 - Slide

In het denkbeeldige land Pompette zijn de totale inkomsten $500 000 000. Er wonen in het land 1 000 000 mensen.
Wat is het bbp per hoofd?

Slide 6 - Open question

Drie soorten landen 
lage-inkomenslanden
midden-inkomenslanden
hoge-inkomenslanden
lage-inkomenslanden
hoge-inkomenslanden
midden-inkomenslanden

Slide 7 - Slide

Mozambique hoort bij...
A
Lage-inkomenslanden
B
Midden-inkomenslanden
C
Hoge-inkomenslanden

Slide 8 - Quiz

Nederland hoort bij...
A
Lage-inkomenslanden
B
Midden-inkomenslanden
C
Hoge-inkomenslanden

Slide 9 - Quiz

China hoort bij...
A
Lage-inkomenslanden
B
Midden-inkomenslanden
C
Hoge-inkomenslanden

Slide 10 - Quiz

Drie soorten landen 
1 Lage-inkomenslanden = periferie 
Veel mensen hebben minder dan €1,70 per dag te besteden. Zij leven onder de: armoedegrens
Veel mensen werken in de: landbouw


2 Midden-inkomenslanden = semiperiferie 
Veel mensen ingeënt tegen ziekten, elektriciteit in huis en een telefoon. Niet genoeg goede ziekenhuizen, weinig mensen kunnen op vakantie.
Veel mensen werken in de: industrie

3 Hoge-inkomenslanden = centrumlanden
Genoeg eten en schoon drinkwater, veel mensen kunnen op vakantie.
Veel mensen werken in de: diensten

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Video

Lage-inkomenslanden
Midden-inkomenslanden
Hoge-inkomenslanden

Veel mensen hebben minder dan €1,70 per dag te besteden. 
semiperiferie 
Veel mensen leven onder de armoedegrens

Genoeg eten en schoon drinkwater, veel mensen kunnen op vakantie
Veel mensen werken in de industrie
Veel mensen werken in de: diensten
centrumlanden
Veel mensen ingeënt tegen ziekten, elektriciteit in huis en een telefoon. Niet genoeg goede ziekenhuizen, weinig mensen kunnen op vakantie.

Veel mensen werken in de landbouw

Slide 13 - Drag question

Slide 14 - Video

Aan de slag!
Lees paragraaf 4.1 
Maak de opdrachten. Werk in je boek. De online opdrachten kun je later gebruiken om te leren voor de toets.
Leer de begrippen bij 4.1

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Link

4.1 Welvaart in de wereld

Slide 17 - Slide