1AH - herhaling bron H/ bron C- c.3 ed.6.1 -

BONJOUR
Ga zitten en pak je schrift. 
Exercice 1:  Wat is een bezittelijk 
voornaamwoord ook al weer en wat is de regel om deze te gebruiken? Schrijf in eigen woorden op.

Exercice 2:
Welk bezittelijk voornaamwoord hoort in de zin?
1. Tu vois le chat? C'est (mijn).... chat.
2. (jouw) ....parents sont à Amsterdam?
3. (Onze)..... voiture est bleue.
4. On mange dans (haar) ..... restaurant.
5. Ils font (hun) ..... devoirs.
6. Madame Boulanger est (mijn) .....prof d'anglais.
timer
5:00
1 / 15
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 3

This lesson contains 15 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

BONJOUR
Ga zitten en pak je schrift. 
Exercice 1:  Wat is een bezittelijk 
voornaamwoord ook al weer en wat is de regel om deze te gebruiken? Schrijf in eigen woorden op.

Exercice 2:
Welk bezittelijk voornaamwoord hoort in de zin?
1. Tu vois le chat? C'est (mijn).... chat.
2. (jouw) ....parents sont à Amsterdam?
3. (Onze)..... voiture est bleue.
4. On mange dans (haar) ..... restaurant.
5. Ils font (hun) ..... devoirs.
6. Madame Boulanger est (mijn) .....prof d'anglais.
timer
5:00

Slide 1 - Slide

Discuter
Bespreek de antwoorden van de startopdracht met je buur. 

Exercice 1:  Wat is een bezittelijk 
voornaamwoord ook al weer en wat is de regel om deze te gebruiken? Schrijf in eigen woorden op.
Exercice 2:
Welk bezittelijk voornaamwoord hoort in de zin?
1. Tu vois le chat? C'est (mijn).... chat.
2. (jouw) ....parents sont à Amsterdam?
3. (Onze)..... voiture est bleue.
4. On mange dans (haar) ..... restaurant.
5. Ils font (hun) ..... devoirs).
6. Madame Boulanger est (mijn) .....prof d'anglais.
timer
1:30

Slide 2 - Slide

Planning

Uitleg werkwoordspelling 

Zelfstandig met de oefeningen aan de slag
Aujourd'hui
Jeudi 3 avril
1. But                                  
2. Phrases clés C
3. Travail en duo's      
4. Evaluation                       
But: Ik kan een é en een è goed uitspreken. Ik kan zeggen in welke klas ik zit in het Frans. Ik kan zeggen hoelaat het is.

Slide 3 - Slide

Toets chapitre 3
1TC: maandag 14 april
1AHA: maandag 14 april
1HA: dinsdag 15 april

Leerwerk: alle woordjes, alle zinnen en alle grammatica van hoofdstuk 3

Slide 4 - Slide

Accent grave 
et 
accent aigu
13b

Slide 5 - Slide

Accent grave 
et 
accent aigu
13b

Slide 6 - Slide

Accent grave 
et 
accent aigu
13c

Slide 7 - Slide

Accent grave 
et 
accent aigu
13e

Slide 8 - Slide

Parler
Gebruik de zinnen op blz. 110

Slide 9 - Slide

Les devoirs
Leer woordjes E
Havo: opdr. 21, 22a + 24ab
vwo: opdr. 21a, 22a, 23a, 24

Kijk je eigen werk ook na!

Slide 10 - Slide

Evaluation
But:  
Ik kan een é en een è goed uitspreken. 

Ik kan zeggen in welke klas ik zit in het Frans. 

 Ik kan zeggen hoe laat het is.

Slide 11 - Slide

Evaluation
But:  
Ik kan een é en een è goed uitspreken. 

école
père
élève


Slide 12 - Slide

Ik zit in de 1e klas.

Slide 13 - Open question

Hoelaat is het?

Slide 14 - Open question

Slide 15 - Slide