Plannen

Plannen
1 / 11
next
Slide 1: Slide
LOBPraktijkonderwijsLeerjaar 4

This lesson contains 11 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Plannen

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Video

Plannen
Doel van de les:
  • Wat is plannen eigenlijk?
  • Leren plannen van een activiteit
  • Leren plannen van een complexe taak op stage 
  • Een dagplanning maken op stage

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

Wat is plannen?
  • Het opdelen in stappen van een activiteit 
  • Het ordenen van stappen bij het uitvoeren van een taak
  • Het maken van een stappenplan
  • Het maken van een schema (bijvoorbeeld werkrooster)

Plannen doe je om te weten te komen hoeveel tijd je nodig hebt om een taak of activiteit uit te voeren. 


Slide 5 - Slide

Zet de stappen in de goede volgorde op je werkblad
  • Materialen klaarzetten
  • Eten koken
  • Afwassen en opruimen
  • Eten
  • Een recept uitzoeken
  • Boodschappen doen
  • Een boodschappenlijstje maken 

Slide 6 - Slide

Wat zou je doen als?
Daan heeft een drukke dag. Alles moet vandaag klaar, omdat hij er morgen niet is. Anders blijft het werk liggen. Daan is op tijd begonnen. Hij heeft ook maar heel kort pauze genomen. Toch merkt hij dat hij niet alles afkrijgt. Wat kan Daan doen?

Slide 7 - Open question

Wat zou je doen als?
Bram komt `s ochtends te laat op zijn werk. Hij heeft zich verslapen. Daardoor heeft hij het werkoverleg gemist. Hij weet niet precies wat hij vandaag moet doen. Maar hij begint gewoon maar ergens, want dan valt het niet zo op dat hij te laat is. Wat doet Bram fout?

Slide 8 - Open question

Wat zou je doen als?
Bram komt `s ochtends te laat op zijn werk. Hij heeft zich verslapen. Daardoor heeft hij het werkoverleg gemist. Hij weet niet precies wat hij vandaag moet doen. Maar hij begint gewoon maar ergens, want dan valt het niet zo op dat hij te laat is. Wat kan hij beter doen?

Slide 9 - Open question

Wat zou je doen als?
Annelies heeft de hele dag hard gewerkt. En vanavond moet ze leren voor een toets de ze morgen heeft. Ze best zenuwachtig. Dan vraagt haar leidinggevende of ze vanavond kan overwerken. Een collega is ziek en ze hebben zo snel geen vervanger. Welk probleem heeft Annelies?

Slide 10 - Open question

Wat zou je doen als?
Annelies heeft de hele dag hard gewerkt. En vanavond moet ze leren voor een toets de ze morgen heeft. Ze best zenuwachtig. Dan vraagt haar leidinggevende of ze vanavond kan overwerken. Een collega is ziek en ze hebben zo snel geen vervanger. Wat kan Annelies doen?

Slide 11 - Open question