This lesson contains 40 slides, with interactive quizzes, text slides and 6 videos.
Lesson duration is: 45 min
Items in this lesson
Welkom
§1.1 Wat heb je te besteden?
H1 Inkomen en welvaart
Slide 1 - Slide
Welke baan zou jij het liefst later willen hebben?
Slide 2 - Open question
Met welk salaris ben jij later tevreden?
2000- 3000
3100- 4000
4100 of meer
Slide 3 - Poll
Primaire behoeften
Secundaire behoeften
Slide 4 - Drag question
Prioriteit
Zelfvoorziening
Welvaart
Je voorziet in je behoefte zonder wat te kopen!
Kiezen wat voor jou het belangrijkste is
De mate waarin je in je behoefte kunt voorzien
Slide 5 - Drag question
consumeren
produceren
Het maken van goederen en diensten
Het gebruiken van goederen en diensten
Slide 6 - Drag question
§1.1 Wat heb je te besteden?
Theorie
Slide 7 - Slide
Lesdoelen
Je leert in deze paragraaf:
• wat voor verschillende soorten inkomens er zijn
• waardoor je koopgedrag kan veranderen
• waarom bepaalde doelgroepen belangrijk zijn
• dat jouw aankopen gevolgen hebben voor anderen en voor het milieu.
Slide 8 - Slide
Soorten inkomens
Slide 9 - Slide
Slide 10 - Slide
Wat is GEEN overdrachtsinkomen?
A
Kinderbijslag
B
Winst
C
Studiefinanciering
D
Huurtoeslag
Slide 11 - Quiz
Slide 12 - Slide
Slide 13 - Video
Doelgroep
Slide 14 - Slide
Geld besteden
Slide 15 - Slide
Slide 16 - Slide
Slide 17 - Slide
Slide 18 - Slide
Slide 19 - Slide
Slide 20 - Slide
Welke behoeftes heb jij als jij 20 jaar bent (waarschijnlijk)?
Slide 21 - Open question
Vragen
Kan je de theorie toepassen?
Slide 22 - Slide
Slide 23 - Video
Inkomen uit arbeid
Inkomen uit bezit
Overdrachtsinkomen
Slide 24 - Drag question
Voorbeelden van primaire inkomens zijn:
A
loon, huur en WW-uitkering
B
winst, rente en huur
C
Wlz-uitkering, AOW-uitkering en WW-uitkering.
D
AOW-uitkering, pacht en loon
Slide 25 - Quiz
Inkomensverdeling nadat de overheid heeft ingegrepen
A
Primaire inkomensverdeling
B
Secundaire inkomensverdeling
Slide 26 - Quiz
Een doelgroep is:
A
alle keepers bij balsporten
B
Een groep mensen die hetzelfde doel hebben
C
Een groep mensen die dezelfde kenmerken hebben
D
Alle mensen die zorgen voor een goed doel
Slide 27 - Quiz
Duurzaam produceren is
A
Het hergebruik van stoffen
B
Productie wat veel kost
C
Produceren zonder schade voor het milieu
D
Produceren voor het milieu
Slide 28 - Quiz
Milieuvervuiling is vaak afkomstig van bedrijven. De overheid wil bedrijven stimuleren schoner te produceren, om zo een schonere wereld te krijgen. Daarvoor zijn de volgende tussenstappen nodig.
Welke volgorde van tussenstappen geldt voor een vervuilend bedrijf dat van de overheid schoner moet gaan produceren?
1
2
3
Duurzaam produceren
Milieuregels
Investeren in milieuvriendelijke aanpassingen
Slide 29 - Drag question
Leerdoelen waren voor mij duidelijk.
😒🙁😐🙂😃
Slide 30 - Poll
Kan je verschillende soorten inkomens beschrijven?
Ja
Nee
Ik moet hier nog op studeren
Slide 31 - Poll
Kan je uitleggen waardoor je koopgedrag kan veranderen?
Ja
Nee
Ik moet hier nog op studeren
Slide 32 - Poll
Kan je uitleggen waarom bepaalde doelgroepen belangrijk zijn.
Ja
Nee
Ik moet hier nog op studeren
Slide 33 - Poll
Kan je uitleggen dat jouw aankopen gevolgen hebben voor anderen en voor het milieu.