Signaalwoorden voor CE Lezen luisteren

Signaalwoorden
voor het CE Lezen/Luisteren
1 / 9
next
Slide 1: Slide
NederlandsMBOStudiejaar 2

This lesson contains 9 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Signaalwoorden
voor het CE Lezen/Luisteren

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Een verband kan zijn:

  • Volgorde: eerst, daarna, tenslotte.
  • Opsomming: en, ook.
  • reden of argument: want, omdat.
  • tegenstelling: maar, echter, toch.
  • oorzaak-gevolg: doordat, waardoor, daardoor.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Tegenstelling
Oorzaak - gevolg
Toelichting
Doel - middel
Samenvatting
Conclusie
daarvoor, zodat
hoewel, maar, toch
dus, kortom
doordat, waardoor
kortom, al met al, met andere woorden
bijvoorbeeld, zoals

Slide 3 - Drag question

Verbanden en signaalwoorden
Welke signaalwoorden gebruik je voor
een tegenstelling?

Slide 4 - Mind map

maar, echter, niettemin, desondanks, hoewel, toch
Welke signaalwoorden gebruik je voor
een opsomming?

Slide 5 - Mind map

Eerst, vervolgens, bovendien, daarna, ten slotte
Welke signaalwoorden gebruik je voor
een oorzaak-gevolg?

Slide 6 - Mind map

doordat, waardoor, als gevolg van
Welke signaalwoorden gebruik je voor
een samenvatting?

Slide 7 - Mind map

kortom, samengevat, met andere woorden, al met al
Welke signaalwoorden gebruik je voor
een conclusie?

Slide 8 - Mind map

dus, kortom, hieruit volgt
Oefenen
https://maken.wikiwijs.nl/76964/Tekstverbanden_en_signaalwoorden#!page-1952506

Slide 9 - Slide

This item has no instructions