This lesson contains 34 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.
Lesson duration is: 45 min
Items in this lesson
2.4 De economische wereldcrisis
Slide 1 - Slide
In 1929 stortte de Amerikaanse economie plotseling volledig in. Bedrijven konden hun spullen niet meer kwijt en miljoenen mensen werden werkloos. Velen moesten hun huis verlaten en konden alleen nog maar terecht in een simpele hut aan de rand van de stad. De ellende was onvoorstelbaar. Het zou meer dan tien jaar duren voordat de Amerikaanse economie helemaal was opgekrabbeld en deze Hoovervilles langzaam verdwenen.
Hoe kon de Amerikaanse economie zo snel instorten? En welke gevolgen had deze gebeurtenis voor de Verenigde Staten en de rest van de wereld?
Slide 2 - Slide
Slide 3 - Slide
Kapitalistische economie VS
Mensen kunnen een aandeel in een bedrijf kopen.
Voor een deel eigenaar -> meedelen in de winst
Als een bedrijf het goed doet, stijgt de waarde van een aandeel.
Op de aandelenbeurs kan iemand zijn aandeel dan met winst verkopen.
Slide 4 - Slide
Wat ging er aan vooraf?
- VS verdient veel geld in WO I door vrijemarkteconomie
- Consumptiemaatschappij, 'American dream'
- VS leent geld aan Europa (Duitsland)
1920-> vertrouwen in de economie
En dan wordt het 'zwarte donderdag...' -> weg vertrouwen -> 2 oorzaken:
Slide 5 - Slide
Amerikaanse boeren leende veel geld -> Uitbreiding -> Te veel voedsel -> Prijsdaling
Niet alleen boeren raakten in de problemen, maar ook de banken die het geld hadden uitgeleend.
Slide 6 - Slide
Veel Amerikanen hadden dure goederen gekocht-> Lening Consumenten -> Meer schuld
De grens leek nu bereikt: mensen werden voorzichtiger met geld uitgeven en de verkopen zakten in.
Paniek
Slide 7 - Slide
Beurskrach 1929
24 oktober 1929: Black Thursday
De beurs stort in.
Grote plotselinge daling van de aandelenkoersen.
Slide 8 - Slide
Wereldcrisis
Waar haalt de VS als eerste zijn geld weer terug?
Europa en vooral Duitsland!
De rest van Europa ook in crisis
Slide 9 - Slide
Slide 10 - Slide
Slide 11 - Video
Hoe ontstond de crisis?
1. Aandelenmarkt stort in
2. Mensen kunnen schulden niet meer betalen
3. Banken gaan failliet
4. Mensen kunnen geen spullen meer kopen
5. Bedrijven blijven zitten met spullen en gaan failliet
6. Mensen raken werkeloos
Slide 12 - Slide
Beurskrach-> Economische crisis;
Een periode waarin het slecht gaat met de economie en waarin sprake is van grote werkloosheid.
Duizenden bedrijven gingen failliet en miljoenen Amerikanen raakten werkloos.
Slide 13 - Slide
Aan de slag
§2.4 A: Opdracht 2 t/m 4 -> laptop of boek
Klaar?
Beantwoord leerdoel A (= Samenvatten)
timer
10:00
Slide 14 - Slide
Slide 15 - Video
Log in bij Lessonup -> Eigen naam (smiley/teken mag)
Slide 16 - Slide
Beurskrach ??
Slide 17 - Mind map
Slide 18 - Video
Slide 19 - Slide
Beurskrach -> 'stockmarket'
Zwarte Donderdag 24 oktober 1929: beurskrach
Verkoop aandelen → Koersen dalen (Paniek) → Meer verkoop
Bedrijven en banken gaan failliet: grote werkloosheid
Schulden aandelen kunnen niet worden afbetaald
Banken failliet
Daling van de handel zorgt voor een economische wereldcrisis.
Slide 20 - Slide
Armoede en ellende -> Hoovervilles
Slide 21 - Slide
Wereldwijde crisis
Wereldhandel verbonden -> Europese bedrijven lijden
VS verhoogt importbelasting (protectionisme) doel -> Producten uit eigen land halen -> Inzakkende handel minder
Andere landen reageren met dezelfde maatregelen -> Wereldhandel stort in.
Economische politiek die de nationale economie wil beschermen tegen concurrentie vanuit andere landen, bijvoorbeeld door middel van hoge importbelastingen.
In 1933-1945: Franklin Delano Roosevelt gekozen als president van de Verenigde Staten.
Hij komt met het programma New Deal.
Slide 24 - Slide
'New Deal' -> geeft hoop?
Subsidies banken -> Niet failliet (strenge regels)
Subsidie landbouw om minder te produceren -> voedsel prijzen stijgen en boeren normaal loon.
Beter betalen arbeiders
Werkgelegenheidsprojecten -> Bruggen, vliegvelden, scholen en ziekenhuizen, kunstenaars projecten.
Enigszins herstel, werkloosheid bleef hoog tot na 1940.
Slide 25 - Slide
Republikeinen
Conservatief
Weinig ingrijpen in de overheid
Weinig belasting
Traditionele normen en waarden
Democraten
Progressief
Overheid moet enigszins ingrijpen
Belasting naar ratio van inkomen
Slide 26 - Slide
Franklink Delano Roosevelt ?
A
Republikein
B
Democraat
Slide 27 - Quiz
Herbert Hoover?
A
Republikein
B
Democraat
Slide 28 - Quiz
Donald Trump
A
Republikein
B
Democraat
Slide 29 - Quiz
Reeks van maatregelen waarmee de Amerikaanse president Franklin Roosevelt de economische crisis in zijn land wilde oplossen.
A
New York
B
New Deal
C
Beurskrach
D
Hoovervilles
Slide 30 - Quiz
Economische politiek die de nationale economie wil beschermen tegen concurrentie vanuit andere landen, bijvoorbeeld door middel van hoge importbelastingen.
A
New Deal
B
Beurskrach
C
Protectionisme
D
Economische crisis
Slide 31 - Quiz
Een grote en plotselinge daling van de aandelenkoersen.