Cette leçon contient 14 diapositives, avec diapositives de texte.
La durée de la leçon est: 50 min
Éléments de cette leçon
Programma
Vragen over huiswerk
Opalen kennis 2-1 t/m 2-5
Oefenen voor de toets
Huiswerk
Evaluatie
Slide 1 - Diapositive
Vragen?
Slide 2 - Diapositive
2-1
Welke soorten hoeken ken je en hoe groot zijn ze?
Welke eigenschappen van bijzondere figuren ken je? * vierkant * rechthoek * gelijkbenige / rechthoekige / gelijkzijdige driehoek * vlieger * parallellogram * ruit (denk aan symmetrie, lengte van de zijden, grootte van de hoeken)
Slide 3 - Diapositive
Slide 4 - Diapositive
2-1
Wat wordt bedoeld met: * F-hoeken * Z-hoeken * overstaande hoeken?
Wat weet je van de som van de hoeken: * in een driehoek * in een vierhoek
Wat wordt bedoeld met de deellijn van een hoek?
Slide 5 - Diapositive
2-2
Wat weet je van spiegelsymmetrie/lijnsymmetrie?
Welke handelingen moet je verrichten bij het tekenen van een spiegelbeeld?
Wat weet je van draaisymmetrie?
Hoe bereken je de kleinste draaihoek?
Slide 6 - Diapositive
2-3
Hoe teken je een driehoek als je de lengte van de 3 zijden kent? (dus wat moet je doen)
Hoe teken je een driehoek als je de lengte van 1 zijde en de grootte van 2 hoeken krijgt?
Waarom maak je eerst een schets? Hoe maak je een schets?
Wat wordt bedoeld met de hoogtelijn van een driehoek?
Hoe bereken je de oppervlakte van een driehoek?
Slide 7 - Diapositive
2-4
Teken een snavelbekfiguur
Geef letters aan de hoeken
Waarom zijn de driehoeken gelijkvormig?
Benoem alle overeenkomstige zijden
Benoem alle overeenkomstige hoeken
Maak en bijbehorende tabel
Teken een zandloperfiguur, voer dezelfde opdrachten uit als hierboven.
Slide 8 - Diapositive
2-4
Wat gebeurt er met de oppervlakte van een figuur als de lengte van de zijden 2x zo groot wordt?
Wat gebeurt er met de oppervlakte van een figuur als de lengte van de zijden 3x zo groot wordt?
Wat gebeurt er met de oppervlakte van een figuur als de lengte van de zijden 5x zo groot wordt?
Slide 9 - Diapositive
2-5
Wat wordt bedoeld met de tangens van een hoek?
In welke driehoeken mag je rekenen met de tangens?
Wat kun je berekenen met de tangens?
Slide 10 - Diapositive
2-5
Schrijf zo veel mogelijk trucs / handigheidjes op om in een rechthoekige driehoek een hoek te berekenen. (minimaal 5)
Slide 11 - Diapositive
2-5
Schrijf zo veel mogelijk trucs / handigheidjes op om in een rechthoekige driehoek een zijde te berekenen. (minimaal 2)